Evert Brouwer
Sergeant-majoor Sjoerd Hilckmann en sergeant Brian Vonk
Dubbelspoor grootste oefening ooit voor Calamiteitenhospitaal
Even lijkt het echt. Op het rangeerterrein bij de Bernardkazerne in Amersfoort rolt zaterdagochtend door een dunne laag mist een trein binnen met dertig gewonde militairen achter de ramen. Ambulances staan klaar, brancards worden naar het noodperron gereden. Het is het begin van de grootste oefening die het 35-jarige Calamiteitenhospitaal ooit heeft gehouden. Met een grote inbreng van Defensie.
Aan oefening Dubbelspoor nemen zo'n zeshonderd hulpverleners mee. De titel is een knipoog naar die trein met gewonde militairen, maar verwijst vooral naar de dubbele opzet. Er draaien twee scenario’s tegelijk op verschillende locaties. Het zijn de sporen waarop militaire en civiele zorg elkaar in Amersfoort en in het Centraal Militair Hospitaal (CMH) in Utrecht moeten treffen. Met de medewerking van Defensie, het UMC Utrecht, de veiligheidsregio Utrecht, het Rode Kruis, politie, brandweer, de regionale ambulancedienst en het landelijk coördinatiecentrum patiëntenspreiding, is de gehele geneeskundige keten getest. Dat draait van de eerste melding bij de meldkamer tot de operatiekamers in Utrecht.
Sommige gewonden uit de trein moesten per brancard worden vervoerd. Corien Verrips zorgt beneden aan het perron voor de juiste verwerking van de gegevens.
Gezamenlijke inspanning
Het begint met de trein die zorgvuldig door machinist Benji Kooiman (Rail Transport Cell Defensie Verkeers- en Vervoersorganisatie) wordt binnengereden. Het Defensie Ondersteuningscommando vormt de drijvende kracht. De achtergrond: de zogenoemde Hoofdtaak 1. Als ons land betrokken raakt bij een grootschalig conflict, kunnen in korte tijd grote aantallen gewonde militairen terugkeren. Die opvang vraagt om een gezamenlijke inspanning van militaire en civiele zorg.
Militairen die gewond raken op missie, komen pas naar Nederland nadat ze in het veld zijn behandeld én als hun toestand stabiel is. Een dergelijk scenario is eerder dit jaar, in maart, opgevoerd tijdens de internationale (computer)oefening Casualty Move 2026 in Berlijn.
“Je kunt Dubbelspoor inderdaad als vervolg zien”, zegt Michel, werkzaam bij het Landelijk Coördinatiecentrum Patiëntenspreiding. Hij is als reservist ook goed bekend met het militaire leven. “In maart ging het om een computeroefening, nu gebeurt dat in de praktijk. Dan zie je ook hoe belangrijk het is dat je van tevoren al de scenario’s hebt vastgelegd in procedures. Je kunt vrijwel iedereen in tien minuten duidelijk maken wat er moet gebeuren. Alleen in de voorbereiding leren we dus al heel veel.”
Er liepen twee scenario’s tegelijk. De gewondentrein kwam aan op de Vlasakkers en elders vielen honderd gewonden bij een busongeluk. Koning Willem-Alexander was aanwezig en toonde zijn belangstelling.
Leger aan cameralieden
De leiding ter plekke is in handen van kolonel-arts Peter. De ‘eventmanager trein’ reageert uiterlijk heel kalm op de stroom van gewonden. Ze komen lopen, in rolstoel of per brancard vanaf het geïmproviseerde perron. “Nou, het was best even heftig”, bekent de kolonel. Dat komt niet alleen door de aanvoer van patiënten, maar vooral de aanwezigheid van een leger aan cameralieden en fotografen. Koning Willem-Alexander is immers in de vroege ochtend naar Amersfoort gereisd om de oefening bij te wonen en het 35-jarige CMH te bezoeken.
