Tot 22 maart vindt de Boekenweek plaats, met het thema Mijn generatie. Dat thema spreekt mij aan, ik lees graag biografieën en non-fictie. En heb het geluk dat ik werk in een organisatie met een relatief jonge work force: de gemiddelde leeftijd bij Defensie is 40 jaar en onder militairen is dat 35 jaar.

Ik (generatie X) word dus omringd door veel jonge mensen. Maar of je nu een babyboomer of millennial bent en of je van een actiethriller houdt of een dikke geschiedenispil, er is 1 boek dat iedereen zou moeten kennen: ons vernieuwde Handboek Humanitair Oorlogsrecht, dat ik vandaag heb vastgesteld voor de gehele krijgsmacht.

Het handboek vertaalt meer dan 160 jaar oorlogsrecht naar de oorlog van vandaag: dus ook met aandacht voor het cyberdomein, space-domein en het verantwoord gebruik van (gedeeltelijk) autonome wapensystemen.

Het eerste handboek oorlogsrecht in Nederland werd in 1872 geschreven door kapitein Jacobus den Beer Poortugael. Hij schreef dat het onze plicht was om “elkander intijd van vrede zooveel mogelijk goed en in tijd van oorlog zoo weinig mogelijk kwaad te doen.” Het boek werd lovend ontvangen. Maar er was ook kritiek. Een recensent vond de schrijver naïef omdat hij oorlog en recht samenbrengen zag als een vereniging van vuur en water.

We zijn nu bijna 1,5 eeuw verder en nog steeds zien veel mensen oorlog en recht als water en vuur. Oorlog komt op buitenstaanders vaak over als iets wetteloos; zoals de Romeinse redenaar, staatsman en filosoof Cicero ooit zei: "als de wapens klinken, zwijgen de wetten".

Terwijl een organisatie met een geweldsmonopolie juist regels moet hebben. Het oorlogsrecht beschermt ook de legitimiteit van ons optreden: dat geweld alleen wordt toegepast in de uiterste noodzaak, dat de regels alle betrokken partijen beschermen en dat we draagvlak blijven houden voor onze operaties vanuit onze samenleving en de internationale gemeenschap, zoals het in een rechtsstaat hoort. En juist militairen weten wat de effecten zijn van geweld op onze tegenstanders en op burgers. En wat de effecten zijn op onszelf: de mogelijkheid van strafrechtelijke vervolging, risico om morele verwonding op te lopen.

Het handboek is bedoeld voor onder meer (militair) juristen, commandanten en militaire planners en zal worden gebruikt in de militaire opleidingen. Dat is nodig, want de generaties die nu worden opgeleid moeten optreden in een wereld waarin het oorlogsrecht wordt getart door meerdere partijen. De komende jaren zal dit handboek ons optreden belangrijke richtlijnen geven. Het zal ook met de tijd meebewegen en wordt aangepast als dat nodig is.

Laten we daarbij onthouden dat de krijgsmacht niet alleen de fysieke veiligheid van Nederlanders en NAVO-bondgenoten beschermt, maar ook wat ons leven zo waardevol maakt: vrijheid, rechtsorde, democratie. We leven volgens die waarden en we vechten volgens die waarden.

Download het Handboek Humanitair Oorlogsrecht.

Commandant der Strijdkrachten
Generaal Onno Eichelsheim