Onderzoeksagenda veteranenzorg

Wilt u onderzoek doen naar gezondheidszorg voor veteranen? Defensie werkt daar graag aan mee. Lees op deze pagina aan welke onderzoeken het ministerie behoefte heeft, hoe u een onderzoeksvoorstel indient en waarop Defensie uw voorstel beoordeelt.

Het ministerie van Defensie wil graag richting geven aan onderzoeken op het gebied van veteranenzorg. Daarom is in samenspraak met de Raad voor civiel-militaire Zorg en Onderzoek (RZO) een onderzoeksperspectief opgesteld. Dit perspectief beschrijft de onderzoeksbehoefte van Defensie op het gebied van uitzendgerelateerde (psychische) problemen. Het onderzoeksperspectief vormt samen met de overzichten van geplande, lopende en afgeronde onderzoeken de onderzoeksagenda veteranenzorg.

Wat staat er in het onderzoeksperspectief?

In het algemeen:

Het onderzoek moet een relatie hebben met, en van belang zijn voor de kwantiteit en kwaliteit van de veteranenzorg voor actief dienende en postactieve veteranen.

Het onderzoek moet leiden tot aanbevelingen die het ministerie van Defensie zelf in de praktijk kan brengen, met het eigen zorgsysteem. Of die het in de praktijk kan brengen via de zorgpartners die werken namens Defensie.

In grote lijnen moeten onderzoeksvoorstellen gaan over uitzendgerelateerde problemen. In het bijzonder over psychische en (psycho)sociale problemen die te maken hebben met inzet in missiegebied. Denk daarbij aan preventie, herkenning/vroegtijdige signalering en behandeling. Fundamenteel wetenschappelijk en beleidsonderzoek vallen buiten de scope van de onderzoeksagenda.

Onderzoeksbehoefte: 2 thema’s

De onderzoeksbehoefte veteranenzorg is op te delen in 2 thema’s.

Thema 1: Signalering en preventie

Signalering:

  • Onderzoek naar welke risicofactoren zijn te onderkennen voor het ontstaan van aan uitzending gerelateerde problemen, en onderzoek naar interventiemogelijkheden op basis van de risicofactoren.
  • Onderzoek naar het op basis van persoonskenmerken voorspellen welk zorgaanbod het beste past bij een cliënt, waardoor meer zorg op maat kan worden aangeboden.
  • Onderzoek naar de effectiviteit van de psychische screening in combinatie met het medisch onderzoek in het vroegtijdig signaleren van klachten: worden de juiste klachten uitgevraagd, op de juiste manier en op het goede moment zodat vroegtijdige signalering daadwerkelijk mogelijk is?
  • Onderzoek naar de rol van het thuisfront bij de signalering en preventie van problemen bij veteranen, en bij de ondersteuning van de behandeling van de veteraan. Vervolgens de vraag hoe het thuisfront effectief betrokken kan worden bij signalering, preventie en behandeling van de veteraan.

Preventie:

  • Onderzoek naar welke preventieve maatregelen (speciaal het versterken van weerbaarheid) Defensie kan nemen om het ontstaan van aan uitzending gerelateerde problemen te voorkomen of te verminderen. 
  • Onderzoek naar Transitie(zorg) van de veteraan die uitzendgerelateerde problemen ervaart: onderzoek naar de factoren die een goede transitie van de militair naar de burgermaatschappij nadelig beïnvloeden en op welke wijze deze factoren beïnvloed kunnen worden door de veteraan zelf en/of de Defensieorganisatie.
  • Onderzoek naar relevante (risico)factoren die een rol spelen bij het ontwikkelen van partnerrelatieproblematiek voor, tijdens en na de uitzendperiode. Dit onderzoek moet leiden tot het ontwikkelen en implementeren van een signaleringsinstrument (screener).
  • Onderzoek naar de inhoud, aanpak en effectiviteit van voorlichtingsprojecten, psycho-educatie, kortdurende preventieve interventies, en op het collectief gerichte interventies om partnerrelatieproblematiek voor, tijdens en na de uitzendperiode te voorkomen.
  • Onderzoek naar positieve effecten van operationele inzet op de psychische gezondheid van de veteraan. En hoe zijn effecten te vertalen naar programma's die werknemers die al goed functioneren verder versterken. Of naar programma’s die werknemers versterken die te maken hebben met belasting, chaos, onzekerheid, en dergelijke (in het kader van Duurzaam Gezond Inzetbaar).

Thema 2: Kwaliteit en effectiviteit van behandelingen van psychische problematiek bij veteranen met aan uitzending gerelateerde problematiek.