‘Nou, dat was best even heftig’
Kolonel Peter laat zich daardoor niet van de wijs brengen. “De overdracht van de gewonden moet heel zorgvuldig gebeuren. Ja, er zijn drie patiënten afgegleden in vitaliteit, maar het gaat hier niet om snelheid. Zo’n overdracht is een risicomoment. Dat moet je goed hebben.”
De ambulances werden van De Vlasakkers in Amersfoort naar het CMH in Utrecht begeleid door motorrijders van de Koninklijke Marechaussee.
Goed koppelen
Er zijn ambulances uit Utrecht voor middencomplexe zorg, maar ook ‘gewone’ van Amsterdam/Amstelland, het Rode Kruis en uit Nijmegen. Roger Weimar (Programmamanager Ambulancezorg Nederland) volgt de vorderingen met interesse. “Iedere patiënt willen we koppelen aan de juiste ambulance en gaat naar het ziekenhuis met de beste zorg voor de verwondingen”, vertelt hij. Dat hoeft in een echte crisis niet het Calamiteitenhospitaal te zijn, er zijn veel meer ziekenhuizen en instellingen die patiënten kunnen overnemen.
Het ging er heftig aan toe op De Vlasakkers. Er waren VIP’s bij betrokken, vandaar de aanwezigheid van persoonsbeveiliging.
De patiënten hebben een nummer op de arm geplakt
De gewonden uit de trein hebben een nummer op de arm geplakt dat correspondeert met hun personalia en de verwonding. Zo kan ‘patiënt 7’ met een ambulance van het Rode Kruis, Regio Midden naar het CMH. “Ze is ABC-stabiel. Een polsfractuur, dertig jaar en geen bekende allergieën. Ze heeft paracetamol gehad”, leest Corien Verrips (Instituut samenwerking Defensie en Relatieziekenhuizen, IDR) rustig voor aan het ambulancepersoneel. Even later vertrekt de patiënt met nog vier lichtgewonden in een ambulance.
In het ‘script’ was bekend dat er een trein met gewonden zou aankomen op militair terrein. Ze komen aan na een reis van twee dagen, waarin de toestand van een aantal patiënten is verslechterd. Zo'n lange medische reis over het spoor stelt hoge eisen aan de begeleiding: onderweg opereren gaat niet. Verpleegkundigen en artsen moeten het redden met wat ze bij zich hebben. “Het liefst heb ik dan zoveel mogelijk ambulances die zwaargewonden aankunnen”, geeft kolonel Peter aan. Hij is zeer te spreken over de snelheid waarmee de zaken op oefenterrein De Vlasakkers tot dan verlopen.
In het CMH bespreekt kolonel Peter de situatie met een collega. Ondertussen stromen de gewonden binnen.
‘De hele keten is zwaar onder druk gezet’
Veel geleerd
Maar dan heeft er nog een ramp plaatsgevonden. Een bus rijdt in op bezoekers van een Halloweenfestival en dat vraagt veel van de beschikbare capaciteit en de besluitvorming tussen militaire en civiele partijen. Ambulances rijden af en aan, soms begeleid door motorrijders van de Koninklijke Marechaussee. In de bus zit bovendien een persoon die door beveiligers wordt begeleid. Ook koning Willem-Alexander laat zich als passagier naar Utrecht vervoeren in een ambulance.
“Dan komt hier plots alles samen”, stelt Hoofd Calamiteitenhospitaal luitenant ter zee (LTZ) der eerste klasse Joris Prinssen. Hij staat midden in de hectiek van de continue stroom van patiënten. Het Calamiteitenhospitaal, een civiel-militaire voorziening van het UMC Utrecht, Defensie en het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, moet binnen dertig minuten operationeel zijn. Er zijn tweehonderd bedden, drie operatiekamers en een intensivecare unit beschikbaar.
“De hele keten is zwaar onder druk gezet”, weet LTZ Prinssen. “We gaan heel veel leren van deze oefening. Hebben we onze voorraden wel op orde? Wat gebeurt er als de systemen opeens uitvallen? Vandaar dat alles ook op papier wordt vastgelegd. Iedere schakel wordt straks beoordeeld, zodat alles goed loopt als het erop aankomt.”












