Ministers nemen poolshoogte aan Europese oostgrens

Een gevechtsrantsoen in het veld. Dat kregen de ministers Ank Bijleveld-Schouten van Defensie en Wopke Hoekstra van Financiën voorgeschoteld in Litouwen. De bewindspersonen waren daar voor een 2-daags bezoek aan de Nederlandse militairen van de enhanced Forward Presence (eFP). Met deze inzet geeft de NAVO een duidelijk signaal af aan Rusland. De 29 bondgenoten zijn solidair met elkaar en bereid om elkaar te verdedigen.

Aan de rantsoenen.

Aan het gevechtsrantsoen te velde.

“Als kabinetslid is het goed om te zien wat onze militairen doen. We nemen ingrijpende beslissingen door mannen en vrouwen naar het buitenland te sturen”, zei Hoekstra te midden van Nederlandse militairen. “Daarnaast trekt dit Kabinet extra geld uit voor Defensie. Daarmee kan de krijgsmacht investeren, ook ter versterking van de NAVO.”

Instabiliteit en onvoorspelbaarheid

Dat laatste is nodig om te zorgen dat de NAVO berekend blijft op haar taak, het beschermen van het bondgenootschappelijk grondgebied. De huidige instabiliteit en onvoorspelbaarheid zijn uitingen van veranderende machtsverhoudingen in de wereld. Die zetten de democratische rechtsorde, het economische verdienmodel, de vitale infrastructuur en internationale organisaties onder druk.

Hoekstra bekijkt hoe militairen werken aan hun hogere gereedheid en inzetbaarheid.

Hoekstra bekijkt hoe militairen werken aan hun hogere gereedheid en inzetbaarheid.

Grootste dreiging

Bijleveld bracht in herinnering dat de grootste dreiging nu uitgaat van Rusland. “Hoe reëel die dreiging is, wordt hier in Litouwen nadrukkelijk gevoeld. Neem bijvoorbeeld beinvloeding door verspreiding van nepnieuws of de Russische troepenopbouw aan de grens. Daarom neemt de NAVO maatregelen die zijn gericht op afschrikking. Maar ook maatregelen die de collectieve verdediging en onderlinge samenhang versterken. Zo verbetert het bondgenootschap zijn paraatheid met de Very High Readiness Joint Task Force, ook wel bekend als flitsmacht, en de eFP.”

Hindernissen op meren

De Nederlandse eFP-militairen doorlopen tijdens hun inzet een intensief programma. Denk aan oefeningen ter verbetering van de samenwerking en interoperabiliteit (het verbinden van systemen) met de Litouwse strijdkrachten. Ook leren ze omgaan met de specifieke weers- en landschapskenmerken. Zo is het ijs er dik genoeg om vrachtwagens en zelfs pantserwagens te dragen. Daarom trainden Nederlandse genisten hoe je hindernissen opwerpt op meren en met welke materialen.

Opknappen ziekenhuis

De ministers waren bij een deel van een oefening om te zien hoe militairen werken aan hun hogere gereedheid en inzetbaarheid.

Daarnaast leggen militairen contact met de Litouwse bevolking. Ze geven voorlichting op scholen, nemen deel aan parades en helpen (kleinschalig) met het opknappen van maatschappelijke infrastructuur zoals een lokaal ziekenhuis.

Meer dan 40.000 militairen

Maatregelen als de eFP geven de NAVO bij oplopende spanning tijd voor het ontplooien van grootschalige militaire capaciteiten. Hiervoor heeft het de NATO Response Force (NRF) met alleen al meer dan 40.000 militairen. Zo kan de NAVO het bondgenootschappelijk grondgebied beschermen. Tegelijkertijd blijft het bondgenootschap bereid tot een dialoog met Rusland. Dit om ongevallen, misverstanden en escalatie te voorkomen en transparantie om militair gebied te bevorderen.