Sla over en ga naar de inhoud
Een doorgunner op de ramp van een Chinook.

KL in ’t kort

KAP Jaap Wolting

SM Aaron Zwaal, Jarno Kraayvanger, Heidie Mulder-Stoffer e.a.

Militaire bijdrage aan missie tegen ISIS in Irak beëindigd

De Nederlandse militaire bijdrage aan de internationale missie Operation Inherent Resolve (OIR) in Irak is op 30 september beëindigd. De missie begon in 2014 om terreurorganisatie ISIS terug te dringen en de Iraakse veiligheidssector te ondersteunen.

De missie werd in het leven geroepen toen ISIS in 2014 grote delen van Syrië en Irak onder controle kreeg. De snelle opmars van deze en andere terreurgroepen vormde een directe dreiging voor de regio. Ook zorgde dit voor instabiliteit aan de grenzen van Europa, met potentieel grote gevolgen voor de veiligheid van Nederland.

De Verenigde Staten namen het voortouw in de internationale coalitie, die zich richtte op het terugdringen van ISIS en het ondersteunen van Iraakse en Koerdische veiligheidstroepen. Vanaf oktober 2014 leverde Nederland een bijdrage aan OIR. Zo voerden Nederlandse F-16’s luchtoperaties uit tegen ISIS-doelen. Daarnaast droegen Nederlandse militairen bij aan het trainen, adviseren en ondersteunen van Iraakse en Koerdische veiligheidspartners. In 2024 spraken Irak en de Verenigde Staten af missie OIR af te bouwen, met de beëindiging ervan vandaag als sluitstuk. OIR opereert wel nog in Syrië.

 Naast OIR loopt de NAVO-missie NATO Mission Iraq (NMI). Waar OIR zich richtte op de internationale strijd tegen ISIS, richt NMI zich op het versterken van de Iraakse veiligheidssector door middel van advisering, training en capaciteitsopbouw. Omdat NMI sinds begin dit jaar vanwege de toenemend instabiele veiligheidssituatie vanuit Italië opereert, is er op dit moment geen Nederlandse militaire aanwezigheid meer in Irak. Binnen NMI is wel nog een aantal Nederlandse militairen en adviseurs actief.

Lasertechnologie tegen droneaanvallen

Een laserwapen gebruiken om drones onschadelijk te maken. Het klinkt futuristisch, maar mogelijk helpt het om het luchtruim van Nederland veiliger te maken. Defensie en het Australische bedrijf EOS zijn van plan om samen lasertechnologie verder te ontwikkelen tot een militair inzetbaar verdedigingswapen. Daarom tekende staatssecretaris Derk Boswijk eind september een intentieverklaring.

De zogeheten High Energy Laser is een systeem dat energie omzet in een hoogvermogen laserstraal dat zeer effectief is gebleken tegen drones. Omdat beschikbaarheid en aanvoer van munitie niet aan de orde zijn, kan dit wapen effectiever en kostenefficiënter zijn dan kinetische luchtverdediging met raketten. Dat zou de High Energy Laser een waardevolle toevoeging maken bij de luchtverdediging. Defensie en EOS zijn voornemens de laser door te ontwikkelen tot een volwaardig wapensysteem.

Vloeiend samenspel tussen 3 disciplines

Nederlandse militairen van de 20e rotatie van de Multinational Battlegroup Lithuania trainden onlangs het optreden in verstedelijkt gebied. Waar de focus de afgelopen weken voornamelijk lag op het optreden in bosgebied, verplaatsten de militairen zich nu naar een verstedelijkte omgeving.

Na een nachtelijke verkenning begon de aanval bij zonsopkomst. Onder dekking van rook naderden de militairen een oud gebouw op de militaire basis bij het stadje Kazlų Rūda en vielen het object binnen. Nauwkeurig werden de ruimtes een voor een doorzocht en veiliggesteld, waarbij de militairen vijandige dreiging uitschakelden.

