Toespraak directeur MIVD seminar: Fog of War

Toespraak van de directeur Militaire Inlichtingen- en Veiligheidsdienst (MIVD) generaal-majoor Jan Swillens op het seminar: Fog of War 2.0 ter gelegenheid van 20 jaar MIVD op 23 juni 2022 in Den Haag over wat nieuwe ontwikkelingen vragen van de inlichtingen- en veiligheidsdiensten.

Goedemiddag,

Ik neem u mee naar Afghanistan, 2009.

Het is zondagavond 2 februari op de commandopost in Tarin Kowt, waar ik als commandant van de battlegroup met mijn mensen verantwoordelijk ben voor de veiligheid in het gebied.

Om 10 uur ’s avonds komt er een melding van de MIVD binnen dat iemand zichzelf maandagochtend gaat opblazen op de markt van Deh Rawood, 60 kilometer verderop, een zogenoemde suicide-IED.

Het meest waarschijnlijke doelwit: de lokale politiecommandant met wie wij veel zaken doen.

Een jaar daarvoor was op dezelfde locatie een Nederlandse luitenant bij een vergelijkbare zelfmoordaanslag om het leven gekomen.

De eerste vraag die je je dan stelt als commandant: klopt deze informatie? Is het betrouwbaar?

Al snel bleek dat de Militaire Inlichtingen- en Veiligheidsdienst zijn werk inderdaad uitstekend had gedaan.

De tweede vraag die je je dan stelt als commandant is: gaan we er ook iets mee doen?

Of laten we het aan de Afghaanse veiligheidstroepen zelf?

Ik belde met mijn ondercommandant in Deh Rawood en we maakten onze analyses.

Om 4 uur in de ochtend hakten we de knoop en namen het besluit om de suïcider op te pakken in het quala complex.

[slides qualacomplex]

En u ziet hier het bomvest dat we vonden.

[slide bomvest]

Die dag hebben we voorkomen dat onschuldige mensen werden opgeblazen. Waaronder ook onze eigen troepen, Nederlandse militairen, die daar in de buurt op patrouille zouden zijn.

Dankzij betrouwbare en tijdige inlichtingen.

Ik kan u verzekeren: die inlichtingen kwamen niet uit de lucht vallen.

Het was het resultaat van een combinatie van inlichtingenmiddelen.

Menselijke bronnen, satellietbeelden en etherinterceptie.

Deze all-source benadering is het handelsmerk van de MIVD.

Cruciaal was ook een bulkdataset.

Met daarin het telefoonnummer van de zelfmoordterrorist.

1 enkel telefoonnummer kan dus levens redden en voor ons relevant zijn. Ook als het niet de nationale veiligheid raakt, maar wel de veiligheid van onze troepen op missie, of de bescherming van de

internationale rechtsorde.

Dames en heren,

In Afghanistan speelde zich elke dag een

wapenwedloop af.

De Taliban maakte bermbommen.

Wij spoorden die op met een metaaldetector. Vervolgens maakte de Taliban bermbommen zonder metaal en met radio-ontsteking.

Wij zetten onze jammer aan en pasten onze strategie aan.

En zo ging het verder.

In het cyberdomein zien we dezelfde wedloop. Dezelfde 24/7 competitie.

Onze tegenstanders verplaatsen zich razendsnel van server naar server…

…van land naar land…

…gaan expres op in de massa en verhullen zich…

…bijvoorbeeld via particuliere routers in Nederland.

Ik zie dat onze tegenstanders elke dag sneller, slimmer en sterker worden. En dat niet alleen. Ze houden zich op geen enkele manier aan de regels waar wij ons wel aan houden.

Daarop moeten wij een antwoord hebben.

Geen antwoord is geen optie.

Maar wel altijd vanuit onze eigen waarden en wetten.

Dames en heren,

Onze opdracht als MIVD is om dreigingen te zien aankomen. Om zicht te krijgen en te houden. En te handelen als het nodig is.

Ik heb 3 zaken nodig om deze opdracht uit te voeren.

Als eerste mensen en middelen.

Uit mijn special forces tijd weet ik: humans are more important than hardware en bij intell is dat precies hetzelfde.

Ik ben buitengewoon trots op de militairen en burgers van de MIVD en op de grote diversiteit aan kennis en kunde die we in huis hebben.

Het tweede dat we nodig hebben is data.

Iedereen is het erover eens dat kabelinterceptie en bulkdatasets onmisbaar zijn voor de diensten om Nederland veilig te houden.

De bulkdatasets die de MIVD gebruikt, richten zich vrijwel uitsluitend op het buitenland, waar vaak geen gerichtere middelen beschikbaar zijn.

Ze zijn operationeel van grote waarde en hebben ook een reconstructie waarde.

