Weblog oorlogsdagboeken

Kantje boord

Vanmorgen kregen we om 11.15 uur te horen dat we om 11.30 uur een briefing hadden. Daar kregen we te horen dat we voor een dag naar Truscott Airbase gingen. We vlogen er met 12 kisten heen en er waren ook kisten van Squadron 2 bij. Tijdens de briefing hoorden we dat het om een grote gecombineerde high level en low level-operatie ging. Doel was weer Waingapoe op Soemba. Daar waren in de haven schepen van 1.000 ton gezien.

Wie: Kees Merkelbach (1923-2003)

Wat: luitenant-vlieger bij het Netherlands East Indies Squadron van de Royal Australian Air Force (1944)

Wij, de Nederlanders, zouden de high bombing voor onze rekening nemen en de Australiërs van 2 Squadron de schepen. Wij moesten 2 minuten voor hen het luchtdoelgeschut rond de haven aanvallen en zo voorkomen dat de Australiërs werden beschoten.

Zwart-wit-foto B-25J Mitchell op Australische landingsbaan.

Archieffoto: B-25J Mitchell in Australië.

Langzaam toestel

Al pratend was het kwart over 4 geworden voordat we vertrokken. We vlogen in toestel 221. Het was het langzaamste toestel van allemaal en gebruikte de meest peut. De aanval stond gepland voor 18.20 uur en we moesten er een half uur van tevoren zijn. Dat betekende flink doorvliegen en veel peut gebruiken...

We arriveerden kwart voor 6 en bekeken de haven buiten het bereik van het geschut. We deden dat met 4 vliegtuigen in formatie en het was een hele klus om de anderen bij te houden.

"500-ponders draaien of tuimelen niet, maar vallen loodrecht met de neus naar beneden van onder het vliegtuig naar de grond."

Positie innemen

Een schip verliet de haven, maar keerde direct om nadat ze ons zagen. We kregen het tijdstip door waarop de andere vliegtuigen zouden aankomen en maakten onze run. Ik nam de juiste positie in. Net op tijd, want ik zag het bommenluik open gaan bij het eerste toestel en pal daarna de eerste bom. Een prachtig gezicht. 500-ponders draaien of tuimelen niet, maar vallen loodrecht met de neus naar beneden van onder het vliegtuig naar de grond.

Granaat explodeert achter de staart

Ik zag een grijs en zwart wolkje van een exploderende granaat achter de staart van mijn toestel. De formatie verspreidde zich onmiddellijk. Volgens Otto vlogen we 360 mijl per uur om weg te komen. We trokken zware bochten en doken steeds. Volgens de radio-operator kwam een zware gereedschapsset los van de grond en zweefde een tijdje. Het was meer dan noodzakelijk, want de explosies kwamen tamelijk dicht bij de staart. We draaiden naar rechts en zagen dat onze bommen precies doel hadden getroffen en begonnen aan de terugvlucht.

Brandstof overpompen

Het grootste probleem: de brandstof. De hoofdtanks waren bijna leeg en we hadden de hulptanks al lang geleden aangesproken. Gelukkig hadden we nog een kleine tank in het bommenluik. Die zat nog vol en de brandstof kon worden overgepompt naar de hoofdtanks.

"Toen we een bocht maakten om recht voor de baan te komen, viel de brandstofwijzer terug naar 0."

Gat in de staart

Staartschutter Allan Hargrave meldde via de intercom dat er een gat in de staart zat. Otto nam het stuur over en ik ging naar achteren om te controleren. Het zat vlak bij een van de stabilisatoren… Ik ging weer naar voren.

Einde dag

We pompten de rest van de brandstof over en concludeerden dat we het nét konden halen. Rond half 10 kwamen we bij het vliegveld en toen we een bocht maakten om recht voor de baan te komen, viel de brandstofwijzer terug naar 0. We landden veilig. Na de debriefing at ik wat en dook direct mijn bed in. Wat een dag!

Tot zover! Groeten, Kees

  • Dit is een bewerking van het dagboek van Kees Merkelbach vanwege 75 jaar vrijheid. De originele dagboeknotities zijn opgenomen in de collectie van het NIMH. Op aanvraag kunt u ze daar bekijken.

Reactie toevoegen

Ongepaste reacties worden niet geplaatst. Uw bericht mag maximaal 2000 karakters tellen.

Uw bericht mag maximaal 2000 karakters lang zijn.

Reacties

Er zijn nu geen reacties gepubliceerd.