Compensatie door Defensie vanwege ophogen AOW-leeftijd

Door het ophogen van de AOW-leeftijd kunnen voormalig burgermedewerkers en militairen te maken krijgen met een ‘AOW-gat’. Daardoor ontvangt iemand vanaf zijn 65e een bepaalde tijd nog geen AOW-uitkering van het Rijk (de Sociale Verzekeringsbank), terwijl bijvoorbeeld het wachtgeld of de UGM-uitkering is gestopt. Defensie heeft besloten de compensatieregeling voor burgermedewerkers en militairen met een AOW-gat te verhogen van 90% naar 100%. Dat staat in de Defensienota 2018.

Het is op dit moment niet bekend wanneer de verhoging kan worden uitgevoerd. ABP zoekt dat nu uit. Zodra daarover duidelijkheid is, wordt dat op deze pagina gecommuniceerd. De oud-medewerkers die een nabetaling ontvangen, krijgen hierover ook schriftelijk bericht van ABP.

Op deze pagina leest u hoe Defensie de financiële gevolgen van de opgehoogde AOW-leeftijd compenseert.

De compensatieregeling bestaat uit 3 componenten:

  1. Een bruto tegemoetkoming die een netto uitkering oplevert die even hoog is als de netto AOW-uitkering inclusief vakantiegeld;
  2. Voor burgermedewerkers een financiële compensatie voor het eventueel eerder, bij 65 jaar, laten ingaan van het ABP-ouderdomspensioen (ongeacht of het pensioen daadwerkelijk eerder ingaat);
  3. Het kan zijn dat het totaalbedrag van de 2 voorgaande componenten, vermeerderd met het ABP-pensioen dat bij 65 ingaat, netto minder is dan de gerechtvaardigde aanspraak. In dat geval volgt een aanvullende compensatie tot 100% van de gerechtvaardigde aanspraak. De gerechtvaardigde aanspraak is het bedrag van de gecombineerde netto pensioen- en AOW-uitkeringen die bij 65 jaar zouden zijn uitgekeerd als de AOW-leeftijd (voor burgermedewerkers en militairen) en pensioenleeftijd (voor burgermedewerkers) nog steeds 65 jaar was geweest.

Toelichting 1. Netto-compensatie van de AOW-uitkering

ABP keert namens Defensie  een bruto ‘tegemoetkoming AOW-hiaat’ uit die netto even hoog is als de netto AOW-uitkering inclusief vakantiegeld.

Hoe wordt de ‘tegemoetkoming AOW-hiaat’ berekend?

Eerst wordt de netto AOW-uitkering bepaald die u krijgt vanaf uw AOW-leeftijd. Dit is het netto doelbedrag voor de compensatie. Het netto bedrag wordt berekend door van het brutobedrag de loonheffing en inkomensafhankelijke bijdrage Zorgverzekeringswet af te trekken.

Vervolgens wordt berekend hoe hoog de bruto tegemoetkoming in de periode van het AOW-hiaat moet zijn, om uit te komen op het netto doelbedrag.

Bij de berekening wordt uitgegaan van de belastingtarieven in de 1e schijf en de heffingskortingen die horen bij iemands situatie. Op basis van de belastingtarieven 2018 en de AOW-bedragen per 1 januari 2018 leidt dit tot een maandelijkse bruto tegemoetkoming van circa € 1.074 als u gehuwd bent of samenwoont. Bent u alleenstaand, dan bedraagt de maandelijkse bruto tegemoetkoming € 1.708.

Gehuwd

Alleenstaande

Bruto

Netto

Bruto

Netto

AOW-uitkering SVB (vanaf AOW)

 €          859

 €          811

 €       1.245

 €       1.175

Tegemoetkoming AOW-hiaat

 €       1.074

 €          811

 €       1.708

 €       1.175

Toelichting 2. Compensatie ABP-ouderdomspensioen

Burgermedewerkers krijgen daarnaast een financiële compensatie voor het mogelijk vervroegd (bij 65 jaar) laten ingaan van het ABP-ouderdomspensioen.

In de ABP pensioenregeling worden pensioenaanspraken opgebouwd, die het ABP na pensionering in maandelijkse termijnen uitbetaalt zolang iemand leeft.

De pensioenaanspraken die bij ABP zijn opgebouwd tot 2014 hebben een beoogde ingangsleeftijd (de pensioenrichtleeftijd) van 65 jaar. Door wetswijzigingen is die beoogde ingangsleeftijd verhoogd naar 67 jaar voor pensioenaanspraken die zijn opgebouwd tussen 2014 en 2018 en naar 68 jaar voor pensioenaanspraken die zijn opgebouwd vanaf 2018.