111 Pantsergeniecompagnie was verantwoordelijk voor het doorbreken van hindernissen. Om het object waren concertina’s gespannen, die de pantsergenisten met een betonschaar doorknipten. Deuren in het pand doorbroken ze met een kettingzaag. Daarnaast waren de ramen gebarricadeerd met dik gaas; de zaag erin! 43 Geneeskundige Compagnie was verantwoordelijk voor triage en behandeling van gewonden. 44 Pantserinfanteriebataljon stelde het gebouw kamer voor kamer veilig. Resultaat: een vloeiend samenspel tussen 3 disciplines.

Space steeds belangrijker voor landoptreden

Hoe kan het ruimtedomein steeds verder worden geïntegreerd in het landoptreden? Die vraag stond eind september centraal bij het Space Command; onderdeel van het Commando Lucht- en Ruimtestrijdkrachten (CLRS). Luitenant-generaal Jan Swillens was hier op bezoek.

C-LAS werd bijgepraat over de ontwikkelingen binnen het ruimtedomein en het Space Command. Swillens kreeg de laatste informatie over space intelligence en de ontwikkeling van space-systemen. Concreet: welke capaciteiten zijn er nu, en wat komt eraan? Ook kreeg C-LAS een rondleiding in de operations room. Hij hoorde er hoe het CLRS de beschikbare satellietsystemen momenteel al in de praktijk inzet.

Space gaat verder dan alleen inzet voor de luchtmacht. Ook de landmacht wil en gaat voordeel halen uit deze capaciteiten. De vraag is dan ook wat er op korte termijn nodig is om space verder te integreren in het landoptreden, vooral op tactisch niveau. Denk aan het gebruik van satellietbeelden om een terrein te analyseren, vijandelijke intenties in kaart te brengen of om doelen te identificeren en aan te grijpen.

Weerbaarheidsdag wijst organisaties op mogelijkheden van reservisten

4 grote werkgevers in Nederland (BAM, Tennet, Gemeente Ede en Total Care) tekenden onlangs een reservistenconvenant met Defensie. Dat gebeurde tijdens de Weerbaarheidsdag voor bedrijven in Ede. Met het ondertekenen geven de werkgevers aan ruimte en ondersteuning te bieden aan medewerkers die reservist willen worden.

 De Weerbaarheidsdag voor bedrijven vond dit jaar voor het eerst plaats en maakte deel uit van het programma rondom de Airborne Herdenkingen in Ede. Tijdens dit bijzondere herdenkingsweekend werd niet alleen stilgestaan bij de gebeurtenissen van september 1944, maar ook bij het belang van vrijheid, veiligheid en weerbaarheid in het heden. Samen met de Afdeling Reservisten & Samenleving, Sport & Defensie en 11 Luchtmobiele Brigade bracht de gemeente Ede werkgevers, reservisten en Defensie samen op de Ginkelse Heide.

Mobilisatie-Oorlogskruis voor Nederlands oudste veteraan Jan Boerema

Een bijzonder moment voor de, zover bekend, oudste veteraan van Nederland. De 107-jarige Jan Boerema uit het Groningse Marum ontving eind september het Mobilisatie-Oorlogskruis. Ook kreeg de veteraan een boekwerkje over zijn militaire verleden, waarvan hij de tekst zelf op papier heeft gezet.

Boerema maakte in 1940 de Slag om Kornwerderzand mee. Toen de Duitsers Nederland in mei binnenvielen werden hij en zijn eenheid verschillende keren onder vuur genomen. Meerdere collega’s kwamen om het leven. In de nacht van 14 mei 1940 was het de beurt van Boerema en zijn groep om wacht te lopen en eventuele Duitse parachutisten te neutraliseren. “Maar toen kwam plotseling het bericht dat Nederland had gecapituleerd”, laat Boerema weten. “Vol ongeloof keken we elkaar aan. Het is moeilijk te beschrijven wat er toen door ons heenging. Enerzijds het gevoel van woede en machteloosheid, maar ook berusting: nu vallen er tenminste niet nog meer doden.”

