Ceremonieel tenue

Elke operatie vraagt om een speciale outfit. Tijdens het optreden in bijvoorbeeld Afghanistan leek de commando nog veel op een normale infanterist. Om na een parachutesprong boven zee een doel op de kust aan te vallen, zijn er nogal wat zaken nodig. Daarom beschikt de commando over een high tech uitrusting. Maar soms vergt de dienst zijn netste pak, het ceremonieel tenue.

Uniformtraditie

Korps Commandotroepen bestaat nog maar sinds de Tweede Wereldoorlog (1939-1945). Toch volgt het met de ceremoniële uitmonstering een veel oudere uniformtraditie van de infanterie. Dat grijpt terug op het ‘blauwe’ gevechtstenue dat in 1912 werd afgeschaft.

De uniformjas is net als de broek blauwzwart. De kleur van de biezen is natuurlijk groen, net als de baret en het fluitkoord. Om de linker schouder wordt de commandonestel gedragen. Ook deze is groen.

Commando's opgesteld in uniform.
Het ceremonieel tenue.

Toebehoren

Op het hoofd komt de zogeheten ‘geconfectioneerde baret’. Die is net als de commandobaret groen, maar de vorm is anders. De Britse veldbaret uit de Tweede Wereldoorlog stond er model voor. Het korpsembleem ontbreekt natuurlijk niet. Op het baretembleem is een zwarte pluim bevestigd. Die is wat korter dan bij andere eenheden.

Het lederwerk – de broeksriem dus – is zwart, maar officieren dragen een oranje sjerp. Aan de riem mag de commandodolk natuurlijk niet ontbreken. Officieren van het korps dragen een wandelsabel naar een model uit 1912.

Als er een ‘lang wapen’ wordt gedragen, dan is het de Heckler & Koch HK416. Dit geweer is het standaardwapen van de commando’s. De vaandelwacht draagt overigens sinds jaar en dag een oud-gediende: een Thompson-pistoolmitrailleur.