- ...
- Operationeel
- Schepen
- Hr. Ms. Evertsen
Naam & embleem
Hr. Ms. Evertsen is vernoemd naar de Zeeuwse familie Evertsen, die vele zeehelden heeft voortgebracht.
Bronnen hierover verschillen in aantallen van 13 tot 19 leden die de Nederlanden hebben gediend en 7 tot 9 die in de strijd zijn gesneuveld. In ieder geval hebben ze vanaf het begin van de opstand tegen Spanje tot ver na het einde van de Gouden Eeuw gediend, allen in dienst van de Admiraliteit van Zeeland.
De bekendste Evertsens waren Johan (of Jan) (1600-1666) en diens jongere broer Cornelis (1610-1666). Johan was al op 21-jarige leeftijd commandant van een schip. In de jaren 1625-1627 veroverde Johan onder meer een Spaans en een Portugees Galjoen en ontzette hij een schip dat door Duinkerkse piraten was geroofd.
Door deze heldendaden werd hij bevorderd tot commandeur en als zodanig gaf hij leiding aan het eskader dat de door Piet Heyn veroverde zilvervloot naar Nederland begeleidde. Rond deze tijd was jongere broer Cornelis Evertsen ook al actief; vanaf 1626 was hij aan boord van oorlogsschepen van ’s lands vloot geplaatst.
In 1637 werd Johan Evertsen bevorderd tot vice-admiraal van Zeeland en als zodanig voerde hij in 1639 het Zeeuwse eskader aan bij de slag bij Duins. In 1653 voeren de beide Evertsens in de noodlottige slag bij Terheyde. Cornelis Evertsen raakte zwaar gewond, maar overleefde de slag wel.
In 1666 werd Johan Evertsen tot de eerste luitenant-admiraal van Zeeland bevorderd, om zich voornamelijk met de uitrusting van de vloot bezig te houden. Zijn jongere broer Cornelis werd vervolgens ook tot luitenant-admiraal bevorderd, om het Zeeuwse Eskader te leiden dat onder opperbevel van De Ruyter ten strijde trok. De Vierdaagse Zeeslag werd een eclatante overwinning, maar onder de weinige Nederlandse slachtoffers viel helaas wel Cornelis Evertsen te betreuren.
Zodra Johan Evertsen het overlijden van zijn jongere broer vernam, besloot hij opnieuw dienst te nemen. Onder De Ruyter nam Evertsen samen met Cornelis Tromp deel aan de Tweedaagse Zeeslag tegen de Engelse vloot. Het geluk liet Evertsen echter definitief in de steek. Omsingeld door de complete Engelse vloot hield het eskader van Evertsen 3 uur stand, maar de overmacht was te groot. Getroffen door een ijzeren bout verloor hij een van zijn benen, en overleed op de ochtend van de tweede dag van de zeeslag, 5 augustus 1666, op 66-jarige leeftijd.
Cornelis Evertsen de Jonge werd in 1628 geboren in Vlissingen. Hij werd kapitein in 1659. Twee jaar later veroverde hij de Duinkerker op de Portugese kust en nam bij Lizard de Duinkerker vlootvoogd in Portugese dienst, Collaert, gevangen. Hij onderscheidde zich bij Lowestoft en werd daarop in 1665 schout-bij-nacht. Een jaar later onderscheidde hij zich bij de Vierdaagse Zeeslag en werd benoemd tot vice-admiraal. Daarna commandeerde hij schepen en eskaders bij Chatham, bij Solebay, bij Schooneveld en bij Kijkduin.
Cornelis Evertsen de Jongste, bijgenaamd Kees de Duivel, werd in 1642 geboren in Vlissingen. In 1665 werd hij benoemd tot kapitein bij de Zeeuwse admiraliteit. Hetzelfde jaar streed hij met 2 schepen tegen 3 Engelse schepen en werd gevangen genomen, maar later weer in vrijheid gesteld. Een jaar later streed hij tijdens de Vierdaagse en de Tweedaagse Zeeslag.
In 1672 onderscheidde Cornelis zich bij de verdediging van het Smyrnakonvooi. Ook commandeerde hij een expeditie naar West-Indië en veroverde daar Nieuw-Nederland. In 1675 werd hij schout-bij-nacht. In 1677 commandeerde hij de blokkadevloot bij Duinkerken. Hij werd vice-admiraal in 1679 en luitenant-admiraal in 1684. In 1688 was hij eskadercommandant in de vloot die Stadhouder Willem III naar Engeland bracht. In 1690 commandeerde hij de voorhoede in de slag bij Bevesier. Hij is begraven in Middelburg.
Geleyn Evertsen werd in 1655 geboren in Vlissingen. In 1672-73 diende hij als luitenant bij de Zeeuwse admiraliteit en streed mee in de Slag bij Solebay, de Slag bij Schooneveld en de Slag bij Kijkduin. Een jaar later raakte hij gewond op de tocht naar Martinique. In 1679 werd hij kapitein, in 1685 schout-bij-nacht. In 1692 onderscheidde hij zich in de slag bij La Hogue. In 1695 werd hij vice-admiraal. In 1700 was hij bevelhebber van een smaldeel dat samen met Engelse schepen Kopenhagen bombardeerde. In 1707 werd hij luitenant-admiraal. Hij is begraven in Middelburg.
In zilver 2 golvende dwarsbalken van sinopel, beladen met 3 visserspinken, geplaatst 2:1 en uitgerust met een enkele mast zonder zeilen, alles van natuurlijke kleur. Familiewapen.
Sociale Media