Weblog Afghanistan

Saamhorigheid op Dutch Mountain

Met ons contingent Nederlandse militairen vormen we een substantieel deel van het Train, Advise and Assist Command North (TAAC-N) op Camp Marmal. Het is interessant om te zien hoe die relatief grote groep zich in de multinationale omgeving manifesteert.

Wie: kapitein-ter-zee Rob Hunnego.
Wat: hoofd logistiek in Mazar-e-Sharif, Afghanistan.

Verdeeld in verschillende ‘kampen’

Om te beginnen is er het Nederlandse kamp Dutch Mountain. Het kamp is fysiek afgescheiden door muren en hekwerk van Camp Marmal. Op Dutch Mountain woont een gemêleerd gezelschap Nederlandse militairen. De groep is op verschillende manieren onder te verdelen. Zo zijn de 4 krijgsmachtdelen vertegenwoordigd: marine, landmacht, luchtmacht en marechaussee. De militairen zijn afkomstig van alle Defensieonderdelen, ook van het Commando DienstenCentra (zoals ik) en de Defensie Materieel Organisatie.

Maar je kunt de groep ook onderverdelen naar de aard van hun werk. Er is het National Support Element (NSE), de force protection, de Medical Company, de stafofficieren TAAC-N en de adviseurs.

Een andere doorsnede is de ‘werkplek’. Een deel van de militairen werkt, woont en leeft op Dutch Mountain, voornamelijk het NSE-personeel. Een ander deel gaat altijd ‘buiten de poort’: de adviseurs, en daarmee ook de force protection en de mobile medical teams. Weer een ander deel werkt overwegend binnen de poorten van Camp Marmal, maar gaat soms ‘buiten de poort’. Dat zijn de ‘part-time’ adviseurs uit de stafofficieren TAAC-N. Daar ben ik er ook 1 van.

Of, zoals tijdens de carnavalsavond op 13 februari bleek, een verdeling tussen de zuiderlingen en de noorderlingen. Die reageerden elk heel anders op de après-ski-muziek die de (door de dienst O&O van de Koninklijke Landmacht ingevlogen) DJ en de zangeressen Femke en Frouke lieten horen. Om van de verkleedpartijen maar niet te spreken. Als SNR zat ik veilig in het midden. Met wel een piratenhoed op, maar verder geen fratsen.

Kortom: het is dus heel makkelijk om onderscheid aan te brengen.

Toch 1 Nederlands contingent

Tegelijkertijd is het net zo makkelijk om grote overeenkomsten te duiden. Zo zijn we allemaal deel van de missie Resolute Support en zijn we allemaal Nederlandse militairen die zijn uitgezonden naar Afghanistan. Dankzij onze vorming hebben we een gemeenschappelijk referentiekader. Daardoor hebben we heel snel verbinding, ondanks de verschillen in krijgsmachtdeelachtergrond. We zijn allemaal langdurig van huis. En we werken allemaal aan een betere en veiligere leefomgeving voor de Afghaanse bevolking.

Daarmee zijn we allemaal deel van 1 Nederlands contingent.

Nieuwe naamplaat

Met al die verscheidenheid is het belangrijk dat Dutch Mountain uitstraalt dat het kamp er voor alle Nederlandse militairen is. Maar het eerste wat je ziet als je Dutch Mountain opkomt is een Nederlandse vlag aan een vlaggenmast die in een soort monument is verankerd. Met op dat monument een naambord, een houten bord met ‘NSE 3’. Terwijl die vlag daar voor ons wappert, straalt dat monument dus uit dat Dutch Mountain alleen van het NSE is. Maar Dutch Mountain is van ons allemaal. Het is het ‘home away from home’ voor elke Nederlandse militair die naar Mazar-e-Sharif is uitgezonden.

Dat moest veranderen. Het moest iets van ons allemaal worden. Die uitdaging is opgepakt door de mannen van de instandhoudingsdienst van het NSE. En dat heeft geleid tot een bijzonder mooie naamplaat, die ik mocht onthullen. Ik ben de bedenkers en makers dankbaar, zij hebben er veel tijd in gestoken. Ik heb ze publiekelijk bedankt en ze met een ferme handdruk mijn ‘commander’s coin’ overhandigd.

Zondagse dienst

Ik moet tot mijn schande bekennen dat ik afgelopen zondag voor het eerst deelnam aan de wekelijkse zondagse dienst. En dat terwijl ik elke week trouw ben uitgenodigd door onze geestelijk verzorger. Tijdens mijn eerste 3 maanden verzorgde aalmoezenier Ronell de diensten. Sinds ruim 2 maanden is onze geestelijke verzorging in handen van de humanistische raadsvrouw Ramaya.

Weblog 'Saamhorigheid'.

Foto op de poster van de Bezinningsdienst.

Vandaag had zij haar wekelijks 'mijmermoment', met als onderwerp saamhorigheid. Onder de aanwezigen was een vaste groep Nederlanders en Vlamingen, en ik dus. Overigens spreken onze Vlaamse vrienden van samenhorigheid.

De raadsvrouw stelde een aantal persoonlijke vragen en benoemde daarmee zaken die soms lastig zijn om aan anderen toe te geven. Zoals: wie heeft wel eens te maken met geweld? Wie heeft weleens iemand verloren aan de dood? Wie is weleens gekwetst? Wie is weleens onzeker? En het zijn die gevoelens die ons als mensen verbinden. En die gevoelens van elkaar te weten, te herkennen en te accepteren, maakt ons gevoel van saamhorigheid groter. Als je je binnen de groep zó vertrouwd voelt dat je je eigen onzekerheid en gevoelens durft te tonen, dan heb je échte saamhorigheid.

En dan wordt zo’n naambord, mooi en met liefde gemaakt, opeens een bijzonder symbool.
Een symbool dat zegt: hier hoor je thuis, met al je kracht en zwakheden. Een symbool, dat onze saamhorigheid op Dutch Mountain versterkt.

Groet,
kapitein-ter-zee Rob Hunnego

Reactiemogelijkheid gesloten

U kunt geen reactie meer plaatsen.

Reacties

  • Kapt-ter-zee Hunnego, geweldig toch dat het Oirschotse genezerikken (waaronder dochterlief) het carnavalsgevoel hebben proberen bij te brengen. En klasse stukjes trouwens. Lezen ze hier altijd met plezier.

    Van: Pim van Reusel | 28-02-2016, 23:32

  • Weinig van te merken van die saamhorigheid.

    Van: Een collega | 24-02-2016, 12:29