- Home
- Taken
Internationale reactiemacht
De Nederlandse krijgsmacht voert militaire operaties zelden alleen uit, maar werkt in NAVO-, VN- of EU-verband samen met krijgsmachten van andere landen. Deze internationale samenwerking is belangrijk in de voorbereiding en uitvoering van veel operaties.
Nederland draagt bij toerbeurt ook bij aan enkele snel inzetbare eenheden van deze bondgenootschappen.

De Europese Unie heeft 2 gevechtseenheden (EU Battlegroups) paraat die per direct wereldwijd missies kunnen uitvoeren van 30 tot 120 dagen. De EU wil hiermee als internationale gemeenschap snel en robuust kunnen ingrijpen in landen waar de situatie uit de hand is gelopen of dreigt te lopen.
Een eenheid voorziet in een volledig pakket militaire capaciteiten, inclusief gevechtssteun, logistiek en transport. Ze kunnen worden ingezet voor evacuatieoperaties en humanitaire ondersteuning, maar ook voor conflictpreventie en crisisbeheersingsoperaties in de beginfase, zo nodig gewapend.

De samenstelling van de 2 eenheden wijzigt elk half jaar. In 2010 leverde Nederland de eerste 6 maanden een infanteriecompagnie mariniers en ondersteunende eenheden voor de formatie van de battlegroup met de Britten. De eerste helft van 2011 stond de EU-Battlegroup onder Nederlandse leiding. Nederland leverde 1.200 militairen, voornamelijk afkomstig van 13 Gemechaniseerde Brigade, en de commandant. De eenheid van ongeveer 2.350 militairen werd verder gevormd door Duitsland, Finland, Litouwen en Oostenrijk. De volgende Nederlandse deelname aan een EU Battlegroup is in 2014. Nederland vervult dan geen rol als lead-nation, maar levert wel eenheden.
Ook de NAVO heeft een snelle interventiemacht, de NATO Response Force (NRF), die om de 6 maanden door andere eenheden van NAVO-landen wordt gevuld. De interventiemacht kan binnen 5 tot 30 dagen overal ter wereld worden ingezet. De NRF bestaat uit:

- een landcomponent;
- een zeecomponent;
- een luchtcomponent;
- een Joint Logistic Support Group;
- een multinationaal CBRN (Chemisch, Biologisch, Radiologisch en Nucleair)-bataljon;
- een Special Forces-component.
Net als voor lucht- en maritieme operaties houdt de NAVO voor de inzet op het land steeds een hoofdkwartier stand-by, het NATO High Readiness Force (Land) Headquarters, afgekort HRF (L) HQ. Dit hoofdkwartier wordt bij toerbeurt bemand door 6 bestaande NAVO-hoofdkwartieren, waarvan 1 (German/Netherlands) Corps in Münster er een is. Eens in de 3 jaar krijgt het hoofdkwartier in Münster dan ook voor een half jaar de status van Land Component Command voor de NRF.
Voor de zeecomponent neemt Nederland bij toerbeurt met marineschepen deel aan:

- De 2 snel inzetbare maritieme vlootverbanden van de NAVO, de Standing NATO Response Force Maritime Group 1 en 2 (SNMG1 en 2). Zij varen respectievelijk op de Atlantische Oceaan en in het Middellandse Zeegebied. Nederland voerde van 1 juli 2010 tot en met 30 juni 2011 het commando over SNMG2. Hiervoor werden achtereenvolgens de marinefregatten Hr. Ms. De Zeven Provinciën, Hr. Ms. De Ruyter en Hr. Ms. Tromp als vlaggenschip ingezet. In deze periode waren de schepen van SNMG2 ook actief voor operatie Ocean Shield, de antipiraterij-missie van de NAVO voor de kust van Oost-Afrika.
Vanaf 23 januari tot 8 december 2012 stond het NAVO-vlootverband SNMG1 onder Nederlands bevel met achtereenvolgens Hr. Ms. De Ruyter, Hr. Ms. Evertsen en Hr. Ms. Rotterdam als vlaggenschip.
- Een vlootverband voor mijnenbestrijding: de Standing NATO Response Force Mine Counter Measures Group 1 (SNMCMG1). Hr. Ms. Vlaardingen maakte vanaf 8 augustus 2011 voor 4 maanden deel uit van het vlootverband, maar werd na ruim een maand ingezet om het wapenembargo voor de Libische kust te controleren.

Nederland droeg in 2010 bij aan de luchtcomponent van Nato Response Force. Het eerste half jaar stonden vanaf Vliegbasis Leeuwarden 9 F-16´s en een circa 240 militairen tellend detachement klaar om binnen een paar dagen te worden ingezet. Tot het einde van het jaar stonden de F-16's van Vliegbasis Volkel paraat.
Sociale Media