De marine heeft 2 amfibische transportschepen, Zr.Ms. Rotterdam en Zr.Ms. Johan de Witt. De belangrijkste taak is het ondersteunen van amfibische operaties, op de grens van land en water. De schepen kunnen zonder haven personeel en goederen aan land brengen. De schepen kunnen daarnaast dienst doen als varend commandocentrum voor het aansturen van grootschalige amfibische en maritieme operaties.
Het kan dat actuele informatie nog niet is toegevoegd op deze pagina.
Specificaties
| Specificatie |
Zr.Ms. Rotterdam |
Zr.Ms. Johan de Witt |
|---|---|---|
| bemanningsleden | 150 | 146 |
|
passagiers | 517 (mariniers, andere opstappers) | 555 |
| waterverplaatsing | 12.750 ton | 15.500 ton |
| lengte | 166 meter | 176 meter |
| breedte | 27 meter | 29 meter |
| diepgang | 6 meter | 6 meter |
| voortstuwing | 4 x Stork Wärtsilä, totaal 19.800 pk, 2 x HEM (hoofd elektromotoren) | 4 x Stork Wärtsilä, totaal 19.800 pk, POD (Podded Propulsers) |
| snelheid | 21 knopen | 19 knopen |
| bewapening |
|
|
| sensoren |
|
|
| helikopters |
6 NH90-, Cougar- of Chinook-helikopters | 6 NH90-, Cougar- of Chinook-helikopters |
|
landingsvaartuigen | 4 tot 5 | 4 tot 6 |
Geen haven nodig
De amfibische transportschepen worden ook wel Landing Platform Docks (LPD) genoemd.
Om zonder haven personeel en goederen aan land te brengen, kan de achterzijde van het schip tot 4 meter zakken. Zo stroomt water het inwendige dok binnen en kunnen de meegevoerde landingsvaartuigen van het LPD uitvaren. De Rotterdam kan 2 LCU- en 3 LCVP-landingsvaartuigen in zijn interne dok meevoeren. De Johan de Witt 2 LCU’s en 4 LCVP’s.
De amfibische transportschepen zijn in staat een bataljon van 610 mariniers te transporteren en aan land te zetten (debarkeren), inclusief voorraden voor 10 dagen. LPD's worden ook ingezet bij crisisbeheersingsoperaties, natuurrampen en evacuaties. Op het (helikopter)dek kunnen 2 helikopters landen.
Zelfvoorzienend
Een LPD is zonder problemen een maand lang zelfvoorzienend. Dit betekent dat er voorraden voor een compleet mariniersbataljon en voor de bemanning aan boord zijn. Ook heeft het schip een ontziltingsinstallatie waarmee drinkwater uit zout zeewater kan worden gemaakt.
LPD's beschikken bovendien over operatietafels, intensive care bedden, behandelkamers en een noodhospitaal voor 100 patiënten.
Landingsvaartuigen
Elke LPD beschikt over 4 landingsvaartuigen van het type Landing Craft Vehicle and Personnel (LCVP) of van het type Landing Craft Utility (LCU). Daarnaast kan een LPD vrijwel elk type voertuig transporteren. Er is ruimte voor 32 tanks van het type Leopard 2-gevechtstank en Patriot-luchtafweerraketsystemen.
Video: Amfibische transportschepen

De amfibische transportschepen van de Koninklijke Marine zijn de schakel tussen zee- en landoperaties. En zorgen dat mariniers op de grens van water en land kunnen opereren. Zr.Ms. Rotterdam en Johan de Witt leveren vanaf zee ondersteuning aan amfibische operaties. Hun hoofdtaak is het aan land brengen van 600 gevechtsklare mariniers. Ook dienen ze als commandoplatform voor grootschalige amfibische operaties en operaties op zee. Ze kunnen ook worden ingezet in conflictsituaties, bijvoorbeeld voor evacuaties of het bieden van humanitaire noodhulp.
De schepen zijn vliegveld, haven, parkeerplaats en ziekenhuis in een. Met een ruim helikopterdek waar 2 helikopters tegelijkertijd kunnen opereren. Een groot inwendig dok waar mariniers met landingsvaartuigen en rubberboten in en uit kunnen varen. Een voertuigendek met ruimte voor zo'n 2 kilometer aan voertuigen. En een vrijwel volledig ziekenhuis met chirurgische capaciteit en intensive care.
In een wereld waar een groot deel van de bevolking leeft in verstedelijkte kustgebieden is het belangrijk om juist daar in te kunnen grijpen, wanneer nodig. De veelzijdige amfibische transportschepen van de Koninklijke Marine bieden deze mogelijkheid.
Bewapening en zelfbescherming
Amfibische transportschepen zijn niet uitgerust voor het voeren van het gevecht. De bewapening is beperkt tot middelen voor zelfbescherming. Ze hebben beide 2 Goalkeeper-luchtafweersystemen. Deze snelvuurkanonnen (4.200 schoten per minuut) beschermen het schip op de korte afstand tegen inkomende raketten. Ze kunnen beide tot 10 zware 12,7mm-machinegeweren. Hiervoor zijn 4 vaste, 4 reling- en 2 demontabele posities op het helikopterdek beschikbaar.
Ingescheepte mariniers met Stinger-raketten kunnen bijdragen aan de luchtbescherming, maar in principe wordt het schip in bijvoorbeeld een gevechtssituatie beschermd door LCF-of M-fregatten.
De LPD’s kunnen tot 36 torpedo’s meevoeren, als bewapening voor NH90-helikopters aan boord of als reserves voor escorterende fregatten. Eventueel kunnen met de helikopters aan boord onderzeeboten worden bestreden. Het schip heeft radar- en infraroodsystemen voor het detecteren van gevaar en misleidingsystemen voor inkomende torpedo's en radar gestuurde raketten.
Bijzondere voortstuwing
LPD's beschikken over een unieke dieselelektrische voortstuwing: dieselgeneratoren wekken energie op voor elektromotoren die op hun beurt de scheepsschroeven aandrijven. Met deze voortstuwing kan een LPD met lage snelheid varen en tegelijkertijd landingsvaartuigen in- en ontschepen (debarkeren en embarkeren). De Schelde Groep in Vlissingen heeft de Rotterdam en Johan de Witt gebouwd.
Toekomst van het schip
De LPD's worden vervangen door nieuwe amfibische transportschepen. Het eerste nieuwe schip moet in 2032 instromen.