Weblog van de Commandant der Strijdkrachten

Juni 2020

Ik weet nog goed dat ik tijdens tentamenperiodes op het Koninklijk Instituut voor de Marine om 22.00 uur begon met studeren. Middenin de nacht rond een uur of 4 was ik klaar, om vervolgens om half 10 ’s ochtends die volgezogen spons boven het tentamen leeg te knijpen. ‘s Middags begon ik weer met het volgende tentamen. Als je me een week later vroeg wat ik had geleerd, dan herinnerde ik me er eigenlijk niet meer zoveel van.

Volgens mij doet het gros van de samenleving dat nu nog steeds: klassikale lessen en toetsen. Tijdens een bezoek aan het Gezondheidszorg Opleidings- en Trainingscentrum (DGOTC) in Hilversum zag ik hoe het anders kan. De nieuwe manier van lesgeven die ze hier toepassen is een mooi voorbeeld van hoe COVID-19 kan helpen om een noodzakelijke verandering vorm te geven.

Al voor de pandemie waren er enorme wachtlijsten voor de geneeskundige opleidingen in Hilversum. Maar de traditionele benadering van extra instructeurs en meer leslokalen inplannen zodat er meer leerlingen binnen kunnen komen, werkt niet meer. Beide zijn op korte termijn gewoon niet te regelen. Daar bovenop is ook de lesruimte door de afstandsregels te beperkt. De mensen van het trainingscentrum lieten mij zien dat ze nu meer inspelen op de kwaliteiten en wensen van de individuele cursist en effectiever omgaan met de tijd.

Op het moment dat de cursisten binnen zijn, bied je hen een programma aan dat meer op maat gesneden is en gebruik maakt van digitale hulpmiddelen. Iedereen moet volgens een leerboek bepaalde dingen kunnen. Vervolgens is het aan de cursisten hun eigen tijd in te delen. Aan het eind van de rit moeten al de taken zijn afgerond. Er is veel minder klassikaal frontaal onderwijs, maar er is meer aandacht voor het oefenen van opdrachten om er voor te zorgen dat de cursist beter op de toekomstige taak is voorbereid.

Voor iemand die extra begeleiding nodig heeft is een grote klas altijd lastig. In feite bepaalt de leerling die de meeste hulp nodig heeft het tempo. Zij kunnen zich daar schuldig over voelen. En voor de leerlingen die minder hulp nodig hebben kan dat dat oponthoud vervelend zijn. In het nieuwe systeem volgt iedere leerling zijn eigen tempo waardoor de instructeurs tijd en mogelijkheden hebben om de meer hulpbehoevende leerling te begeleiden. En dat kan omdat andere leerlingen dat minder nodig hebben.

Het DGOTC maakt bij opleidingen ook gebruik van nieuwe technische middelen. De leerlingen filmen hun handelingen en plaatsen de video in de app GPAL. Ze delen en bespreken elkaars video’s en de commentaren helpen ze om beter te worden. Ook de instructeurs kunnen de filmpjes zien en gerichte vragen aan de cursisten stellen.

Leerlingen vinden deze manier van werken leuker, want het sluit aan bij hun digitale belevingswereld. Sommige instructeurs vinden het fantastisch, anderen moeten er aan wennen. Het bijzondere is dat de opleiding nu korter is, maar de kwaliteit toegenomen. Doordat mensen meer zelf doen en dingen uitzoeken, blijft de stof beter hangen. Een instructeur vertelde dat hij zijn werktijd nu anders in kan richten. Soms doet hij dingen ’s avonds, soms overdag. Hij heeft meer vrijheid.

Ik weet niet of deze nieuwe werkwijze in alle gevallen effectiever is, maar ik doe wel aan iedereen een oproep. Je hoeft niet voor dezelfde aanpak te kiezen als het DGOTC, maar ga wel met elkaar in gesprek over alternatieve vormen van lesgeven. Niet buiten, maar binnen de bestaande mogelijkheden, zoals de beschikbare infrastructuur en het aantal instructeurs.

Rob Bauer
Commandant der Strijdkrachten