Zeker 12.500 militairen uit diverse landen beoefenden de afgelopen 2 weken een gevecht in het hoogste geweldsspectrum. Dat deden ze tijdens NAVO-oefening Orion 26. Namens de Koninklijke Landmacht nam het Joint Intelligence, Surveillance, Target Acquisition & Reconnaissance Commando (JISTARC) met 155 militairen deel aan de training in Frankrijk. Zij hadden vandaag hun laatste dag.

Grotere afstand

De militaire oefenden voor het eerst in lange tijd het vliegen met onbemande toestellen vanuit tactische stellingen. Het Franse landschap bood een unieke mogelijkheid grote gevechtsscenario’s realistisch te trainen. In Nederland is er een grote drukte in het luchtruim. Het maximale aantal kilometers vliegen vanaf een grondstation is hier 30 kilometer. In Frankrijk konden de militairen tijdens Orion 26 tot wel 70 kilometer vliegen.

Normaliter verplaatsen de militairen 40 à 50 kilometer tijdens een sprong van de ene naar de andere locatie. Nu hadden ze te maken met verplaatsingen die opliepen tot 100 kilometer. Ook oefenden ze met relayeren: het plaatsen van een tweede grondstation in de diepte om het vliegbereik van de drones te vergroten.

Voor het eerst sinds lange tijd

Volgens hoofd van de oefening majoor Tom was de samenwerking met verschillende landen erg leerzaam. “We hebben al lang niet aan zo’n grote oefening mee gedaan. We zijn tegen wat uitdagingen aangelopen, maar leren ook van de verschillende procedures. De evaluaties na de oefening gaan veel inzichten brengen.”

De andere landen die verder aan de oefening meededen zijn het België, Griekenland, Italië, Luxemburg, Polen, Roemenië, Spanje, Tsjechië, Verenigd Koninkrijk, de Verenigde Staten, Tsjechië en natuurlijk Frankrijk. Voor de Nederlandse eenheden zit Orion er na vandaag op. De rest gaat nog even door.