“Een stropdas voor rol Slag om de Schelde”

Interview met luitenant-ter-zee der 1e klasse Jeroen Lokerse

Overgrootopa werkte als: onderofficier Regiment Wielrijders en verzetsman.

Ik werk als: commandant Zr.Ms. Luymes.

Marineofficier geportretteerd voor 2 marineschepen in de haven.
Lokerse in de marinehaven in Den Helder.

"Ik ben Jeroen Lokerse, commandant van Zr.Ms. Luymes (HOV-C bemanning). De Luymes is een hydrografisch opnemingsvaartuig. Met een bemanning van ongeveer 20 personen brengen we de zeebodem in kaart voor militaire en civiele doeleinden. Dat doen we met sonar. We bepalen de diepte van de zee en leggen contacten, zoals scheepswrakken, vast. De gecontroleerde en gevalideerde data gaan naar de Hydrografische Dienst van de Koninklijke Marine. Die maakt er zeekaarten van.

Opa bij marechaussee en verzet

Mijn opa was toen de Tweede Wereldoorlog uitbrak marechaussee. Hij werkte in Oudenbosch in Noord-Brabant. Opa maakte deel uit van het verzet, maar wat hij heeft gedaan heb ik niet kunnen uitzoeken. Hij kreeg na de oorlog het Verzetsherdenkingskruis.

Overgrootvader helpt geallieerden in Zuid-Beveland

Mijn overgrootvader, Piet Kloosterman, werd geboren in 1897. Hij was dienstplichtig in de Eerste Wereldoorlog en werd in de mobilisatie voor de Tweede Wereldoorlog weer opgeroepen. Als onderofficier bij het Regiment Wielrijders. Na de capitulatie zette mijn overgrootvader het verzet in Zuid-Beveland op. Hij verborg met anderen geallieerde vliegers die boven vijandelijk gebied uit hun vliegtuig moesten springen. De pilotenlijn zorgde ervoor dat ze weer teruggingen naar Engeland.

Daarnaast verzamelde mijn overgrootvader inlichtingen voor de geallieerden. "Met sabotage kunnen wij de oorlog niet winnen", zei hij. "Dat moeten de geallieerden voor ons doen. Maar we kunnen ze wel helpen met inlichtingen." Aan het eind van de oorlog was mijn overgrootvader chief of staff van de Ordedienst en had zo'n 1.200 verzetsmensen onder zich.

Gevaar tijdens begrafenis dochter

Tijdens de oorlog verbleef mijn overgrootvader steeds op andere adressen. De Duitsers zaten hem regelmatig op de hielen. Hij had een zoon en een dochtertje. Zijn dochter had suikerziekte en is tijdens de oorlog overleden. Mijn overgrootvader kon niet bij de begrafenis zijn, omdat hij dan door de SD zou zijn opgepakt. Mijn overgrootmoeder is herhaaldelijk door de Duitsers hardhandig ondervraagd, omdat die zo hoopten te achterhalen waar mijn overgrootvader was.

Krantenknipsel: P. Kloosterman: met sabotage kon je de oorlog toch niet verkorten.
Beeld: Privéarchief Jeroen Lokerse.
Krantenknipsel met interview P. Kloosterman, de overgrootvader van Jeroen.

Slag om de Schelde

Mijn overgrootvader speelde een rol bij de Slag om de Schelde. Hij vertelde de Schotse militairen hoe ze de Sloedam naar Walcheren konden passeren. Hij zei dat ze er niet overheen moesten, maar er langs. De Schotten beweren dat ze dat zelf hebben uitgedokterd, maar ze zijn erin gegaan op de plek die hij aanwees en er ook weer uitgekomen op de plek die hij had gezegd. Na afloop heeft hij papieren ondertekend dat hij geen aanspraak maakte op een vergoeding voor zijn werk. Hij kreeg een stropdas van ze en was daar heel blij mee. Die heeft hij altijd met trots gedragen. Mijn overgrootvader heeft Zeeland niet bevrijd, maar er wel aan bijgedragen.

Jeroen: "De originele getypte vellen van zijn memoires heb ik nog."

Voor zijn daden kreeg hij na de oorlog het Bronzen Kruis. Mijn overgrootvader schreef na de oorlog zijn memoires. Die zijn op het internet te vinden, maar ik heb de originele getypte vellen van hem nog.

Persoonlijke bedankbrief voor Pieter Kloosterman van generaal Dwight D. Eisenhower, namens de president van de Verenigde Staten. Voor zijn ondersteuning bij het helpen ontkomen van geallieerden.
Beeld: Privéarchief Jeroen Lokerse.
Persoonlijke bedankbrief voor Kloosterman van generaal Dwight D. Eisenhower, namens de president van de Verenigde Staten.

God, Nederland en Oranje

Een groot deel van mijn familie heeft bij Defensie gewerkt: mijn vader, maar ook verschillende ooms. Ze zijn niet allemaal bij Defensie gebleven. Ik wel. Ik heb Defensie van huis uit meegekregen. Mijn overgrootvader en mijn opa waren allemaal gereformeerd. Het koningshuis hing aan de wand. God, Nederland en Oranje was destijds het parool.

Herinneringen aan trotse man

Ik was 6 toen mijn overgrootvader overleed. Aan hem heb ik niet veel herinneringen meer, behalve dat ik bij hem op schoot zat.

Mijn overgrootvader voelde zich geen held, maar hij stond wel in een boek over de Slag om de Schelde. Als we op visite waren, bekeken we altijd de foto's in het boek. Mijn overgrootvader vertelde niet veel over de oorlog, maar hij was wel trots op wat hij had gedaan. Als ik aan hem vroeg of hij in de oorlog mensen had doodgeschoten, zei hij nooit ja of nee, maar 'Het was hij of ik'. Dat zegt genoeg. Over de oorlog werd thuis niet veel gesproken. Mijn overgrootvader heeft zijn hele archief aan het Zeeuws Archief geschonken. Daar ligt nog veel materiaal over hem.

Zeggen wat je wil

Defensie is voor mij een middel om vrijheid te creëren. Het is een verzekering om te kunnen leven in vrijheid.

Vrijheid is relatief. Het is voor mij wat anders dan voor mijn buurman. Zo moet bijvoorbeeld de LHBTI-gemeenschap nog steeds strijden voor vrijheid. Vrijheid is voor mij zeggen wat ik wil binnen de afgesproken kaders; dat ik bepaal wat ik doe en niet iemand anders. Dat ik niet wordt achtervolgd, omdat ik anders denk dan degene die het voor het zeggen heeft. Dat is voor mij vrijheid.”