Bijleveld: wij moeten altijd klaarstaan als er wordt gebeld

“Als er ernstig inbreuk plaatsvindt op ons veiligheidsgevoel, als het echt dichtbij komt en we geen escalatieniveau meer hebben, dan kijkt men naar de krijgsmacht. Dan gaat op Plein 4 de telefoon.” Dat voorspelde minister Ank Bijleveld-Schouten vanmorgen in Den Haag. Ze poneerde stellingen om het Grote Defensiedebat van Elsevier in gang te zetten.

Minister van Defensie Ank Bijleveld.

Volgens haar kun je geen ‘nee’ zeggen als het beschermen van het Koninkrijk en het bondgenootschappelijk grondgebied een unieke verantwoordelijkheid is, vastgelegd in de Grondwet. “We zijn niet voldoende op onze taken toegesneden”, gaf ze als verklaring waarom soms toch nee wordt verkocht. We kunnen onszelf als land niet verdedigen en leunen zwaar op onze bondgenoten. Er is veel te lang veel te hard bezuinigd op Defensie.”

Volgens de bewindsvrouw leeft het idee nog steeds dat geld beter aan iets anders is te besteden. “Maar het mag en kan het niet zo zijn dat de krijgsmacht wordt gezien als een vervelende must in het kasboek van de overheid. Of dat Defensie afhankelijk is van de economische conjunctuur. “Dat is een luxe en een naïviteit die we ons niet meer kunnen veroorloven”, waarschuwde ze.

Raketten met kernkoppen

Met voorbeelden zette ze haar woorden kracht bij. Zo noemde ze dat in 1989 niet was voorzien dat Rusland de Krim in zou nemen of dat miljoenen vluchtelingen op zoek zouden gaan naar een veilige plek. “in 2011 hadden we zelfs nog nooit van ISIS gehoord. Laat staan dat ze zo dichtbij huis zoveel verwoesting konden aanrichten. Russische spionnen die op Nederlands grondgebied proberen de OPCW te hacken? Ondermijning van de rechtsstaat, maatschappelijke ontwrichting als wapen. Het stond ver van ons af. En niet in de minste plaats: we kenden toen nog de waarborg van het Intermediate-Range Nuclear Forces (INF)-verdrag. In Kaliningrad staan inmiddels raketten die steden als Berlijn en Kopenhagen kunnen bereiken, als het moet met kernkoppen.”

Vervolgens zei Bijleveld voorbereid te moeten zijn op de geopolitieke verschuivingen en snelle technologische ontwikkelingen. “We zien dat China en Rusland hun legers moderniseren en fors uitbreiden. Ze kunnen dus al forse middelen inzetten. Het enige wat nog ontbreekt is de bereidheid daartoe.”

Noodbruggen

Ook voor Nederland zelf, onderstreepte Bijleveld het belang van Defensie. Ze noemde bruggen en sluizen, of de Deltawerken. Als die uitvallen vanwege een cyberaanval, legt Defensie noodbruggen aan. Het is Defensie die met onbemande vliegtuigjes boven Utrecht cirkelt om te voorkomen dat met oud en nieuw auto’s in brand worden gestoken. Het is Defensie die in actie komt als er een handelsschip is gekaapt of als een orkaan een heel eiland heeft verwoest.

Bijleveld noemde dat de krijgsmacht vaak met bondgenoten opereert, maar dat cruciaal daarbij, solidariteit is. “En die hebben we teveel voor lief genomen”, zei ze. “Als wij ons zelf niet houden aan de afspraken, kunnen wij niet verwachten dat onze bondgenoten dat wel doen. Onze eenheid is ons wapen. We kunnen het ons niet veroorloven om uit elkaar gespeeld te worden.”

De bottom line is volgens Bijleveld dat Defensie geen gewone overheidsorganisatie is.
“Wij moeten altijd klaarstaan als er gebeld wordt.”