MIVD onderzoekt langdurig verblijf in het buitenland

Als de MIVD een veiligheidsonderzoek naar u doet, kijkt ze ook of u afgelopen periode in het buitenland bent geweest. De MIVD onderzoekt dit en probeert een zo compleet mogelijk beeld van u te krijgen als (kandidaat-)vertrouwensfunctionaris. De MIVD toetst alle verblijven van langer dan 6 maanden, en kijkt bijvoorbeeld naar de bestemming en de reden van het verblijf. Ook kortere verblijven kan de MIVD onderzoeken.

Navraag buitenland

De MIVD werkt voor veiligheidsonderzoeken met veel landen samen. Maar er zijn ook landen waarmee de MIVD niet samenwerkt. Redenen hiervoor kunnen zijn:

  • de inlichtingen- en/of veiligheidsdienst werkt in een ondemocratische overheidsstructuur;
  • de kwaliteit en betrouwbaarheid van de gegevens die deze dienst verstrekt;
  • hoe de dienst mensenrechten respecteert;
  • hoe de dienst omgaat met vertrouwelijke gegevens.

Als er een samenwerking bestaat met de dienst van het land, wordt daar een opdracht voor informatie uitgezet. Daarnaast is de MIVD afhankelijk van de informatie die u of uw partner aanlevert, zeker als de samenwerkingsrelatie ontbreekt. Enkele voorbeelden zijn:

  • een officieel overzicht van (het ontbreken van) justitiële antecedenten uit het betreffende land;
  • werkgeversverklaringen;
  • een bewijs van (hotel)overnachting;
  • een uittreksel geboorteregister.

Deze informatie wordt gecontroleerd en meegenomen in de beoordeling.
Bij het veiligheidsonderzoek wordt dus ook iets verwacht van u of uw partner.

Informatie opvragen in het buitenland kan lang duren

Als de MIVD informatie in het buitenland moet opvragen kan dat in sommige gevallen lang duren. Hierdoor is de wettelijke behandeltermijn van 8 weken niet haalbaar. De MIVD laat u dit weten met een brief.

Reden voor weigering

Als het toch niet lukt om een compleet beeld te krijgen van u als (kandidaat-)vertrouwensfunctionaris dan zijn er te weinig gegevens om een oordeel te geven. De verklaring van geen bezwaar (VGB) wordt dan geweigerd of ingetrokken. Dit is het beleid dat vanaf 1 januari 2021 geldt.