Belgisch bezoek onderstreept nauwe band

Minister Ank Bijleveld-Schouten had vandaag haar Belgische ambtgenoot Philippe Goffin op bezoek. Ze wisselden ervaringen uit over de inzet van de 2 krijgsmachten in de strijd tegen het coronavirus. Daarnaast bespraken ze de samenwerking in missies en operaties. De relatie tussen de 2 buurlanden geldt internationaal als een voorbeeld.

Neem de gezamenlijke verdediging van het Benelux-luchtruim door België en Nederland. En op het gebied van SOF (special operations forces) is daar het Composite Special Operations Component Command (C-SOCC). Dit internationaal samengestelde hoofdkwartier stuurt SOF-operaties in internationaal verband aan. Het wordt gevormd door België, Nederland en Denemarken. Een mooi voorbeeld van Europese samenwerking dat ook binnen de NAVO met veel interesse wordt gevolgd. Het hoofdkwartier stuurt volgend jaar bijvoorbeeld de SOF-inzet van de NATO Response Force (NRF21) aan.

Ook de samenwerking op het gebied van materiaal kwam ter sprake. Recent sprong de gezamenlijke vervanging van de huidige M-fregatten en mijnenbestrijdingsvaartuigen in het oog. Defensie liet de Kamer weten dat de onderzoeksfase is voltooid met een ontwerp voor de opvolger van de M-fregatten.

Daarnaast zei Bijleveld verheugd te zijn over de deelname van België aan het SRTUAS (short-range tactical unmanned aircraft system). Ook Luxemburg is al partner. Het Benelux-project vergroot de interoperabiliteit. Dat betekent dat de landen kunnen samenwerken met elkaars onbemande systemen.

Bijleveld: “Dat is van belang aangezien we vaak meedoen aan dezelfde missies of stand-by eenheden zoals de NATO Response Force (NRF) of EU-Battlegroup. Het past ook goed bij de ontwikkelingen in onze organisaties om beter gebruik te maken van informatie. SRTUAS bevordert dit. En daarnaast is het gewoon efficiënt om zo’n capaciteit samen in stand te houden.”