Sla over en ga naar de inhoud
Twee Apaches vliegen in formatie, afgetekend als silhouetten tegen een bewolkte lucht; op de voorgrond hoog gras.

HWIC: zoeken naar grenzen van mens en machine

DHC leidt wapeninstructeurs op in Denemarken

Het kan niet toepasselijker: een prachtige pantserjuffer, een libellesoort, vliegt onbezorgd op als twee AH-64E Apaches en twee CH-47F Chinooks de motoren starten op de vliegbasis Karup. Het Deense militaire veld kende eind september en begin oktober een Nederlandse ‘enclave’ van het Defensie Helikopter Commando (DHC). Drie vliegers op de Apache en twee op de Chinook legden de afgelopen maanden de strenge opleiding voor helikoptercrews af: de Helicopter Weapons Instructor Course (HWIC). De oefening in Denemaraken was het sluitstuk.

 

Tijdens de HWIC in Denemarken kwamen twee CH-47F Chinooks van 298 Squadron in actie.

Voor de tweede keer vindt dit derde praktijkonderdeel van de HWIC plaats op het grootste militaire vliegveld van Denemarken. Tijdens HWIC STRIKE zijn zes Apaches en twee Chinooks, met boordschutters, voor het eerst ingezet tegen drones: counter-uncrewed aerial systems (C-UAS) zoals dat heet. Deze inzet is eerder in gesimuleerde vorm getest, maar wordt tijdens HWIC STRIKE voor het eerst in een realistische live firing-omgeving uitgevoerd. De helikopters vliegen bij daglicht en in de avond naar de schietbanen van Oxbøl, Gniben en Rømø. Niet alleen de radar en wapens van de Apaches zijn daar ingezet, ook de boordschutters van de Chinooks kwamen in actie met hun MAG (7.62mm) en de veel zwaardere Browning .50 (12,7 mm) mitrailleurs.

Tijdens de HWIC is de boorschutter van de CH-47F voor het eerst ingezet voor de bestrijding van drones. Het is een proef.

‘Het gaat om meer dan vliegen en de trekker overhalen’

Nieuwe kansen

“Tijdens deze HWIC STRIKE verkennen we hoe bestaande helikoptercapaciteiten kunnen bijdragen aan C-UAS”, vertelt commandant 301 Squadron luitenant-kolonel Boudewijn Stevens. “Waar is onze inzet van waarde? Dat wil niet zeggen dat we opeens de primaire rol van de Apache en de Chinook vergeten. Wel bouwen we kennis en ervaring op over wat onze systemen in verschillende scenario’s kunnen bijdragen aan C-UAS. De combinatie van een modernere radar en de bewapening biedt nieuwe kansen, zoals de bestrijding van dit soort luchtdoelen”, stelt de commandant. “We moeten steeds meer rekening houden met dreigingen uit de lucht.”

Het grote voordeel van de ranges rondom de Deense vliegbasis Karup voor de Apache- en Chinook-bemanningen is de mogelijkheid om live bewapening te gebruiken.

Dat terwijl de Apache- en Chinook-bemanningen al behoorlijk wat voor de kiezen krijgen. Zeker tijdens de HWIC. “Van de ‘Delta Apache’ wisten we na 25 jaar vrijwel alles. Nu moeten we dat nog leren van de ‘Echo’s’. Dat is echt een heel nieuw wapenplatform. Het gaat ook om meer dan vliegen en de trekker overhalen. Je moet veilig opereren, het juiste wapen inzetten op het juiste moment, maar ook vliegen van missies met meerdere toestellen en dat bij dag en in de nacht. Nu komen daar nieuwe dreigingen bij en dat brengt uitdagingen met zich mee. Kunnen we al die informatie nog wel verwerken? De kracht zit daarom in het tactisch plannen en goed leiderschap”, aldus de commandant 301.

Commandant 301 Squadron luitenant-kolonel Boudewijn ‘Stance’ Stevens op weg met de Apache. Het toestel wordt ondertussen voorzien van raketten en missiles.

‘De belangrijkste vraag is: hoe blijf ik effectief in het gevecht van morgen?’

