RHIB-motorboot

De RHIB is een kleine, wendbare en snelle motorboot. De RHIB’s (rigid hull inflatable boat) worden voor een groot aantal taken ingezet. Met name als bijboot van grote bovenwaterschepen voor anti-drugsoperaties, rivieroperaties en boardings op zee (aan boord gaan van verdachte schepen).

Daarnaast gebruikt de Brigade Speciale Beveiligingsopdrachten van de Koninklijke Marechaussee 2 RHIB’s voor onder meer grensbewakingsoperaties en speciale beveiligingsopdrachten.

Specificaties

  • lengte: 7 meter
  • breedte: 2.6 meter
  • hoogte: 2.8 meter
  • gewicht: 2.200 kilo
  • maximum snelheid: 32 knopen (59 kilometer per uur)
  • actieradius: 100 mijl (185 kilometer)
  • vermogen: 225 pk, inboard diesel met waterjet (marine-RHIB)
  • vermogen: 230 pk, 2 buitenboordmotoren 115 pk (marechaussee-RHIB)
  • bemanning: 2
  • materiaal: polyester
  • bewapening: optioneel MAG-middelzwaar machinegeweer 
  • communicatieapparatuur: draagbare VHF-radio (very high frequency
  • aantal: 24
  • in gebruik bij: Koninklijke Marine en Koninklijke Marechaussee
  • bijzonderheden:
    o    De Belgische marine nam in 2007 en 2008 2 RHIB’s 2000D over voor de 2 van Nederland aangekochte multipurpose-fregatten.
    o    De boten zijn flexibel inzetbaar doordat alle zitplaatsen volledig verwijderd kunnen worden om plaats te maken voor andere belading. De vaartuigen zijn per trailer te vervoeren over de weg.
    o    Om een RHIB te mogen besturen, moet iemand een speciale opleiding volgen.

Typen

Er zijn 3 typen: de RHIB 700, 2000 en 2000D. Ze worden allemaal voor dezelfde taken gebruikt. De 2000D is de opvolger van de 2000 (4 stuks) en vervangt de 700. De marine heeft nog een aantal RHIB 700’s, maar dit type wordt uitgefaseerd.

De RHIB 2000 heeft een Volvo Penta motor, de RHIB 2000D een maritieme versie van de Volkswagen Touareg-motor.

Inzet

In het verleden dienden de RHIB’s als crashboot om te water geraakte boordhelikopters snel te hulp te schieten. Tegenwoordig worden de RHIB’s breed ingezet, zoals voor het redden van drenkelingen, het verslepen van reddingsvlotten, personentransport, boardings bij scheepvaartcontroles en antipiraterij-operaties.

Alle grote bovenwaterschepen hebben RHIB’s aan boord, behalve de patrouilleschepen. Deze gebruiken de FRISC als bijboot. Elk groot bovenwaterschip heeft standaard 2 RHIB’s aan boord. Bij antipiraterij-acties zijn dit er 3 à 4.

Havenbescherming en grensbewaking

De Defensie Duikgroep (DDG) gebruikt 2 RHIB’s 2000D voor havenbescherming. De marechaussee zet ook RHIB’s in voor grensbewakingsoperaties van Frontex. Dit is het Europese agentschap dat de lidstaten ondersteunt bij het bewaken van de buitengrenzen. Zo brachten 2 marechaussees van juli tot en met oktober 2015 de illegale migratiestromen in kaart met een RHIB vanaf het Griekse eiland Chios.

Verschil met Frisc

Het verschil tussen de FRISC en een RHIB 2000D zit in de grootte (12 meter versus 7 meter) en de snelheid (45 knopen versus 32 knopen). Omdat de FRISC groter is dan de RHIB heeft deze boot betere vaareigenschappen voor op zee. Bij hoge golven kan het langer een hoge snelheid volhouden. De kleinere RHIB is dan weer beter handelbaar en makkelijker te hijsen. Omdat er bij de RHIB geen schroef in het water hangt, is deze veiliger voor het redden van drenkelingen.