181 officieren ontvangen bul in Breda

“U krijgt vandaag niet alleen een diploma, maar iets veel belangrijkers: vertrouwen. Het vertrouwen dat u leiding kunt geven aan mensen, verantwoordelijkheid neemt wanneer het moeilijk wordt en kunt handelen wanneer de situatie anders loopt dan voorzien.” Met die woorden richtte secretaris-generaal Maarten Schurink zich tot de afgestudeerde officieren. Op 25 september kregen zij hun bul.

Het kasteel van Breda vormde ook nu het decor voor de jaarlijkse ceremoniële Bullenparade. De nieuwe officieren zijn van de landmacht, luchtmacht en marechaussee. Ook commandant Koninklijke Militaire Academie (KMA) kolonel Frank Rippens sprak de afgestudeerden toe. Hij benadrukte de focus van de officieren op gereedheid, inzetbaarheid en het vermogen om te leiden onder druk in onzekere omstandigheden. “Dat vraagt om meer dan kennis alleen. Het vraagt om oordeelsvermogen, veerkracht en het vermogen om anderen mee te nemen, juist wanneer het moeilijk wordt.”

Paresto verwelkomt klein dozijn kooktalenten

Snij- en kooktechnieken, verwerking van vis en vlees, brood- en banketbereiding, hygiëne, veiligheid en gastvrijheid. Het zat allemaal in het examen dat 10 kooktalenten onlangs met succes bij Paresto hebben afgelegd. Met hen kan de cateraar verder werken aan een duurzaam personeelsbestand en een flexibele organisatie. Eind september ontvingen de civiele koks hun diploma.

Defensie bood de opleiding aan in samenwerking met Tempo Team. Na 23 weken hakken, bakken en braden én een feestelijke diploma-uitreiking gaan de koks nu op verschillende defensielocaties aan de slag. Personeel dat een sterke binding heeft met de organisatie is van groot belang voor Paresto. De cateraar van Defensie moet immers voldoende mensen hebben om flexibel op te kunnen schalen als er zich plotseling een crisissituatie voordoet. Voeding is dan van essentieel strategisch belang. Of, zoals een van de nieuwe koks zei: “Zoals brandstof noodzakelijk is voor een vliegtuig, zo is goed eten belangrijk voor de mensen die erop vertrouwen. Wanneer wij ons werk met aandacht en liefde doen, geven wij niet alleen eten, maar ook iets extra’s mee aan de mensen voor wie wij koken.”

KMA breidt uit met opleidingslocatie in Dongen

De Koninklijke Militaire Academie heeft er een nieuwe opleidingslocatie bij. Defensie opende vorige maand op Militair Complex Dongen een tijdelijke locatie voor de officiersopleiding. De uitbreiding is nodig omdat de KMA in Breda onvoldoende ruimte heeft voor de groeiende opleidingscapaciteit.

Op 14 september begint in Dongen de vernieuwde Defensie Korte Officiersopleiding (DKOO). De eerste lichting krijgt er 7 weken lang de militaire basisvaardigheden aangeleerd. De opleiding is modulair opgezet. Daardoor kunnen de cadetten de opleiding sneller doorlopen. Nadat ze de militaire basisvaardigheden onder de knie hebben, vervolgen ze hun opleiding op de KMA in Breda. De Nederlandse Defensie Academie (NLDA) start voortaan 4 DKOO-lichtingen per jaar.

Versterking van reservisten en cybersecurity

Defensie en ING hebben een convenant getekend om de samenwerking tussen de krijgsmacht en de bank te versterken. Met deze overeenkomst wil ING haar medewerkers aanmoedigen om zich aan te melden als reservist. De bank biedt daarbij een regeling om de combinatie van een civiele en militaire baan mogelijk te maken.

Naast meer personeel zoekt Defensie ook meer kennis. Staatssecretaris Derk Boswijk: “De moderne oorlogsvoering verandert snel. Daarom heeft de krijgsmacht behoefte aan IT- en dataspecialisten. Veel ING’ers hebben unieke ervaring en expertise opgedaan op het gebied van cyberveiligheid, crisismanagement en digitale infrastructuur. Dat is kennis en kunde die wij hard nodig hebben bij Defensie.”

Landmacht

Editie 08 2026