Sla over en ga naar de inhoud
Overzichtsfoto van het schietterrein op Kreta. Rechts staat de Groundmaster 400 opgesteld, links diverse schietpunten met daarachter de zee.

Primeur voor mobiel radarsysteem

5 min

kapitein Arjen de Boer

sergeant-majoor Aaron Zwaal

710 Squadron verzorgt op Kreta compleet luchtplaatje voor DGLC-oefening

Sommige goede ideeën ontstaan op een bierviltje in de crew room. Zo ook het plan van 710 Squadron om met een verplaatsbaar radarsysteem naar Kreta te gaan. Dat idee was van lang geleden, de uitvoering vorige maand. Toen ondersteunden de gevechtsleiders van het Air Operations Control Station Nieuw Milligen (AOCS NM) de luchtverdedigers van het Defensie Grondgebonden Luchtverdedigingscommando (DGLC).

Wie anderhalf jaar geleden tegen kapitein Wibo had gezegd dat hij nu met een team én een mobiel radarsysteem op het zonovergoten Kreta zou staan, had hij voor gek verklaard. “Maar ja, we hebben een goed, nieuw radarsysteem en enthousiaste mensen die buiten de gebaande paden durven denken”, zegt de detachementscommandant. Giet dat in de mix en er ontstaan mooie ideeën die ook nog eens operationeel relevant zijn. Want waar grote radars nogal statisch zijn, is de zogeheten Groundmaster 400 dus verplaatsbaar. En dat heeft zijn voordelen, weet ook eerste luitenant Jason, hoofd Radarsysteem. “Wie mobiel is, is een minder makkelijk doelwit en heeft grotere overlevingskansen. Maar goed trainen is dan belangrijk.”

Een in- en uitklapbare, en verplaatsbare radar is zeer geschikt om een geïntegreerd luchtbeeld op te bouwen. De mobiliteit maakt het geheel ook nog eens minder kwetsbaar voor een vijandelijke aanval.

‘Eigenlijk beginnen we gewoon opnieuw’

Praktijktest

Daarom reizen militairen van het 710 Air Command and Control Squadron vorige maand weer eens af naar het Griekse eiland Kreta. Op het programma staat oefening Araneidae Thunder, waarbij araneidae staat voor zogenoemde wielwebspinnen. Daarvan staat er een prominent in het embleem van 710 Squadron. En ja, er staat bewust ‘weer eens’, want een mobiel gevechtsleidingssysteem is niet per se nieuw voor de luchtmacht. Tot en met 2009 was 710 al aanwezig op Kreta met eigen werkcontainers, nog zonder radar overigens. Het systeem van destijds is niet meer in gebruik. Wibo werkte toen ook al in dit ‘wereldje’ en heeft, met een handjevol andere collega’s, nog wat kennis en ervaring als het gaat om mobiel optreden. Maar dat is niet zaligmakend, beseft de kapitein. “Het materieel is anders, net als de procedures, de voertuigen en de radar. Eigenlijk beginnen we gewoon opnieuw.”

Detachementscommandant kapitein Wibo en zijn mensen konden pionieren op Kreta. Het was lang geleden dat 710 Squadron met eigen werkcontainers in het buitenland werkte.

Pionieren

Dus is het pionieren op Kreta tijdens de oefening Araneidae Thunder. Hoe komen ze georganiseerd op locatie, waar zetten ze de radar neer, hoe moeten de voertuigen staan, met welke kabels worden de systemen gekoppeld? En zo zijn er nog wel wat vraagstukken om de Groundmaster snel operationeel te krijgen. Want er is tijdsdruk. Een belangrijke doelstelling is namelijk om het National Advanced Surface-to-Air Missile System (NASAMS) van het DGLC te ondersteunen in hún oefening Cerberus Thunder. En de schietmomenten zijn niet eindeloos.

Met de informatie van de mobiele radar worden de luchtverdedigers aangestuurd tijdens een realistisch, tactisch scenario, aldus squadroncommandant luitenant-kolonel Stuart Lorraine. “We hebben op Kreta de hele keten van detectie en identificatie tot engagement volledig zelfstandig neergezet. De radar was het meest zichtbare onderdeel, maar er schuilt meer achter en dat hebben we allemaal aan elkaar weten te knopen. Dat geeft hoop voor de toekomst.”

Squadroncommandant luitenant-kolonel Stuart en hoofd radar luitenant Jason kijken terug op een geslaagde oefening.

