- ...
- Onderwerpen
- Personeel
- Onderscheidingen
Gevechtsinsigne
Het ‘Insigne voor Optreden onder Gevechtsomstandigheden’ – kortweg aangeduid als Gevechtsinsigne – wordt toegekend aan individuele militairen die hebben deelgenomen aan een militaire operatie, waarbij sprake was van vijandelijk optreden met direct vuur of vergelijkbare gevechtsomstandigheden.
De eerste Gevechtsinsignes werden op 9 juli 2009 door Commandant der Strijdkrachten generaal Peter van Uhm in Uruzgan uitgereikt aan enkele militairen die kort daarvoor een vuurcontact of aanslag met een geïmproviseerd explosief meemaakten.
Achtergrond
Na de afschaffing van de dienstplicht zijn Nederlandse militairen steeds meer ingezet in vredesoperaties of gebieden waarbij vaker geweld moet worden toegepast om vrede af te dwingen. Steeds vaker kwamen de militairen daarbij in direct vuurcontact met de tegenstanders. Vuurcontacten die variëren van urenlange gevechten tot enkele schoten over en weer. Met de toename van het aantal vuurcontacten nam ook de behoefte toe om zich als militair te onderscheiden van militairen die dergelijke risico’s niet meemaken.

Internationale gelijktrekking
Ook in internationaal verband leverde het vreemde situaties op. Bijvoorbeeld als Nederlandse militairen de Amerikaanse
‘Combat Infantry Badge’ kregen, terwijl anderen die in soortgelijke door Nederland geleide operaties niet ontvingen. Een onwenselijke situatie, en 1 van de redenen tot aanpassing van het decoratiestelsel uit 2001.
Toekenning
Het Insigne voor Optreden onder Gevechtsomstandigheden kan – met terugwerkende kracht tot 1 juni 2001 – worden toegekend aan:
Diegene die heeft deelgenomen aan een militaire operatie waarbij sprake is van vijandelijk optreden met direct vuur of hiermee vergelijkbaar gevechtscontact. Betrokkene moet volgens de geldende rules of engagement aan het gevechtscontact hebben deelgenomen. Binnen het begrip gevechtscontact valt iedere vorm van actief en adequaat handelen, anders dan acties uitsluitend in het kader van de persoonlijke veiligheid.
Zelfmoordaanslagen, geïmproviseerde explosieven (IED’s), bermbommen, gerichte mortier- of raketaanslagen en luchtaanvallen worden bij de voordracht voor een gevechtsinsigne gerekend tot het in het vorige punt genoemde vijandelijke optreden.
Het insigne kan in zijn of haar carrière slechts eenmalig aan een militair worden toegekend als erkenning voor het onder gevechtsomstandigheden kunnen functioneren.
Het insigne kan worden toegekend aan beroepsmilitairen, reservisten en aan gemilitariseerde burgers.
De commandant in het inzetgebied dient de voordracht in via de hiërarchieke lijn.

Ovaal
Het Gevechtsinsigne beeldt een liggende ovale lauwerkrans uit met daaroverheen een blank wapen. De liggende ovale vorm is in Nederland nog niet eerder toegepast, wat het uniek maakt op het uniform. Op het dagelijks tenue wordt een bronskleurig insigne gedragen, onder meer om zich te onderscheiden van bijvoorbeeld de goudkleurige brevetten. Voor het gevechtstenue is er een stoffen uitvoering.
Sociale Media