Defensie onderzoekt bestrijding dronedreiging

Steeds vaker gebruiken krijgsmachten, maar ook staatloze groeperingen, drones als wapen. Inmiddels zijn ze al ingezet bij aanvallen op Russische militaire bases in Syrië en olie-installaties in Saudi- Arabië. Een nieuwe Defensie-afdeling moet Nederland weerbaarder maken tegen dronedreigingen. De afdeling onderzoekt hoe om te gaan met uiteenlopende dreigingen van unmanned aircraft systems (UAS). Het project voorziet ook in de aanschaf van materieel UAS te onderscheppen.

Een militair met een drone die in een net is gevlogen. Een netsysteem is een van de onderscheppingscapaciteiten die wordt onderzocht.

Een militair met een drone die in een net is gevlogen. Een netsysteem is een van de onderscheppingscapaciteiten die wordt onderzocht.

Defensie onderzoekt met welke combinatie van mensen, middelen en manieren de dronedreiging tegen is te gaan. Dit gebeurt in het project Initiële Counter-UAS-capaciteit. Hier worden ook mogelijke scenario’s voor de verschillende krijgsmachtdelen onderzocht. De technologische ontwikkeling van drones gaat razendsnel. Ze worden steeds kleiner, kunnen langer en volledig autonoom vliegen en zelfs in formatie met grote aantallen. De anti-dronecapaciteit in dit project richt zich op de kleinere typen, tot 20 kilo.

Het Discus-camerasysteem is 1 van de 2 detectiesystemen van het DGLC.

Het Discus-camerasysteem.

Nieuwe onderscheppingscapaciteit

Voor het bestrijden van grotere UAS heeft Defensie al verschillende luchtverdedigingssystemen, zoals het Patriot-, Amraam- en Stinger-raketverdedigingssysteem. Deze systemen zijn ondergebracht bij het Defensie Grondgebonden Luchtverdedigingscommando (DGLC) in Vredepeel. Deze eenheid werkt nu al met 2 UAS-detectiesystemen: het Discus-camerasysteem en Squire-radars.

Binnen het nieuwe project wordt onderzocht welke onderscheppingscapaciteit daar voor de korte termijn bij moet komen. Dat kan een netsysteem zijn of kleine kanon- of raketsystemen. Maar ook de ontwikkeling van lasers als onderscheppingssysteem voor de toekomst wordt bekeken. Eventueel nieuw materieel wordt ondergebracht bij het DGLC. Defensie heeft ook middelen om radiosignalen te blokkeren.

Geen blauwdruk

Er bestaat geen blauwdruk voor de beoogde counter-UAS-capaciteit. Verschillende eenheden die in uiteenlopende omgevingen opereren, hebben te maken hebben met UAS-dreiging. Daarom onderzoekt Defensie ook met verschillende specialisten welke oplossingen er zijn voor specifieke dreigingen en scenario’s en welke systemen daar het beste bij passen.

De spanning in de wereld is voelbaar en de dreiging van terrorisme actueel. Het toenemende gebruik van drones in dit verband maakt het uitbreiden van counter-UAS-capaciteit noodzakelijk. Maar ook particulieren gebruiken drones regelmatig op een ongewenste of zelfs gevaarlijke manier bijvoorbeeld in de nabijheid van vliegvelden of grote groepen mensen.