Defensie zet extra vliegtuigen in voor noodhulp Sint Maarten (fotogalerij)

Een C-17-transportvliegtuig vertrekt vanmiddag met hulpgoederen voor de door orkaan Irma getroffen eilanden in het Caribisch gebied. Een C-130 Hercules-transportvliegtuig vertrok vanochtend al met hulpmiddelen vanaf Vliegbasis Eindhoven naar Curaçao.

Hulpgoederen bij C-130

Hulpgoederen, klaar voor het inladen in een C-130 Hercules-transportvliegtuig.

Defensie zet de C-17 voor het eerst in voor noodhulp. Het toestel is afkomstig uit de internationale vliegtuigpool Heavy Airlift Wing, gestationeerd op Papa Airbase in Hongarije. Het toestel wordt vanmiddag na aankomst op Vliegbasis Eindhoven direct beladen en vertrekt dan naar Curaçao. De spullen gaan van daar per vliegtuig of schip naar het rampgebied.

Vliegveld bruikbaar

Verkenningsvluchten van de NH90-boordhelikopter en het Dash-patrouillevliegtuig van de kustwacht wezen uit dat het vliegveld van Sint Maarten nog bruikbaar is. Het ondersteuningsvaartuig Zr. Ms. Pelikaan en het patrouilleschip Zr. Ms. Zeeland hebben gisteren al mensen en materieel afgeleverd op Sint Maarten. Beide schepen vertrokken gisteren direct weer om de volgende orkaan (José) te vermijden. Op Curaçao halen beide schepen een nieuwe lading op.

Verkenning haven

Eenheden van Defensie begonnen gisteren onmiddellijk na de passage van orkaan Irma met het ondersteunen van de autoriteiten op Sint-Maarten. Een FRISC-ondersteuningsmotorboot van de Zeeland verkende de haven. Hieruit bleek dat de containerkade van Sint Maarten bruikbaar was voor het ondersteuningsschip Zr, Ms. Pelikaan ende Zeeland.

Militairen begonnen direct met het ontladen van de meegebrachte hulpgoederen, in de vorm van vervoermiddelen, beschermingsmiddelen, medicijnen, water en meer. De schepen brachten ook mariniers en leden van de Antiliaanse Militie mee. Ook de Marine Spearhead Task Unit (MSTU) is al in het Caribisch Gebied. Deze snel inzetbare marinierseenheid kan onder alle omstandigheden opereren en vloog donderdag vanuit Nederland naar Curaçao.

marinierspatrouille

Een marinierspatrouille op Sint Maarten.

Bewaken gevangenis

Mariniers van 32 Raidingsquadron, militairen van 11 Geniecompagnie van de Luchtmobiele Brigade en marechaussees waren al aanwezig voordat Irma huishield op het Caribische eiland. Zij waren dan ook onmiddellijk beschikbaar voor ondersteuningstaken, zoals het handhaven van de openbare orde, het bewaken van de gevangenis en het beschermen van schuilkelders waar nog steeds mensen verblijven.

Deze laatsten kunnen geen kant meer op, omdat hun huizen niet meer bewoonbaar zijn. Daarnaast inventariseren de militairen de staat van openbare gebouwen, zoals het ziekenhuis in Philipsburg, zodat het personeel gewaarschuwd kan worden voor instortingsgevaar of andere risico’s.

Aanblik overdonderend

Na aankomst van het patrouilleschip Zr. Ms. Zeeland in de wateren bij de Bovenwindse Eilanden, voerde de NH90-boordhelikopter woensdag een verkenningsvlucht uit boven Saba, Sint-Eustatius en Sint-Maarten. Op de eerste 2 eilanden assisteren mariniers de lokale autoriteiten met het vrijmaken van wegen en het uitvoeren van reparaties. Waar Saba en Sint-Eustatius ondanks behoorlijke schade toch enigszins met de schrik vrij lijken te komen, blijken de verwoestingen op Sint-Maarten overdonderend.

De commandant van het Nederlandse detachement ter plaatse, luitenant-kolonel der mariniers Timon van Dishoeck, en zijn militairen wacht dan ook een forse taak. Ondanks solidariteit onder de getroffenen, heerst ook radeloosheid over het verlies van huis en haard en een bron van inkomsten. De sfeer is gespannen. Aan de militairen de taak om hier goed op in te spelen.

Snelle communicatie ondoenlijk

Op een eiland zonder stromend water, elektriciteit en (dus) internet, is snelle communicatie en inventarisatie van alle problemen vooralsnog ondoenlijk. Of zoals minister-president William Marlin van Sint-Maarten het illustreert: “Als ik Ministerraad wil houden, stuur ik 1 minister langs de huizen van alle anderen. Dat is de enige manier om iedereen te bereiken.”

Het is illustratief voor de kolossale klus die Sint-Maarten en het Koninkrijk der Nederlanden wacht bij de wederopbouw van het (inmiddels ‘voormalige’) vakantieparadijs. Marlin schat kosten van wederopbouw op ruwweg 1 miljard US-dollar (de gangbare munteenheid op het eiland).

Zelf alles regelen

Hoewel Marlin ingenomen is met alle hulp, waarschuwt hij ook voor een verstopping in de toevoer ervan. “Mooi als mensen komen helpen, maar we moeten ze wel onderdak kunnen geven. En dat is het probleem; alles is kapot. Het voordeel van militairen is dat zij alles zelf regelen.”

Dit geldt vanaf donderdag ook voor de opvarenden van Zr. Ms. Pelikaan, het transportschip in de West. Zij leverden tenten, dekzeilen, voedsel, drinkwater, waterwagens, vrachtwagens, een ambulance, bulldozer en een heftruck.

Ravage opruimen

Opvarenden van Zr. Ms. Zeeland steken vanaf donderdag de handen uit de mouwen om de ravage op het vliegveld van Sint-Maarten op te ruimen. Hier kunnen om te beginnen de 2 marinierspelotons van de MSTU landen, met medische capaciteit en staf.