  • Onderzoek naar de groep met onvoldoende verklaarde lichamelijke klachten (OLK): omvang en aard van de groep, aard en ernst van problematiek, en vervolgens behandeleffecten, predictoren (voorspelbaarheid) en predispositie (aanleg).
  • Onderzoek naar het effect op de lange termijn van korte intensieve behandelingen voor chronische psychische aandoeningen.
  • Onderzoek naar de optimale behandeling (best practice) van aan uitzending gerelateerde problemen. En welke factoren de gunstige uitkomst bepalen.

Welke onderzoeken zijn er al?

Gepland onderzoek

Wilt u weten welke geplande onderzoeken er zijn rond veteranen ? Bekijk dan het overzicht goedgekeurde onderzoeksvoorstellen.

Lopend en afgerond onderzoek

Wilt u weten welke lopende en afgeronde onderzoeken er zijn rond veteranen? Kijk in de Onderzoekswijzer van het Veteraneninstituut.

Procedure

Defensie nodigt onderzoekers en instellingen uit om hun ideeën voor onderzoek in te dienen bij de directeur Dienstencentrum Personele Zorg (DCPZ) van het ministerie van Defensie. Welke stappen doorloopt u?

1. Indienen vooraanmelding onderzoek (onderzoeks-idee)

Gebruik hiervoor het formulier Vooraanmelding onderzoek.

In het formulier schrijft u het volgende:

  • een korte beschrijving van onderzoeksdoelen;
  • een plan van aanpak;
  • welke middelen u voor het onderzoek nodig hebt.

De ideeën moeten passen binnen de richting en voorwaarden die Defensie stelt in het onderzoeksperspectief. Defensie selecteert de voorstellen op relevantie. Directeur DCPZ bewaakt namens Defensie de procedure voor toetsing en acceptatie. Defensie toetst uw vooraanmelding.

2. RZO toetst vooraanmelding

Defensie legt uw onderzoeksidee ook voor aan de Raad voor civiel-militaire Zorg en Onderzoek. De Programma Advies Commissie voor Onderzoek (PACO) van de RZO beoordeelt het onderzoeksidee. De beoordeling vindt plaats op basis van het onderzoeksperspectief van Defensie en de kwaliteit van de vooraanmelding.  Past een vooraanmelding in het onderzoeksperspectief en is het voorstel positief beoordeeld door de PACO, dan vraagt Defensie u om de vooraanmelding uit te werken in een onderzoeksvoorstel.

3. Indienen onderzoeksvoorstel

Als u wordt uitgenodigd een onderzoeksvoorstel in te dienen, kunt u gebruik maken van het formulier Onderzoeksvoorstel. In dat formulier staan de beoordelingscriteria die de RZO hanteert, en een aantal eisen die Defensie stelt, waaronder eisen ten aanzien van de financiering van het onderzoek.

4. RZO toetst onderzoeksvoorstel en adviseert minister

Defensie legt de onderzoeksvoorstellen voor aan de RZO, als adviseur van het ministerie. Deze raad doet een peer review (collegiale toetsing) in de PACO. De PACO toetst de onderzoeksvoorstellen aan de hand van een beoordelingskader bestaande uit 6 criteria. In dit beoordelingskader zijn algemeen geldende criteria voor de beoordeling van wetenschappelijk onderzoek samengevoegd met een aantal specifieke criteria die voor het ministerie van Defensie van belang zijn. Daarna geeft de RZO een definitief advies aan de minister van Defensie.

Wilt u in het onderzoek gebruikmaken van militairen en/of veteranen als onderzoekspopulatie? Dan kijkt Defensie eerst of dit geen te grote belasting is voor de militairen en/of veteranen. Bijvoorbeeld omdat zij ook al deelnemen aan andere onderzoeken.

5. Wanneer ontvangt u een reactie?

Vooraanmeldingen worden beoordeeld na indiening. Levert u uw vooraanmelding vóór 1 juni in dan krijgt u vóór 1 oktober een reactie. Onderzoeksvoorstellen worden beoordeeld en geprioriteerd in mei, Heeft u uw uitgewerkte onderzoeksvoorstel vóór 1 februari ingeleverd dan wordt deze (wanneer goedgekeurd) meegenomen in de financiële planning van het daaropvolgende jaar. Dit gebeurt op basis van het beschikbare budget voor dat jaar en de opvolgende jaren.

Contactgegevens directeur DCPZ

Stuur uw vooraankondiging of onderzoeksvoorstel naar:

Directeur Dienstencentrum Personele Zorg (DCPZ), Divisie Personeel en Organisatie Defensie (DPOD).
Postadres: Postbus 90004, 3509 AA Utrecht
E-mail: secretariaat.dcpz@mindef.nl.