- ...
- Operationeel
- Schepen
- Hr. Ms. Willemstad
Naam & embleem
Havenstad in de provincie Noord-Brabant.
Het is binnen de marine een oude traditie om schepen te vernoemen naar steden. Grote steden geven hun naam aan grote schepen, zoals Hr. Ms. Rotterdam en Hr. Ms. Amsterdam. Mijnenjagers, en vroeger de mijnenvegers, worden veelal vernoemd naar middelgrote of kleine steden.
Willemstad vind zijn oorsprong in het dorp Ruigenhil. Dit dorp lag op een strategische plaats, op de grens tussen Holland, Zeeland en Brabant, aan de splitsing van het Hollandsch Diep in Volkerak en het Haringvliet. Toen in 1581 de opvolger van Jan IV, Jan van Wittem, de zijde van Spanje koos, ontnam de Staten-Generaal hem het markiezaat en gaven dit aan Willem van Oranje als compensatie voor zijn geleden verliezen. Willem zag de strategische positie van Ruigenhil en toen Steenbergen in juli 1583 in handen van de Spanjaarden viel, gaf hij opdracht om Ruigenhil te versterken. Reeds in november was Ruigenhil omwald onder leiding van de vestingbouwkundige Abraham Andries. De prins gaf het stadje daarop zijn naam: Willemstad.
Na de moord op Willem van Oranje in 1584 nam zijn zoon Maurits de voltooiing van de nieuwe vesting kordaat op. Onder leiding van ingenieur Adriaan Antonisz. van Alkmaar werden de versterkingen afgebouwd. Willemstad werd zo een schoolvoorbeeld van oud-Nederlandse vestingbouwkunst.
Tijdens het Twaalfjarig Bestand eiste de rechtmatige eigenaar, Maurits' neef graaf Herman van den Bergh, het markiezaat op. Maurits weigerde echter Willemstad met omringend gebied af te staan. Na een proces voor de Raad van Brabant te Den Haag won Maurits de zaak. Willemstad en polder Ruigenhil werden afgescheiden van het markiezaat en een aparte Brabantse heerlijkheid van de Oranjes. Dit bleef zo tot 1795.
Na het bestand werd Willemstad gereed gemaakt voor de hernieuwde oorlog onder leiding van Jan van den Bosch. Na de Tachtigjarige Oorlog werden de versterkingen in 1652 en 1683 nog uitgebreid, terwijl tussen 1740 en 1747 een reeks forten rondom de plaats aangelegd werd. De plaats is alleen nog belegerd gedurende de Franse inval in 1793. Onder leiding van Van Boetzelaer werd een beleg van 18 dagen doorstaan. Een bezetting van amper 500 man wist een sterk leger tegen te houden. In 1795 kwam het bevel vanuit Den Haag de vesting over te geven zonder bloedvergieten. Napoleon gaf later bevel het grote Kruithuis in bastion Utrecht te bouwen en de versterkingen te verbeteren.
Doorsneden: In sabel gaande leeuw van goud, getongd en genageld van keel. In zilver 3 schuinkruisjes van keel, geplaatst 2:1. Als embleemspreuk “Fortitudo mea deus” in Latijnse letters van sabel op een lint van zilver.
Het embleem van Hr. Ms. Willemstad is ontleend aan het gemeentewapen van Willemstad (Noord-Brabant). Omdat deze stad vroeger tot het markiezaat Bergen op Zoom behoorde, is het familiewapen van de markiezen De Glymes opgenomen. De kruisjes symboliseren de oude banden van de stad met Breda.
Sociale Media