Limieten van toestel

De weapons instructor is een kleine en schaarse capaciteit die ieder squadron heel hard nodig heeft. Hij of zij fungeert als trainer om het andere personeel op een hoger niveau te brengen. “Zelf heb ik de opleiding zo’n vijftien jaar geleden gevolgd. Dat betekent niet dat je dan klaar bent. De belangrijkste vraag die iedere wapeninstructeur moet bezighouden is: hoe blijf ik effectief in het gevecht van morgen? Een mix van nieuwe, jonge collega’s met nieuwe inzichten en de kennis van de ervaren bemanningen is daarbij essentieel.”

De HWIC wordt ongeveer om de achttien maanden georganiseerd door TACTES (Tactische Training, Evaluatie en Standaardisatie) van het Helicopter Warfare Centre dat bij 299 Squadron op Vliegbasis Gilze-Rijen is ondergebracht. De deelnemers moeten in de praktijkweken laten zien dat ze de theorie kunnen toepassen die ze de afgelopen zeven maanden hebben geleerd. Alles gaat in een zeer hoog tempo. “Dat moet ook”, vindt commandant TACTES majoor Job. “De deelnemers aan de HWIC moeten niet alleen leren wat de limieten van hun toestel zijn, maar ook hoever zij zelf kunnen gaan. Die kennis is voor de wapeninstructeurs essentieel bij de planning en de inzet van onze helikopters.”

Vliegen in het donker is een van de oefendoelen voor de vliegers van deze AH-64E Apaches.

Geschiktheid

De opleiding bestaat naast een theoretisch deel uit drie praktijkonderdelen. Eerder dit jaar vonden HWIC TAC (tactisch vliegen, in het Verenigd Koninkrijk) en HWIC SOF (met Special Operations Forces, op diverse locaties in Nederland) plaats. Waarom dan STRIKE – weer – in Denemarken? “Omdat we hier met al onze wapens kunnen vuren en de Deense Host Nation Support zo goed is. Het glooiende terrein biedt ook uitdagingen”, is de logische verklaring van majoor Lesley. Hij is als commandant 7 Opleidings- en Simulatiesquadron ook leider der oefening. “Die behelst meer dan de HWIC alleen. Andere vliegers van 298 en 301 Squadron en loadmasters van 298 volgen hier hun continuïteitstraining. Ze moeten aantonen dat ze nog alle facetten van vliegen en de inzet van wapens beheersen.”

Het Nederlands Lucht- en Ruimtevaartcentrum (NLR) zorgde voor oranje drones, waarvan de gelijkenis met de beruchte Shahed niet toevallig is.

Majoor Job begeleidt in Denemarken de HWIC-cursisten. Deze keer zijn dat alleen aankomend wapeninstructeurs. “Nee, geen loadmasters inderdaad. We zijn voor deze opleiding afhankelijk van de beschikbaarheid en geschiktheid van de kandidaten”, vervolgt hij.

Deze dag staat een belangrijk examen op de planning. “De Apaches en Chinooks gaan gecombineerd de range op, waarbij ook nog eens (Deense) tanks en grondtroepen in actie komen. “Dat vraagt veel van de planningscapaciteiten van de deelnemers. Je moet niet alleen rekening houden met elkaar, maar ook met welke wapens je meeneemt.”

De drones werden ingezet vanaf een stuk land bij zee. Daar konden de Apaches in actie komen tegen deze dreiging.

Mariniers

Die grondtroepen bestaan uit een compagnie Nederlandse mariniers, die in het donker tijdens het vuurgevecht moet worden ontzet en opgepikt. “We kennen elkaar van de HWIC SOF”, zegt kapitein der mariniers Dennis van 13 Strike Squadron. “We zijn gevraagd om mee te gaan na die module in Nederland. Het is heel belangrijk om zulke joint-operaties te blijven uitvoeren, helemaal in een live fire exercise als HWIC STRIKE. Onze natuurlijke omgeving blijft de amfibische inzet, maar je kunt niet meer los van elkaar opereren. HWIC STRIKE vormt een kans om samen met het DHC operaties te plannen en uit te voeren. We beoefenen hier een hot extraction, dus onder vuur, hot insertion door fastropen, en heli-sniping. Dat laastse is een specialistische tactische vaardigheid om met een precisiegeweer te schieten vanuit een bewegende helikopter. Bovenal trainen wij deconflictie tussen lucht- en grondoptreden. Het is zowel voor het DHC als voor ons een enorme meerwaarde om mee te doen.”

