Het Nederlandse aandeel bij de inzet van het luchtwapen boven Bosnië, Kroatië en Kosovo

De Nederlandse regering had al op 12 december 1992 F-16’s aangeboden in verband met het vliegverbod. Begin april 1993 arriveerden 18 F-16-gevechtsvliegtuigen, waarvan 6 voor fotoverkenningen en 300 militairen op de luchtmachtbasis Villafranca in Italië.

Combat air patrol

Al snel werden op verzoek van de NAVO de fotoverkenners ingeruild voor extra F-16-gevechtsvliegtuigen. Nederlandse F-16’s vlogen op 12 april als eerste NAVO-toestellen voor een ‘combat air patrol’ het luchtruim van Bosnië binnen. Een liaisonteam van de luchtmacht werd gestationeerd in een Combined Air Operations Center (CAOC) te Vicenza. Het stond onder bevel van een kolonel die ook senior national representative was. In Vicenza stond het hoofdkwartier van 5 Allied Tactical Air Force (5 ATAF). Dat coördineerde de inzet van de NAVO-toestellen boven Bosnië.

Swing role

De NAVO gaf in juni 1993 de gevechtsvliegtuigen opdracht om zonodig ‘close air support’ te verlenen aan de UNPROFOR-militairen in de ‘safe areas’. Nederland reserveerde vanaf 22 juli formeel 6 van de 18 F-16’s in Villafranca voor dit doel. In de praktijk waren alle toestellen echter swing role inzetbaar. Dat betekende: voor zowel het verkrijgen van luchtoverwicht als voor het geven van close air support aan de VN-troepen op de grond. Begin augustus 1993 voegde de Noord-Atlantische Raad bovendien zwaardere luchtaanvallen toe aan het takenpakket. Operatie Deny Flight kon zo in Bosnië de enclaves verdedigen.

Inzet

Het aantal Nederlandse F-16's dat deelnam aan Deny Flight werd bepaald door het verloop van de burgeroorlog en de inzet van de NAVO-partners. Het lag in de jaren 1993-1995 tussen de 12 en 18. Het detachement werd in februari 1994 versterkt met 4 RF-16-fotoverkenners. Die moesten het bewijs leveren dat de strijdende partijen hun zware wapens in en rond Sarajevo terugtrokken.

Luchtaanvallen

De Veiligheidsraad gaf de NAVO-toestellen op 19 november 1994 toestemming wanneer nodig behalve in Bosnië ook in Kroatië luchtaanvallen uit te voeren. Bijna 40 NAVO-toestellen, waaronder 4 Nederlandse F-16’s, bombardeerden op 21 november 1994 het vliegveld Udbina in Kroatië. De Bosnische Kroaten gebruikten dat om luchtaanvallen op 'safe area' Bihac uit te voeren.

Deliberate Force

Op 11 juli 1995 gaven Nederlandse F-16’s op beperkte schaal luchtsteun aan belaagde Nederlandse VN-militairen in Srebrenica. De Nederlandse F-16’s hadden een maand later een belangrijk aandeel in operatie Deliberate Force. Deze was bedoeld om de Bosnisch-Servische mortieraanval op de Merkale-markt in Sarajevo op 28 augustus 1995 af te straffen.

De Nederlandse F-16’s namen 10 % van het totaal aantal vluchten voor hun rekening. De aanvallen nabij Sarajevo werden met de Rapid Reaction Force gecoördineerd. De 6 extra toestellen keerden begin oktober terug naar Nederland. De Nederlandse bijdrage aan Deny Flight werd op 20 december 1995 overgeheveld naar de luchtcomponent van IFOR (operatie Decisive Endeavour).

Nederlandse bijdrage

De Nederlandse bijdrage aan de luchtcomponent van IFOR werd geleidelijk teruggeschroefd tot 7 (later weer 8) F-16’s en 120 militairen. Zij vormden samen met enkele Belgische F-16’s de Deployable Air Task Force (DATF). De DATF verhuisde begin januari 1999 van Villafranca naar de veel zuidelijker gelegen Italiaanse basis Amendola.

De omvang van het detachement steeg vanwege de crisis rond Kosovo tot 20 toestellen en 278 militairen. 12 F-16’s keerden op 25 juni terug naar Nederland. De 8 (sinds januari 2001 4) – overgebleven toestellen werden sindsdien ingezet als onderdeel van de Bosnia Kosovo Air Component (BKAC).

Minder F-16’s

De NAVO besloot in december 2000 de slagkracht van de BKAC te verminderen van 41 naar 22 vliegtuigen. Dit naar aanleiding van de normalisatie van het luchtverkeer boven Bosnië-Herzegovina. België en Nederland halveerden daarop hun bijdrage aan de BKAC. Voortaan stelden ze bij toerbeurt 4 F-16’s beschikbaar. In de zomer van 2001 nam de paraatheid van de BKAC nog verder af. Hierdoor kwamen de 4 Nederlandse toestellen op afroepbasis vanuit Nederland beschikbaar.