Mariniers en para's doorkruisen Zuid-Nederland

De Leusderheide, de Maas, Fort Crevecoeur bij Hedel, de Weerterheide bij Budel en Beverlo bij Leopoldsburg in België. Het zijn de plaatsen die eenheden van 2 Marine Combat Group van het Korps Mariniers en parachutisten van de Lichte Brigade uit België aandeden tijdens de oefening Eagle Niala.

Marinier en para overleggen

Beeld: Een Nederlandse marinier en een Belgische para overleggen met elkaar.

De mariniers en lichte brigade zijn geen onbekenden voor elkaar. "Militairen van de 12e Paracompagnie van de Lichte Brigade gaan regelmatig met ons mee op wintertraining", lichtte compagniescommandant 24 Raiding Squadron (RSQN) majoor der mariniers Alain Roedoe toe. "De oefening was de eerste operationele samenwerking sinds de marine en de Belgische Landcomponent vorig jaar een intentieverklaring ondertekenden over nog nauwere samenwerking."

 

"We gaan een stap verder in onze samenwerking", verklaarde Commandant Zeestrijdkrachten luitenant-generaal Rob Verkerk destijds bij de ondertekening. "niet om het Korps Mariniers en de Belgische Lichte Brigade in de toekomst te integreren, maar om elkaar aan te vullen."

Uitstekend samengewerkt

Roedoe kijkt tevreden terug op de oefening die afgelopen zaterdag met een grote aanval in het Belgische Beverlo eindigde. "Het beviel goed. We hebben uitstekend kunnen samenwerken", zegt hij. "Soms gebruikten we verschillende termen voor hetzelfde, maar dat hebben we kunnen ondervangen met een liaison. De Belgische compagniescommandant was Nederlandstalig en dat scheelde enorm."

para's in boot

Deelnemers aan de oefening bij het ochtendgloren op weg naar Fort Crevecoeur.

Riverine optreden

Op de Leusderheide draaide het om het 'conventioneel optreden' en konden de deelnemers warmdraaien voor de aanval later vorige week op het fort bij Hedel. Daarbij verdedigden de Nederlandse eenheden het fort en viel de eenheden van de Lichte Brigade aan. "De nadruk lag voor hen op het zogenoemde riverine optreden. De Lichte Brigade maakte gebruik van zodiac-rubberboten om het fort aan te vallen", licht Roedoe toe. "Het landoptreden van ons en de Lichte Brigade is vergelijkbaar, qua amfibische operaties zijn er kleine verschillen. Tijdens een deel van de oefening ruilden de Belgische militairen hun wielvoertuigen in voor het Bandvagn S10-rupsvoertuig."

Parasprong

Op de Weerterheide werd de eindoefening verder voorbereid. Bijzonder noemt Roedoe de operationele parachutesprong. "Oefensprongen maken we regelmatig samen, maar een operationele niet."

Aan de Marine Combat Group geleide oefening deden tussen de 350 en 400 militairen mee. Voor enkele Nederlandse eenheden was de oefening ook onderdeel van de certificering. 11 RSQN moest zich kwalificeren voor deelname aan de Very High Readiness Joint Task Force en 24 RSQN op een aantal gebieden.