De mariniers zijn afgezet, daarna vliegt de Chinook meteen weg over hun hoofden.

De Apaches stegen op van Karup en schoten op diverse banen met missiles en rockets. Voor het eerst is ook met live bewapening op drones geschoten.

‘Deze oefening komt het dichtst bij echte inzet’

Denemarken is dus een ideale omgeving voor zowel de HWIC als de training. Op Cornfield-range op Vlieland en op Duitse oefenterreinen gelden beperkingen, met name voor de raketten. In Denemarken kan met alle wapens worden gevuurd. Het gaat vooral om lasergeleide rockets en missiles als de Hellfire en APKWS (Advanced Precision Kill Weapon System). “Daarmee oefenen is noodzakelijk”, merkt majoor-vlieger Dylan op. “Je wilt namelijk niet dat je voor de eerste keer moet vuren in een crisissituatie. Deze oefening komt het dichtst bij echte inzet. En dat is toch wel iets waarvoor je met de Apache bent gaan vliegen.”

Steun

Er wordt tijdens de HWIC en de training voor andere helikopterbemanningen in Denemarken geen seconde gevlogen zonder ondersteuning. “Om dit mogelijk te maken, is een groot deel van het DHC naar Karup en omgeving verplaatst”, weet tweede luitenant Jesse. Het gaat om totaal een flinke groep mannen en vrouwen. En niet te vergeten zes AH-64E’s en twee CH-47F’s. Een Apache is reserve, een andere voor de logistiek, mochten er snel onderdelen nodig zijn.

Om de veiligheid rond de operaties te steunen zijn vijf brandweerlieden en twee zogenoemde out-of-area-crashtenders naar Jutland gereden. “Zeker bij een hot refuelling, bijtanken met draaiende motor, hebben we de eigen brandweer paraat”, aldus sergeant-majoor Klaas. Hij roemt de ondersteuning, de Host Nation Support, van de Denen. “Echt alles kan of wordt mogelijk gemaakt. En we wisselen kennis uit met onze Deense collega’s. Zij hebben hier namelijk andere typen helikopters staan.” Dat zijn de AgustaWestland AW101 ‘Merlin’, de Sikorsky MH-60R ‘Seahawk’ en de Eurocopter AS550C2 ‘Fennec’. “Heel interessant”, aldus Klaas.

Bijschrift: Volgt nog

Tot half vier

Normaal gesproken zijn het local en forward arming and refuelling point, kortweg LARP en FARP, ver gelegen van een vliegveld, maar nu zijn ze op de basis ingericht. Dat is ook prettig voor het bewapenen vóór een vlucht, en het ontwapenen van de helikopters naderhand. “We maken de toestellen in orde om de wereld van de HWIC-cursisten en de andere vliegers niet te verstoren”, legt hoofd Helikopteronderhoud eerste luitenant Roel uit. “Wat wij hier uitvoeren, is preventief en correctief onderhoud. Gisteravond kregen we een aantal kisten binnen met storingen, om half vier vanmorgen was de ploeg pas klaar.”

Ondertussen starten twee Apaches op voor een nieuwe vlucht en taxiën via een circuit op de luchthaven naar de startbaan. Commandant Boudewijn kijkt toe, al was ook hij gepland voor deze vlucht. “Altijd jammer, maar er was een probleem met een kist. De cursisten van de HWIC gaan dan echt voor. De opleiding wordt iedere editie dynamischer en veeleisender. We werken als helikoptersquadrons meer samen met fixed wing, drones en grondtroepen. Dat kan niet anders en zal steeds meer worden. Ook in internationaal verband.”

de Vliegende Hollander

Editie 102026