Lof voor marechaussees en agenten

De belichaming van artikel 90 van de Nederlandse grondwet vormen ze. Het ideaal van de internationale rechtsorde verder bevorderen. Zo omschreef secretaris-generaal Siebe Riedstra van het ministerie van Veiligheid en Justitie vanmiddag de ongeveer 40 agenten, burgers en marechaussees die de Herinneringsmedaille Internationale Operaties ontvingen.

Riedstra zei bewondering te hebben voor de marechaussees en agenten. Dit omdat ze huis en haard verlieten om de rechtsstaat elders in de wereld op te bouwen. "Afreizen naar een onveilig deel van de wereld, om daar de veiligheid te verbeteren. Vertrekken naar landen waar onveiligheid, willekeur en rechteloosheid de regel zijn, en helaas niet de uitzondering. Ondanks het gevaar; de zware omstandigheden en het gemis van uw geliefden besloot u hier iets aan te gaan doen. Bij de gesprekken over deze bijeenkomst voelde ik het ontzag waarmee mensen spraken over uw werk."

Effectief en efficiënt

Commandant der Strijdkrachten luitenant-admiraal Rob Bauer bedankte de marechaussees voor hun inzet. "Bijzonder werk dat u heeft gedaan in het belang van Nederland." Hij sprak nogmaals zijn waardering uit voor de manier waarop de Koninklijke Marechaussee de schaarse capaciteit zo effectief en efficiënt mogelijk inzet. "Dat geldt ook voor de marechaussees die hier vandaag staan aangetreden. Zij hebben zich onder bijzondere omstandigheden ingezet in oorlogs- en crisisgebieden." Ze dienden in Kosovo, Afghanistan, Somalië, Libië en Mali.

Het goede voorbeeld

Bauer noemde in het bijzonder het werk van wachtmeester 1 Joyce die in Gao veel energie stak in community policing. Doel daarvan was de Malinese gendarmerie en de politie te leren zich als dienaars van de lokale gemeenschap op te stellen. "Ze moesten worden vertrouwd door de mensen. Want alleen als dat vertrouwen er is, kun je echt een verschil maken", aldus Bauer. "Samen met uw collega’s gaf u het goede voorbeeld door keer op keer rustig en duidelijk met mensen het gesprek aan te gaan."

Daarnaast trotseerde Ebben de Malinese bureaucratie. Ze zorgde er zo voor dat de lijkschouwer in een regionaal ziekenhuis een nieuw gebouwtje kreeg en nieuwe apparatuur. "De slechte faciliteiten en extreme werkdruk zorgden ervoor dat in vrijwel alle gevallen werd vastgesteld dat iemand een natuurlijke dood was gestorven. Dankzij de nieuwe faciliteiten kan hij in de toekomst beter zijn werk doen en kan hij aan meer nabestaanden de duidelijkheid geven die zij nodig hebben om het verlies te verwerken", zei Bauer.

Aan alle partners van de uitgezonden marechaussees en agenten werd een anjer uitgereikt en aan de kinderen de speciale kindermedaille.