Defensie heeft sinds vandaag een innovatiecentrum op de TU Campus Delft. Het draagt de naam: MIND Tech Centre. MIND staat voor Military Innovation by Doing. Defensie werkt hier samen met startups en het midden- en kleinbedrijf (MKB). Het doel is om nieuwe technologie voor de krijgsmacht sneller te ontwikkelen. Staatssecretaris Derk Boswijk nam de opening van het centrum voor zijn rekening.

In het MIND Tech Centre werken Defensie en bedrijven aan dual-use innovaties. Die zijn te gebruiken voor zowel militaire als civiele doeleinden. Denk aan drones, sensoren, ruimtetechnologie, IT, slimme materialen en digitale systemen. Het is een concreet voorbeeld van hoe plannen worden omgezet in samenwerking tussen verschillende organisaties. Hierbij komen mensen, techniek, kansen en ideeën samen.

Boswijk vertelde dat de Nederlandse overheid in 1940 volgens de industrie van Delft niet snel genoeg handelde. De industrie besloot daarom zelf luchtverdedigingsmiddelen aan te schaffen. “Timmerlieden, smeden en fabrieksdirecteuren oefenden tussen de werkzaamheden door, zonder militaire ervaring en munitie. Vlak voor de oorlog schoten ze één keer met scherp. Met kanonnen verdekt opgesteld rond de fabrieken verdedigden 200 ‘fabrieksmilitairen’ de stad Delft. Vrijwilligers schoten uiteindelijk 15 vijandelijke vliegtuigen uit de lucht. Mede dankzij hen mislukte de Duitse operatie. Indrukwekkend! Maar ook jammer dat overheid en bedrijfsleven elkaar toen niet vonden.”

Drones

Volgens Boswijk is het mogelijk dat Rusland de NAVO in de nabije toekomst aanvalt. “Daarom heeft de Nederlandse krijgsmacht de beste spullen nodig. Materieel en IT dat snel kan worden aangepast en moderner is dan dat van de tegenstander. In Oekraïne zien we hoe belangrijk dat is. Daar worden drones steeds sneller ontwikkeld, samen met bedrijven en innovatoren.”

Ook in Nederland is het volgens de staatssecretaris tijd om de muren tussen militair, ondernemer en wetenschapper af te breken. “Dit centrum geeft ons de broodnodige ruimte om te kunnen testen en experimenteren, met als doel om de innovatiecycli van materieel en IT te verkorten.”

Koplopers

Het centrum is een samenwerking tussen het ministerie van Defensie, de provincie Zuid-Holland en de TU Delft. De provincie geeft hier € 1 miljoen aan uit. Een deel van dat geld komt van de Europese Unie. Zuid-Holland is in Nederland een van de koplopers op het gebied van innovatieve startups. Dat maakt Delft een geschikte plek voor dit centrum.

Zuid-Holland kent ook een sterke dual-use industrie. Dat wil zeggen dat voor civiele doeleinden ontworpen technologie ook valt te gebruiken voor militaire toepassingen. Denk aan communicatiesystemen, sensoren, IT, computers en software. Volgens Boswijk wordt daarmee ook de muur tussen Defensie en samenleving afgebroken.