LCU-landingsvaartuig (materieel)

Het Landing Craft Utility (LCU) Mark II is het grootste landingsvaartuig van de marine. Het is vooral bestemd voor het vervoer van (zwaar) materieel vanaf de amfibische transportschepen naar een strand en terug. Het kan ook personeel vervoeren.

Specificaties

  • gewicht: 255 ton
  • belading: 65 ton
  • maximaal gewicht op de klep: 65 ton
  • capaciteit: 3 trucks, 2 pantservoertuigen, een BARV (beach armoured recovery vehicle) of 130 volledig bepakte mariniers
  • bemanning: 5
  • lengte: 36,30 meter
  • breedte: 6,85 meter
  • hoogte: 8,5 meter
  • diepgang achter: 1,4 meter
  • diepgang voor: 0,85 meter
  • bewapening = 2 x Browning M2-zwaar machinegeweer
  • in gebruik bij: Koninklijke Marine, Korps Mariniers

Verder op het strand

Met de komst van het amfibisch transportschip Rotterdam in 1998 ontstond de behoefte aan de huidige landingsvaartuigen. Tot 2005 was de Mark I in gebruik. In 2005 en 2006 zijn deze vaartuigen gemoderniseerd tot de Mark II, mede door ze met 9 meter te verlengen. De LCU’s kunnen hierdoor 20 ton meer meevoeren, maar ook is de diepgang verminderd. Hierdoor kunnen ze verder op het strand landen.

De Rotterdam kan 2 LCU- en 3 LCVP-landingsvaartuigen in zijn interne dok meevoeren. De Johan de Witt 2 LCU’s en 4 LCVP’s.

Roll-on roll- off

De LCU is gebaseerd op het RORO-principe (roll-on roll- off). Dat betekent dat een voertuig het vaartuig aan de ene kant oprijdt en er aan de andere kant af kan rijden. Het staat dus altijd met de neus de goed kant op.

Hoort bij