‘Luchtmachtradar is een goede aanvulling’

Compleet luchtbeeld

De oefening op Kreta is een stapje in de richting van een volwaardig mobiel Control and Reporting Centre (CRC). “Zo’n verplaatsbaar CRC kan een compleet luchtbeeld in kaart brengen”, vertelt luitenant Jason. “Dus vliegtuigen en helikopters, maar ook drones.” Op het Griekse eiland betekent dit het opsporen van oefendrones en de tactische aansturing van 12 Luchtverdedigingsbatterij van de landmacht. Deze kunnen met Advanced Medium-Range Air-to-Air Missile (AMRAAM)-luchtdoelraketten van de NASAMS objecten op middellange afstand uitschakelen. “Het nut van luchtverdediging wordt alsmaar groter”, zegt kapitein Bram van het DGLC, die in het dagelijks leven de vuurverdeling van een batterij aanstuurt. “Dus groeit het nut van samen trainen, ook met de collega’s van de luchtmacht. Hun radar is een goede aanvulling op onze systemen, hij kan immers een stuk verder kijken.”

De Surveillance-sectie van het CRC bouwt met de Groundmaster een volledig luchtbeeld op, waarna een Surface-to-Air Missile (SAM)-allocator bepaalt welk wapensysteem wordt ingezet tegen een doelwit. “Voor ons is het belangrijk om te zien of we de juiste procedures en processen kunnen doorlopen om de NASAMS-eenheid te voorzien van de juiste informatie”, aldus commandant Stuart. “En dat is gelukt.”

Op Kreta zorgde de mobiele radar voor een compleet luchtplaatje om de NASAMS-systemen van 12 Luchtverdedigingsbatterij tactisch aan te sturen, legt kapitein Bram uit.

Raketartillerie

In de tweede oefenweek koppelt 710 Squadron de eigen Groundmaster luchtdoelradar aan de Multi Missie Radar (MMR) van het Vuursteuncommando van de landmacht. Deze is ook op Kreta aanwezig om te oefenen met de PULS, de nieuwe raketartillerie voor de bestrijding van gronddoelen. De MMR is een belangrijke sensor in de gereedschapskist van de vuursteun om snel en nauwkeurig doelen te aanvallen. “Wij willen ook ontdekken wat we met onze radar precies kunnen qua inkomende en uitgaande projectielen”, schetst detco Wibo. “We weten dat het een goede sensor is, maar willen precies weten wat-ie kan. Dus de oefening met de PULS is mooie kans om mee te liften en onze radar ook op dat vlak te tweaken.”

De oefening op Kreta bood ook een mooie kans om samen te werken met de PULS, de nieuwe raketartillerie van de landmacht. Foto: sergeant Wessel Zuijderduin.

‘Op tijd beginnen om goed voorbereid te zijn’

Toekomst

Het is belangrijk om nu al intensief te oefenen, benadrukt squadroncommandant Stuart. Vanaf 2028 moet Nederland een mobiele radareenheid aanbieden aan de NAVO. “Dus moeten we op tijd beginnen met trainen van de mensen, aanschaffen van extra voertuigen en aggregaten om goed voorbereid te zijn.” De Groundmaster is slechts één sensor binnen een mobiel CRC dat uit enkele tientallen militairen zal bestaan. Er komen ook passieve sensoren om het luchtruim in de gaten te houden. Groot voordeel is dat deze systemen, in tegenstelling tot een actieve radar, zelf geen signalen uitzenden en niet detecteerbaar en dus minder kwetsbaar zijn. “Zo’n systeem is uiteraard niet alleen goed voor de NAVO”, zegt Stuart. “Het is ook essentieel om in Nederland de radardekking te vergroten als dat nodig is. Met deze middelen, getrainde mensen en samen met andere krijgsmachtdelen versterken we de geïntegreerde luchtverdediging in Nederland.”

De juiste opstelling kiezen, kabels trekken, verbindingsproblemen oplossen. Kreta was een lekkere uitdaging voor de mannen en vrouwen van 710 Squadron.

Leerzaam

Al met al is de oefening in Griekenland uitermate leerzaam, besluit de squadroncommandant met gepaste trots. “We zijn gewend om in Nederland spullen te hebben die werken. Je zet ze aan en ze doen het. Maar op Kreta moeten we van niets, iets maken. In andere omstandigheden dan we gewend zijn. Dat vraagt veel creativiteit en probleemoplossend vermogen. Het is goed om te merken dat we dat niet zijn kwijtgeraakt.”

de Vliegende Hollander

Editie 102026