Daarmee bedoel ik dat ze vaak ook nog na jaren relevante informatie bevatten.

We gebruiken bulkdatasets in vrijwel al onze onderzoeken.

We gebruiken ze voor cybersecurity, om de cyberdreiging tegen Nederland vast te stellen. We gebruiken ze ook voor de economische veiligheid, de kennisveiligheid, de veiligheid van onze bedrijven en kennisinstituten en hun key technology.

We gebruiken ze in onderzoeken gericht op China, Rusland, Iran, de Sahel, het Midden-Oosten, Syrië en onderzoeken naar de ontwikkeling en verspreiding van massavernietigingswapens.

Zo hebben we met 1 van de bulkdatasets 5 hoge Syrische officieren kunnen identificeren die gifgas hebben ingezet tegen hun eigen bevolking. En ook bij het oppakken van de Russische spionnen bij de OPCW in 2018, was een bulkdataset cruciaal.

Naast mensen, middelen en data hebben wij mandaat nodig.

In Afghanistan noemden we dat de Rules of Engagement.

Zo mochten we pas een Talibanstrijder uitschakelen als er een positieve identificatie was.

Een terechte en ook uitvoerbare regel.

Na elke wapeninzet stelde de Koninklijke Marechaussee een rapport op en stuurde dat ook naar het Openbaar Ministerie.

Zo legden we verantwoording af over de legitimiteit van elke wapeninzet.

Een dynamische werkwijze in een dynamische praktijk.

Het was werkbaar en het werkte.

De Rules of Engagement voor de Nederlandse diensten is de Wet op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten 2017.

Het doel van de Wiv 2017 - was het moderniseren van bevoegdheden. Om de technologische ontwikkelingen bij te benen. Ook de bijbehorende waarborgen dienden te worden gemoderniseerd.

Het is geen geheim dat de wet niet in alle opzichten heeft gebracht wat nodig was.

Vorig jaar verscheen hierover een rapport van de Algemene Rekenkamer met als treffende ondertitel: de wet dwingt, de praktijk wringt en de tijd dringt.

De onafhankelijke commissie van mevrouw Renee Bos- Jones kwam tot vergelijkbare conclusies.

De wet introduceerde onder meer een statische toets in een dynamische praktijk.

Dat wringt dus.

En dat is niet goed.

Onder de huidige wet kunnen wij niet op alle fronten zien waar de tegenstander is en we kunnen niet op alle fronten snel en flexibel handelen.

Dat is een risico voor onze nationale veiligheid.

Landen als Rusland en China hebben een offensief cyberprogramma tegen Nederland. Landen ook, die de privacy-rechten van onze burgers aan hun laars lappen.

Het is daarom van groot belang dat – zoals de minister zojuist zei – binnenkort een tijdelijke wet wordt aangeboden aan het parlement die ons de mogelijkheid biedt om te doen wat nodig is.

Wij staan voor zowel veiligheid als privacy.

Het hoort bij beschermen wat ons dierbaar is.

Zo voel ik dat iedere dag.

En zo voelen mijn mensen dat iedere dag.

Dames en heren,

Het thema van vandaag is Fog of War 2.0. De mist van de oorlog. Wat is waar. Wat is fake.

Wij zien dat desinformatie het steeds lastiger maakt om de waarheid te onderkennen.

We kennen allemaal het bordspel Stratego. De stukken van de tegenstander zijn anoniem.

Je ziet niet wie je tegenstander is, wat hij kan, mag en waar hij op uit is.

Een lastig spelletje waar je meer dan eens op een bom loopt.

In de huidige Fog of War is daar digitaal Stratego bijgekomen.

Wij als dienst hebben de opdracht Nederland te helpen om door die mist heen te kijken.

Niet voor niets is bij Stratego de spion de enige die de vijandelijke maarschalk uit kan schakelen…

De Duitse militair strateeg Von Clausewitz zei het al in zijn 19de eeuwse boek Vom Kriege (On War):

"Het is cruciaal om in omstandigheden van oorlog de waarheid te herkennen en te zien."

De huidige oorlog in de Oekraïne laat zien dat dit nog steeds relevant is.

Want als je het gevaar niet ziet, ben je af…

Dan loop je op de bom.

En als je het wel ziet, maar je kunt niet handelen, leg je ook het loodje.

Dan gaan de systemen op zwart.

Zo simpel is het.

In deze permanente intelligence contest staat voor mij één ding als een paal boven water: it takes a network to defeat a network.

Publiek, privaat, kennisinstituten, de diensten, nationale en internationale partners.

Op alle fronten zullen we een gezamenlijk antwoord moeten vinden.

Het feit dat u hier bent, stel ik daarom zeer op prijs.

Laten we gezamenlijk door de mist heen kijken en doen wat nodig is.

Dank voor uw aandacht.