“Tel de doden eens die er liggen. Ik denk dat je er stil van wordt”

Interview met Ben Benneker

Mijn opa diende als: mitrailleurschutter of mitrailleurhelper bij de 16e mitrailleurcompagnie.

Ik dien als: reservist luitenant ter zee der 1e klasse bij Directie Operaties als hoofd van de dienstploeg bij het Defensieoperatiecentrum.

Luitenant Ben Benneker.
1e luitenant Ben Benneker.

Opa was gewond

“Zwaargewond voerden de Duitsers opa Frans Johannes Scholten af naar een Lazaret van de Wehrmacht in Emmerich. Na de slag om de Grebbeberg had hij granaatscherven in zijn rug en zitvlak. Na een hevige strijd tot de laatste kogel moest zijn eenheid zich uiteindelijk toch overgeven aan de troepen van het SS -regiment Der Führer. Met 77 anderen was opa toegevoegd aan het 2e bataljon 8e  regiment infanterie. 18 van hen kwamen nooit meer thuis. Samen met zijn maten gaf opa alles wat hij had en sommigen van hen brachten daarbij het grootste offer. We mogen niet onderschatten wat Nederlandse militairen in de Meidagen voor hun kiezen kregen.”

Bloed kruipt waar het niet gaan kan

Zijn kleinzoon Ben Benneker verliet in ‘92 de Onderzeedienst waar hij diende als specialist verbindingen op een Zwaardvisklasse onderzeeboot. Het bloed kruipt echter waar het niet gaan kan en in ’94 meldde hij zich aan als reservist. In die hoedanigheid dient hij nu als hoofd van de dienstploeg op het Defensieoperatiecentrum waar hij de activiteiten van Nederlandse militairen in den vreemde monitort. Ben is ook nog secretaris van de Stichting Onderzeedienstveteranen die opkomt voor de erkenning en waardering voor de dragers van de ‘Flipper’.

“Heel veel wisten ze er niet van, omdat opa niet veel los had gelaten tijdens zijn leven.”

In 2003 begon Ben met een speurtocht naar het oorlogsverleden van zijn opa: “Mijn moeder en andere familieleden vertelden dat opa had gevochten op de Grebbeberg en dat triggerde mijn interesse. Heel veel wisten ze er niet van, omdat opa niet veel los had gelaten tijdens zijn leven. Zelf heb ik hem er helaas nooit naar kunnen vragen, omdat hij overleed bij een verkeersongeluk toen ik pas 6 jaar oud was.

Mobilisatiekruis.
Mobilisatiekruis van opa Scholten.

Erkenning

Na een lange zoektocht werd mij duidelijk wat opa allemaal heeft moeten doorstaan. Ik kreeg daarbij hulp van het ministerie van Defensie, bestuursleden van Stichting De Greb en het boek ‘De slag om de Grebbeberg: het relaas van een soldaat’ van Berend Vinke. Door mijn zoektocht kreeg opa postuum zijn Mobilisatiekruis toegekend van de minister van Defensie en met trots mocht ik deze in 2014 aan mijn moeder overhandigen.

Toen opa 10 jaar na zijn dienstplicht in 1939 weer onder de wapenen werd geroepen, was hij een simpele marktkoopman en huisvader. Hij schepte later ook nooit op over zijn ervaringen en vertelde er geen sterke verhalen over. Wel weet ik zeker dat hij zijn Mobilisatiekruis zeker met trots gedragen zou hebben.

Boekcover Het relaas van een soldaat.
Boek De slag om de Grebbeberg: Het relaas van een soldaat door Berend Vinke.

Oud zeer

Op feestjes kwam zijn tong na wat drankjes soms wel wat losser te zitten en dan luisterde mijn moeder als tienermeisje aandachtig naar wat haar vader vertelde. Zo bleek dat hij geen hekel had aan Duitsers, maar echt vergeven voor wat hij meemaakte heeft hij nooit gedaan. Het is hem altijd bijgebleven hoe weinig behulpzaam zij waren na zijn vrijlating als krijgsgevangen.

“Het heeft hem altijd dwarsgezeten dat de Duitse bevolking hem tijdens deze tocht bleef zien als vijand.”

Minder dan een maand na de slag om de Grebbeberg, lieten de Duitsers hem op 12 juni gaan uit kamp Stalag 6f in Bocholt. Nog herstellende moest hij wel zelf teruglopen naar Markelo 60 kilometer verderop waar hij vandaan kwam. Het heeft hem altijd dwarsgezeten dat de Duitse bevolking hem tijdens deze tocht bleef zien als vijand en ze niet scheutig waren om hem maar een bekertje water of wat dan ook te geven.

Vrijheid is een goed dat je moet blijven koesteren

Mijn beide opa’s zijn een inspiratie geweest om mij in te zetten voor vrede en veiligheid. Door hen weet ik wat voor een geluk het is dat we al zo lang in vrijheid leven. Als jongeman wist ik eigenlijk meer van opa Bernard Joseph Benneker van mijn vaders kant. Ik begreep nooit waarom hij soms ineen huilend op de bank zat. Wat we nu PTSS noemen, noemden ze toen kampsyndroom. Hij was opgesloten in concentratiekamp Buchenwald als politiek gevangene. Als je ziet wat dat met een mens doet, weet je hoe belangrijk vrijheid is.

“Daarom is het belangrijk om de verhalen te vertellen van zij die het hoogste offer brachten.”

Ben Benneker bij oorlogsmonument.
Ben bij het monument voor de 16e mitrailleurcompagnie.

Daarom baart het mij wel zorgen wat sommigen tegenwoordig voor uitspraken doen. Als je dan hoort hoe hele bevolkingsgroepen worden gestigmatiseerd of het antisemitisme weer ziet opkomen, dan merk je dat er mensen zijn die niets hebben geleerd van het verleden. Kijk naar al die erevelden en tel de doden eens die er liggen. Ik denk dat je er stil van wordt.

Dat maakt het zo belangrijk om de verhalen te vertellen van hen die het hoogste offer brachten voor onze multiculturele samenleving en dat we blijven herhalen hoe bijzonder vrijheid is. We mogen trots zijn op hoe goed we het hebben, maar dat goed moeten we wel blijven koesteren.”