Sla over en ga naar de inhoud
Commandant der Strijdkrachten en twee militairen praten met elkaar.

‘Wat als iets anders loopt dan gepland?’ 

4 min

kapitein Joris van Duin

sergeant-majoor Aaron Zwaal

Nationale Onderofficierenconferentie in Nijkerk drukbezocht 

Een oorverdovende knal, gevolgd door opspattende scherven en aarde. Een Russische mortiergranaat ontploft vlakbij Oekraïense militairen in een loopgraaf op het moment dat ze worden afgelost. Eén probleem: het gepantserde voertuig dat hen weg moet halen, zit vast in de modder. Ze blijven dus in deze benarde situatie, terwijl een collega zwaargewond raakt door een nieuwe inslag. 

Met deze scene uit de indringende documentaire 2000 meters to Avdiivka trapte de Nationale Onderofficierenconferentie (NOOC) van dit jaar af. Weerbaarheid: aanpassen en overwinnen, was het centrale thema in Nijkerk. 

“Voor ons is dit tot nu toe een film, maar misschien wordt dit werkelijkheid. Daar moeten we ons op voorbereiden en dat vraagt om veel aanpassingsvermogen. Wat doen we als iets anders loopt dan gepland?”, hield een dagvoorzitter de zaal voor. 

Commandant der Strijdkrachten generaal Onno Eichelsheim, staatssecretaris Derk Boswijk en kersvers krijgsmachtadjudant Cees Bielander gaven een krijgsmachtbrede tint aan dit thema. Zo zorgt de constante groei van Defensie (nu zo’n negentigduizend medewerkers) voor extra werk dat onder meer neerkomt op de schouders van onderofficieren. “Dat levert meer druk op, want jullie leiden nieuwe militairen op”, stelde Eichelsheim. “Dat vraagt soms om aanpassingen.” 

Naast het interessante programma in de conferentiezaal met veel lezingen, waren er ook diverse stands. Hier konden defensiemedewerkers kennismaken met allerlei technologische snufjes.

Vrouwen 

Tijdens diverse panelsessies legden bewindspersonen onder meer de nadruk op de positie van vrouwen binnen de krijgsmacht. “Diverse teams presteren beter. We willen naar een veel hoger percentage vrouwen in de organisatie. Daar moeten we ons ook op aanpassen en inrichten”, zei de CDS. “Minister Elanor Boekholt-O’Sullivan (voormalig luchtmachtgeneraal, red.) stipte eerder al een paar kritieke punten aan. Daarom hebben we nu ook speciale scherfvesten voor vrouwen.”  

Het programma van de NOOC bood genoeg interessants voor de 1.100 aanwezigen. Maar gelukkig was er tijdens de pauzes nog voldoende tijd om bij te praten met (oude) bekenden. Ook de Defensiekrant trok een aantal bezoekers aan hun jasje. 

De Litouwse krijgsmachtadjudant Darius Masiulis.

‘Weerbaarheid zit in ons DNA’ 

Krijgsmachtadjudant Darius Masiulis (Litouwen): “Weerbaarheid zit in het DNA van de Litouwers. Wij zijn tussen de Tweede Wereldoorlog en 1991 bezet door de Sovjets en al die tijd was de drang naar vrijheid sterk aanwezig bij de bevolking. Het was een question of survival. Nadat we onafhankelijk werden en daarna lid van de NAVO, dachten veel mensen: nu zijn we veilig. Het gevaar is geweken. Maar toen Rusland de Krim in 2014 binnenviel, werd iedereen weer wakker: wij kunnen de volgende zijn. De herinneringen aan de bezetting zijn nog vers.”

“Weerbaar zijn wordt natuurlijk niet alleen gevraagd van militairen. Het is juist iets van de samenleving als geheel. Bij ons in Litouwen zijn veel mensen reservist en zijn er organisaties die zich hier op richten. Burgers nemen hier actief aan deel. Van jongs af aan worden kinderen hier bewust van gemaakt en in getraind. Patriottische lessen op school voor kinderen helpen daar aan mee.”

 Onderzoeker Lucia van het Centrum voor Mens en Luchtvaart.

‘Organisatie kan zelf ook extra stappen zetten’ 

Onderzoeker Lucia (Centrum voor Mens en Luchtvaart): “Specifiek houd ik me bezig met het thema ‘vrouwen in extreme omstandigheden’, zoals: g-krachten of hypoxie, een tekort aan zuurstof. Het lichaam van vrouwen en mannen verschilt en reageert ook anders op extreme omstandigheden. Met mijn werk probeer ik ervoor te zorgen dat vrouwen beter kunnen functioneren in extreme omstandigheden dan nu het geval is. Dat zit ‘m soms in hele praktische zaken. Een voorbeeld daarvan is dat vrouwen van nature minder vocht vasthouden dan mannen en dus meer moeten drinken om dat te compenseren.”

“Maar voor vliegers zijn er nu nog alleen mannenpakken. De rits aan de voorkant van het vliegerpak reikt niet ver genoeg naar beneden. Mannen kunnen zo wel plassen en vrouwen niet. Het gevolg hiervan is dat vrouwen minder drinken en daardoor meer kans hebben op hoofdpijn en hittestress. Dit terwijl het in zo’n cockpit wel zestig graden kan worden. Het niet hebben van een aangepast pak voor vrouwen gaat dus ten koste van operationele inzetbaarheid. Het is dus goed dat de CDS en staatssecretaris specifiek noemen dat er meer aandacht moet komen voor vrouwen binnen Defensie. Maar de organisatie zelf kan hier ook extra stappen in zetten.” 

Wachtmeester-1 Michael van de Koninklijke Marechaussee.

‘Veel aanpassingsvermogen nodig in ons werk’ 

Wachtmeester-1 Michael (Koninklijke Marechaussee): “Bij de Brigade Midden-Nederland heb ik een heel divers takenpakket. Van militaire politiezorg tot grensbewaking en Mobiel Toezicht Veiligheid. We rijden dus bijvoorbeeld op meldingen waarbij militairen betrokken zijn, zoals ongevallen of andere incidenten. We gaan van casus naar casus. Ik kan zeggen dat elke dag anders is voor ons en dat daar dus veel aanpassingsvermogen voor nodig is.”

“Zoals laatst nog: we waren met een incident bezig en moesten overwerken tot half twaalf ’s avonds. Maar toen kwam er nog een ernstige melding binnen. Natuurlijk gaan we daar dan nog op af. En ja, dat betekent dat je echt niet voor twee uur ’s nachts klaar bent, terwijl je de volgende dag wel weer op tijd begint. Dat heeft impact op mij, maar ook op mijn gezin. Je kunt dus wel zeggen dat weerbaarheid een grote rol speelt in ons werk.”

Defensiekrant

Editie 412026