De kustwachten van Sint Maarten en Saint-Martin mogen schepen die zij verdenken van drugssmokkel achterna zitten in elkaars territoriale wateren. Hierover is vandaag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en Frankrijk een verdrag getekend.
Het geeft uitvoering aan het Verdrag van San José. Dat moet de samenwerking in het Caribisch Gebied versterken in de strijd tegen illegale handel in verdovende middelen.
Met het uitvoeringsverdrag komt er een einde aan een aantal operationele beperkingen. Ook komt er meer duidelijkheid bij maritieme counterdrugsoperaties rond Sint Maarten en Saint-Martin.
Het eiland vormt namelijk een doorvoerroute voor contrabande vanuit Zuid-Amerika naar Noord-Amerika en Europa. Daarom is intensievere en transparante samenwerking essentieel.
Geweld is uitgesloten
De nadere regeling verduidelijkt de voorwaarden voor achtervolging in de territoriale zee van Sint Maarten en Saint-Martin. Het gebruik van geweld blijft daarbij uitgesloten. Het uitvoeringsprotocol bevat ook technische en operationele bepalingen om de activiteiten uit te voeren.
Minister-president van Sint Maarten Luc Mercelina tekende het verdrag namens het Koninkrijk. De Franse minister van Overzeese Gebieden, Naïma Moutchou, tekende vanuit Franse zijde.
Frankrijk is een belangrijke partner van het Koninkrijk in de regio. In 2021 is reeds een verdrag getekend om toe te zien op samenwerking op defensiegebied. Hierin staan ook statusafspraken van de strijdkrachten op de grondgebieden.
Het uitvoeringsverdrag is een mooie stap in de aanpak van grensoverschrijdende criminaliteit. Dit blijft een gedeeld belang.