Bestuursstaf

Deze hoofdrubriek bevat 2 rubrieken:

Weblog van de Commandant der Strijdkrachten

Veiligheidsdiscussie

In Nederland is discussie ontstaan over onze veiligheid en het geslonken Defensiebudget. Een belangrijke ontwikkeling. Hoe breder de discussie, hoe beter. Veiligheid is immers voor iedereen van belang en zeker geen luxeartikel.

De oproep van de Amerikaanse president Barack Obama aan Europese landen om meer te spenderen aan hun krijgsmacht en niet langer disproportioneel op de Amerikanen te leunen als het gaat om de veiligheid heeft de discussie aangewakkerd. Maar ook de spanningen in de Oekraïne maken veel los.

Dit land - op slechts 2 uur vliegafstand en gelegen aan de grenzen van de EU - laat namelijk zien dat een schijnbaar stabiele situatie zo kan omslaan en dat veiligheid helemaal niet vanzelfsprekend is. Sommigen noemen het niet voor niets een wake-up-call. Wie had immers 4 maanden geleden gedacht dat de verhoudingen zo snel konden verslechteren?

Dat geeft ook te denken. Zo liet de schrijver Geert Mak in het programma ‘Eén op één’ weten: “We waren zo bezig met die soft power - en dat is ook goed - alleen Poetin reageert op een 19e-eeuwse manier.” Mak, ooit pacifist, meende daarom dat we “Defensie niet moeten afbreken” en dat we “meer moeten samenwerken met anderen.”

En de Britse militair historicus en oud-journalist Max Hastings zei in een interview met NRC Handelsblad over de situatie in de Oekraïne: “Ik stel geen moment voor dat we een militair antwoord moeten geven, maar ik suggereer wel dat we moeten laten zien dat we dat kunnen. Het is angstaanjagend dat Europa niet eens kan pretenderen dat het een militair antwoord heeft.”

Zo is het maar net. Dat is ook de reden waarom ik zelf vorige week bij een debatbijeenkomst opmerkte dat een brullende leeuw veel geloofwaardiger is als die ook zijn tanden kan laten zien. Het is nu eenmaal geloofwaardiger als je praat vanuit een sterke positie. Vriend en vijand weten dat.

Mijn uitspraken trokken de aandacht van de media, maar het moest gezegd worden. Europa levert slechts 25% van de NAVO en moet een meer geloofwaardige partner worden. Dit vooral door meer rendement te halen uit onze samenwerking en de krachten nog meer te bundelen. Maar daarmee verandert dit percentage niet. Daar is meer voor nodig.

Bij militaire samenwerking geldt dat de liefde van 2 kanten moet komen. Je kunt als land niet voor een dubbeltje op de eerste rang zitten, en voor een lagere premie een hogere dekking verwachten. Je moet ook bereid zijn te leveren.

En dat is nu net het probleem. Nederland investeert nu 1,16% van het Bruto Nationaal Product in Defensie. Als we de pensioenen en wachtgelden niet meetellen slechts 0,87%. Ter vergelijking: de gemiddelde bijdrage van de Europese NAVO-landen is 1,56% en de NAVO-norm is 2%.

Wij zitten met onze 1,16% dus ruim onder de gemiddelde EU-bijdrage en de NAVO-norm. En dat terwijl onze economische positie zich juist meer in de kopgroep bevindt. En dat in een tijd waarin we in toenemende mate afhankelijk zijn van stabiliteit, zowel binnen als buiten Europa…

Dat baart mij zorgen. Of we het nu leuk vinden of niet, in veiligheid en vrijheid moeten we blijven investeren. Of zoals Geert Mak in de uitzending ‘Eén op één’ concludeerde:

“Vrijheid komt niet vanzelf. Voor vrijheid moet je knokken. Moet je concessies doen. Moet je ruzie over maken. Rode koppen krijgen en uiteindelijk weer naar de stembussen sjokken. Dat is allemaal vrijheid. Vrijheid moet je verrekt alert op zijn, want anders glipt het zo door je vingers”.

Generaal Tom Middendorp,
Commandant der Strijdkrachten

Defensie beschermt wat ons dierbaar is.