De belangrijkste les die de oorlog in Oekraïne ons heeft geleerd, is dat het gebruik van onbemenste systemen oorlog voeren ingrijpend en voorgoed hebben veranderd.
Het optuigen van eigen dronecapaciteit heeft daarom de hoogste prioriteit. De oprichting vandaag van de eerste drone- en counter-drone-eenheden bij onze gevechtsbrigades en het Korps Commandotroepen is dan ook een belangrijke stap.
Wie zien in Oekraïne en het Midden-Oosten hoe drones het aanzicht van oorlogsvoering definitief hebben veranderd. Met de Shahed-drones die op honderden kilometers afstand woonhuizen en energievoorzieningen treffen en zo grote impact hebben op de burgerbevolking. Maar aan het front zijn de gevolgen nog groter.
De combinatie van observatie- en aanvalsdrones heeft de frontlijn over een diepte van tientallen kilometers veranderd in een death zone. Hier zitten alleen nog diep ingegraven infanteristen.
Om de enorme impact in cijfers uit te drukken: aan het begin van de oorlog in Oekraïne waren drones verantwoordelijk voor 10 tot 20% van de gedode en verwonde militairen. Dat percentage is opgelopen tot 80-90%.
Naast het reële gevaar hebben drones ook grote psychologische impact. De term ‘dronesyndroom’ is inmiddels een bekende term in Oekraïne. Door het constante gezoem en het idee nergens veilig te zijn, kunnen drones de wil om te vechten breken.
Deze ontwikkeling eist van ons dat we hier zo snel mogelijk een antwoord op hebben. Je móét de drone space beheersen, anders delf je het onderspit.
Daarvoor moeten we niet alleen drones aanschaffen en zorgen voor mensen die ze kunnen bedienen. Ook moeten we een ecosysteem ontwikkelen van krijgsmacht, industrie en kennisinstellingen.
Een fenomeen dat al wordt aangeduid als ‘de industrie in de put’ is essentieel omdat alleen zo frontervaringen snel genoeg verwerkt kunnen worden. Van aanpassingen aan de apparaten zelf, tot software en elektronische oorlogvoering. Degene met de snelste innovatiecyclus, heeft de overhand.
Om de uitdaging verder te vergroten, moeten we daarbij ook oog houden voor de ethische kaders. Want wie zegt te leven volgens bepaalde waarden, vecht ook volgens die waarden.
Dat het de Taskforce Drones is gelukt om binnen een jaar na oprichting onze gevechtseenheden concreet te versterken, is een belangrijke prestatie.
Tegelijkertijd zie ik het als het leggen van de eerste steen. De bouw is pas net begonnen. Nu is het zaak dat we keihard doorwerken. Ervaring opdoen en nauw samenwerken met de innovatieve bedrijven, kennisinstellingen en partners als Oekraïne. Alleen samen kunnen we dit nieuwe gebouw neerzetten.
Zo zorgen we voor die krijgsmacht die altijd en overal, ook in het dronedomein, de overhand heeft en kan vechten voor alles wat ons dierbaar is.
Commandant der Strijdkrachten
Generaal Onno Eichelsheim