De Nederlandse chemie- en materialensector is van grote strategische waarde voor Defensie. Dat bevestigt een onderzoeksrapport dat in opdracht van Defensie, Economische Zaken en ChemistryNL is uitgevoerd. Staatssecretaris Derk Boswijk nam het vandaag samen met minister van Klimaat en Groene Groei Stientje van Veldhoven in ontvangst in Den Haag. Het rapport brengt in kaart waar Nederland sterk staat. Ook beschrijft het de kwetsbaarheden en kansen.

Nederland heeft sterke bedrijven, een stevige kennisbasis en zelfs unieke posities in Europa. Zo kan de Nederlandse chemische sector grondstoffen produceren voor munitie. Ook beschikt ze over vrijwel de enige Europese producent van para-aramide- en polyethyleen (UHMWPE) vezels. Die worden gebruikt in onder andere helmen en scherfvesten.

Oppassen voor concurrentie uit China

Deze sector staat echter onder druk door concurrentie uit China. Volgens Boswijk zijn leveringszekerheid en industriële weerbaarheid direct van invloed op het vermogen van de krijgsmacht om te blijven functioneren. “We kunnen praten over tanks, fregatten, drones, satellieten en luchtverdediging. Maar uiteindelijk komt iedere militaire operatie uit bij de vraag: kunnen onze mensen blijven varen, vliegen, rijden, oefenen en vechten? Daarachter zit een grotere vraag: hebben we als Nederland en Europa genoeg in eigen hand om onze veiligheid te waarborgen als het erop aankomt?”

Kwetsbaarheden en kansen

Daar zit volgens de staatssecretaris de kwetsbaarheid. “Wie voor cruciale materialen, grondstoffen of productiecapaciteit te afhankelijk is van anderen, kan op het beslissende moment klem komen te zitten. Bijvoorbeeld door een levering die stokt, een exportvergunning die vertraagt of technologie die wordt ingezet als geopolitiek drukmiddel. Wie die keten doorgrondt, ziet waar de kwetsbaarheden en de kansen liggen.”

Het rapport vormt een startpunt voor verdere samenwerking tussen Defensie, Economische Zaken, industrie en kennisinstellingen. “We hebben nu niet de luxe om lang naar elkaar te zoeken”, aldus Boswijk. “In Oekraïne zien we hoe drones worden aangepast in weken. Munitieverbruik ligt op niveaus die Europa lang voor ondenkbaar hield. Technologie en productie bepalen daar dagelijks het verschil tussen standhouden en terugvallen. Veiligheid wordt gebouwd voordat de crisis begint. Die les moeten wij hier trekken voordat de nood aan de man is.”

Vervolgstappen

Op basis van het rapport volgen 3 stappen. Defensie zet met prioriteit het actieplan voort om de Nederlandse supervezelindustrie te beschermen. Dit gebeurt door de aanschaf van Nederlandse vezels door Defensie en internationale partners te stimuleren. Daarnaast verkent Defensie de opzet van een productielijn voor dronemunitie in Nederland. De hele keten moet zo veel mogelijk in Nederland plaatsvinden, van grondstoffen tot productie.

Tot slot stellen de ministeries van Defensie en van Economische Zaken en ChemistryNL € 4 miljoen beschikbaar. Die is voor innovatie op het gebied van technisch keramiek en productiemethoden, corrosiebestendige coatings en 3d-printing, voor sneller herstel en productie.