Als het ABP ouderdomspensioen op 65 jaar ingaat, terwijl de vanaf 2014 opgebouwde pensioenaanspraken een beoogde ingangsleeftijd van 67 respectievelijk 68 jaar hebben, worden deze maandelijks uit te betalen pensioenaanspraken voor de volledige looptijd van uw pensioen verlaagd.

Burgers krijgen hiervoor een (bruto) compensatie. De compensatie is in waarde gelijk aan het verschil tussen de totale (levenslange) pensioenaanspraak en wat de totale pensioenaanspraak geweest zou zijn als de ingangsleeftijd niet was verhoogd.

De compensatie wordt, mede omwille van de uitvoerbaarheid, uitgekeerd in maandelijkse gelijke termijnen in de periode tussen uw 65-jarige leeftijd en uw AOW-leeftijd. Iemand ontvangt in die periode dus meer dan diegene eigenlijk aan pensioen zou ontvangen. Dit omdat de gehele compensatie in de periode van het AOW-hiaat (in gelijke termijnen) wordt uitgekeerd in plaats van kleinere maandbedragen voor de rest van iemands leven.

Overigens kan de pensioenrichtleeftijd in de toekomst verder stijgen, bij een stijging van de algemene levensverwachting. Bij het bepalen van de (hoogte van de) compensatie wordt hiermee rekening gehouden.

Voorbeeldberekening

Burger met WW-plus uitkering, geboren op 1 januari 1961

Een burger bij Defensie heeft tot 2014 een maandelijkse bruto pensioenuitkering opgebouwd van € 1.427. De jaarlijkse pensioenopbouw vanaf 2014 bedraag € 22 bruto per maand. Als de beoogde ingangsleeftijd niet zou zijn gestegen, zou het ABP het totale bedrag van € 1.691 bruto per maand uitkeren vanaf de 65-jarige leeftijd.

Door de stijging van de ingangsleeftijd moet het pensioen dat vanaf 2014 is opgebouwd worden verlaagd als het vanaf 65 jaar wordt uitbetaald. Anders keert ABP immers meer uit dan waarvoor is gereserveerd. De totale pensioenuitkering daalt daardoor met € 42 tot € 1.649. Het pensioen dat is opgebouwd tot 2014 blijft gelijk; dat had immers al een beoogde ingangsleeftijd van 65 jaar.

De waarde van de verlaging van de levenslange maandelijkse uitkering met € 42 is circa € 8.444. Deze waarde wordt als compensatie aan burgers uitbetaald in de periode van het AOW-hiaat. Bij een AOW-hiaat van 33 maanden bedraagt de pensioencompensatie dan € 256 bruto per maand.

Toelichting 3. Eventueel aanvulling tot 100% van de gerechtvaardigde aanspraak

Het kan zijn dat het inkomen met de componenten 1 en 2 toch nog minder bedraagt dan het netto inkomen dat zou zijn uitgekeerd bij de oorspronkelijke AOW-en pensioenleeftijd van 65 jaar (de gerechtvaardigde aanspraak). In dat geval compenseert Defensie extra tot aan het niveau van 100% van de gerechtvaardigde aanspraak.

Hoe werkt de aanvulling tot 100%?

Voor de aanvulling tot 100% wordt iemands totale netto-inkomen vergeleken met de zogeheten ‘gerechtvaardigde aanspraak’: dit is het bedrag van de gecombineerde netto pensioen- en AOW-uitkeringen die bij 65 jaar zouden zijn uitgekeerd als de AOW-leeftijd en pensioenleeftijd nog steeds 65 jaar zouden zijn geweest. Het totale netto-inkomen dat hiermee wordt vergeleken bestaat uit de tegemoetkoming AOW-hiaat, de pensioencompensatie (voor burgers) en het ABP-pensioen (bij ingang 65 jaar). Wanneer dit totale netto inkomen lager is dan de gerechtvaardigde aanspraak, vult Defensie aan tot 100% van de gerechtvaardigde aanspraak.

Inkomensoverzicht

ABP verstrekt kort voor het moment dat de leeftijd van 65 jaar wordt bereikt een toekenningsbrief. Hierin staat meer informatie over de hoogte van de individuele AOW-gatcompensatie en een toelichting op opbouw daarvan.