De oorlog tussen Iran en Irak

Duur missie:
1 november 1987 - 2 januari 1989
Aantal militairen:
33
Dodelijke slachtoffers:
geen
Dapperheidsonderscheidingen:
geen

De oorlog begon op 21 september 1980 met een grote Iraakse aanval op Iran. Irak wilde de grensafbakening in de rivier de Sjatt al-Arab herzien. Het eiste dat Iran een aantal eilandjes in de Perzische Golf aan Bahrein teruggaf en autonomie verleende aan de Arabisch sprekende bevolking van de olierijke Iraanse provincie Khoezestan.

Op de achtergrond speelde de eeuwenoude Perzisch-Arabische rivaliteit. Maar ook de strijd om de macht in de Golf en de ideologische botsing tussen het theocratische Iran en het seculier-socialistische Irak.

Tankeroorlog

De oorlog richtte zich op zee vooral tegen de economisch belangrijke olie-export. Dit mondde al snel uit in de zogenoemde tankeroorlog. Irak opende in 1985 de aanval op olietankers uit Iran. Iran reageerde met aanvallen op schepen uit andere Golfstaten. De VS besloten olietankers uit Koeweit onder Amerikaanse vlag te escorteren, waardoor het conflict verder uit de hand dreigde te lopen.

Mijnen in Golf van Oman

Iran ging zelfs een stap verder. Niet alleen bleef het raket- en mijnengevaar in de Perzische Golf voortduren. Iran legde vanaf augustus 1987 ook mijnen in de Golf van Oman. Dit was een ankerplaats voor de olietankers voordat zij zich in de Perzische Golf waagden. Voor een aantal landen van de West-Europese Unie (WEU) was dit de spreekwoordelijke druppel.