Embleem Tamboers en Pijpers van het Korps Mariniers

Heraldische beschrijving

Doorsneden door een streep van zilver; I in azuur een omgewende signaalhoorn van goud; II in keel een horizontaal kapmes van zilver met een gevest van sabel. Embleemspreuk: 'pulsatio cordis militum' in Latijnse letters van goud op een lint van azuur. De spreuk betekent ‘hartslag van de troepen’

Symbolische betekenis

Bij de Koninklijke Marine zijn enkele oeroude elementen van het militaire optreden tot op de dag van vandaag bewaard gebleven. De inzet van de Tamboers en Pijpers van het Korps Mariniers is daar een voorbeeld van. De oude, maar relatief kleine, eenheid is organisatorisch ondergebracht bij de Marinierskapel der Koninklijke Marine.

Het embleem bevat 2 stukken: een signaalhoorn en een kapmes.

De signaalhoorn

Bij de eenheid zijn tamboers ingedeeld, deze bespelen de trom, en pijpers, deze bespelen de pijperfluit (van het Duitse ‘Pfeife’, in het Engels ‘fife’). De signaalhoorn wordt, tot op de dag van vandaag, nog steeds bespeeld door zowel de tamboer als de pijper. Het is dus iets wat beide specialismen verbindt. Bij zowel het dagelijks als het ceremoniële tenue wordt de hoorn, wanneer niet bespeeld, op de rug gedragen. De hoorn maakt op deze manier een essentieel onderdeel uit van het beeld van de Tamboers en Pijpers. Binnen de Nederlandse militaire muziek zijn zij de enige eenheid die nog op deze wijze aantreden. Mede hierdoor zijn zij van grote afstand herkenbaar en visueel te onderscheiden van de Marinierskapel der Koninklijke Marine.

De afbeelding van de signaalhoorn is gebaseerd op een van de 1e modellen welke in gebruik waren bij de Tamboers en Pijpers. Het betreft hier de roodkoperen hoorn van het zogenoemde “Belgische model”. Deze werd ingevoerd rond 1880.

Het kapmes

Het gaat hier om een afbeelding van het ‘kapmes Marine M 1898’. Het gebruik van het wapen was bedoeld voor sergeant-majoors, onderofficieren van de staf en de Tamboers en Pijpers van het Korps Mariniers. Het diende als bewapening van Tamboers en Pijpers om aan het gevecht deel te kunnen nemen. Een lange en zware sabel of klewang was slecht te combineren met hun muzikale uitrusting. Het kapmes werd tevens gebruikt voor het opruimen van bijvoorbeeld hindernissen en begroeiing.

Tot op de dag van vandaag dragen de Tamboers en Pijpers het kapmes aan de koppel wanneer zij gekleed gaan in het gala tenue. Zo onderscheiden zij zich visueel van de muzikanten van alle orkesten binnen de Nederlandse militaire muziek. Door het dragen van het kapmes is men zichtbaar als ‘krijgsman’ en niet als geüniformeerd muzikant. De groep tamboers en pijpers hecht, mede hierom, veel waarde aan het dragen van het kapmes bij groot ceremonieel.

Deze 2 stukken zijn afgebeeld op velden van azuur respectievelijk keel. Het azuur verwijst naar de maritieme geschiedenis van de eenheid, en het keel is in de militaire context de stamkleur van de infanterie, waar het Korps Mariniers zich toe mag rekenen.

IJzeren discipline

Voor de opmaak is gekozen voor een doorsneden embleem. Op de grens van de doorsnijding is een smalle balk van zilver opgenomen. Dit symboliseert de ‘ijzeren discipline’. Discipline die de tamboers en pijpers nodig hebben om de vele taken perfect uit te kunnen blijven voeren.