Jongerentraining ‘Maatschappelijke weerbaarheid’ om mensen in crisis te helpen
Stroomuitval, cyberaanvallen en extreem weer: hoe zijn jongeren voor te bereiden op dit soort ontwrichtende situaties? Het programma Maatschappelijke weerbaarheid startte gisteravond als pilot in Rotterdam.
In het programma Maatschappelijke weerbaarheid bundelen Defensie, de veiligheidsregio’s en onderwijsinstellingen hun krachten. Ze zien jongeren als belangrijke schakel in een samenleving wanneer die in een crisis verkeert. “De rode draad in het thema weerbaarheid is dat we het altijd gezamenlijk moeten doen”, zei commandant Defensie Ondersteuningscommando (Dosco) luitenant-generaal Jan-Willem Maas. “Doordat we als samenleving kijken naar de handelingsperspectieven en erkennen en dat dit spannend kan zijn, zijn we beter in staat om weerbaar te zijn.”
Uitvallen voorzieningen
Jongeren die het programma volgen zijn studenten bij verschillende opleidingen. Ze worden bewust gemaakt over welke risico’s de samenleving loopt en erop voorbereid in actie te komen wanneer dat nodig is. Dat betekent leren hoe te handelen tijdens een crisis en verantwoordelijkheid te nemen voor de directe omgeving. Weten hoe mensen zijn te helpen als voorzieningen uitvallen of hulp niet direct beschikbaar is. Concreet komt dat neer op een 8-weekse training in eerste hulp verlenen, omgaan met stress, navigeren, de-escaleren en samen onder druk besluiten nemen. Het programma eindigt met een crisisscenario en een eindopdracht.
Samenredzaamheid
Maar eerst is er deze maand dus de pilot. In Rotterdam, de havenstad met een vitale infrastructuur. In die passende omgeving bogen bestuurders, veiligheidsexperts, wetenschappers en de studenten zich gisteren over de vraag hoe Nederland weerbaarder kan worden. En over de verschuiving van zelfredzaamheid naar samenredzaamheid. Naar hoe mensen elkaar kunnen ondersteunen en de gemeenschap onder druk veerkrachtig weten te houden.
“Ik ben blij te horen hoe de jongeren vandaag spraken over weerbaarheid, dit geeft me veel vertrouwen”, blikte Maas terug op een geslaagde avond. Later wordt de pilot uitgebreid naar onderwijsinstellingen in onder meer Den Haag, Utrecht en Eindhoven.