Coördinatiecel moet hulp aan Caraïben vergemakkelijken

Frankrijk, Nederland en het Verenigd Koninkrijk hebben een tijdelijke multinationale coördinatiecel opgericht. Die is bedoeld voor het lucht- en zeetransport van hulpgoederen aan de Bovenwindse eilanden die door orkanen zijn getroffen.

De Multinational Caribbean Coordination Cell (MNCCC) zorgt ervoor dat strategisch lucht- en zeetransport binnen het Caribisch gebied efficiënt wordt uitgevoerd. Het rond de 25 personen tellende MNCCC werkt vanuit Marinebasis Parera op Curaçao.

De eenheid werpt in haar eerste bestaansweek al zijn vruchten af. Zo vloog een Canadese C-130 met water en voedsel van het Rode Kruis van Curaçao naar Sint-Maarten. Ook een Belgische C-130 in het gebied ging volgeladen met hulpgoederen naar Sint-Maarten. Een Frans marineschip leverde door tussenkomst van de MNCCC spullen van internationale organisaties af op Dominica.

Schaarse transportcapaciteit

De orkanen Irma en Maria richtten de afgelopen weken grote schade aan op onder meer de Bovenwindse eilanden Sint-Maarten, Sint Eustatius, Saba en Dominica. De verwoesting was enorm en aan veel eerste levensbehoeften is nog altijd gebrek. Het MNCCC moet voorkomen dat transportmiddelen voor de hulpgoederen schaars worden en de hulpverlening moeizaam verloopt. De militaire bijstand aan de eilanden is en blijft weliswaar een nationale verantwoordelijk, maar er valt op het gebied van vervoer veel samen te doen.

Het MNCCC telt 25 medewerkers. Nederland en Groot-Brittannië bezetten elk 8 stoelen en Frankrijk 9. De cel blijft naar verwachting 1 tot 2 maanden actief.

De Nederlandse noodhulpvluchten tussen Curaçao en Sint-Maarten worden sinds vorige week niet langer door Defensie uitgevoerd.