Expertisecentra explosieven

Defensie heeft 2 expertisecentra op het gebied van explosieven: het Defensie Expertisecentrum EOD  (DEC EOD) en het Defensie Expertise Centrum Counter IED (DEC C-IED).

Kennis en vraagbaak

Het Defensie Expertisecentrum EOD (DEC EOD) verzamelt en verwerkt alle kennis over (het ruimen van) explosieven en stelt deze beschikbaar aan uitvoerende eenheden. Het centrum is ook de vraagbaak voor collega’s van de Explosieven Opruimingsdienst Defensie (EOD) en materiedeskundigen van de politie.

Inspelen op ontwikkelingen

Daarnaast begeleidt het DEC EOD wetenschappelijk onderzoek om tijdig in te kunnen spelen op ontwikkelingen met explosieven. En onderzoekt het nieuwe vernietigingsmogelijkheden.

Ervaren observatietrainers van het expertisecentrum begeleiden ruimploegen bij oefeningen. Verder is het expertisecentrum verantwoordelijk voor EOD- en munitietechnische opleidingen.

Bescherming tegen IED’s

Het Defensie Expertise Centrum Counter IED (DEC C-IED) is ook een expertisecentrum, maar dan speciaal gericht op maatregelen tegen geïmproviseerde explosieven (IED’s) in uitzendgebieden. Nederlandse militairen in bijvoorbeeld Afghanistan kunnen met deze zogenoemde bermbommen in aanraking komen.

Rijdt een voertuig op een bermbom, dan zijn er bijna altijd slachtoffers. Ook is er veel materiële schade. Het expertisecentrum experimenteert daarom met nieuwe systemen om bermbommen op te sporen. Camera’s of lasers scannen daarbij een route. Door de lasersystemen zijn voorwerpen op afstand te herkennen die niet in de omgeving passen. De camera’s zien veranderingen in grondstructuren dat kan duiden op een aanwezigheid van een bermbom.

Opsporing vanuit de lucht

Nederlandse F-16’s kunnen vanuit de lucht mogelijke bermbommen opsporen. Dit doen zij met een speciale camerasysteem (RecceLite) dat onder het jachtvliegtuig hangt. Ook deze camera brengt veranderingen op de grond in kaart.