]> Regiment Genietroepen | Ministerie van Defensie

Ministerie van Defensie. Ga naar hoofdmenu / submenu / content / zoekveld.

  1. Landmacht
  2. Cultureel
  3. Traditieregimenten

Regiment Genietroepen

De tradities van het Regiment Genietroepen worden voortgezet door de huidige genie-eenheden van de landmacht; 11 Pantsergeniebataljon (43 Gemechaniseerde Brigade), 11 Geniecompagnie (11 Luchtmobiele Brigade), 41 Pantsergeniebataljon (13 Gemechaniseerde Brigade), 101 Geniebataljon (Operationeel Ondersteuningscommando Land) en het Opleidings- Trainingscentrum Genie.

Geschiedenis regiment

Het Regiment Genietroepen komt voort uit het Regiment Mineurs en Sappeurs. De oprichtingsdatum van 15 mei 1748 maakt de genietroepen het oudste landmachtregiment. Wel is de naam door de jaren heen herhaaldelijk gewijzigd (Korps Mineurs en Sappeurs, Bataljon Mineurs en Sappeurs, Korps Genietroepen).

De taak van het regiment bestond oorspronkelijk uit mineren en sapperen. Mineren is het ondergraven en met explosieven vernietigen van de vestingwerken van de tegenstander. Sapperen is het aanleggen van loopgraven en veldversterkingen. In 1927 breidde het Wapen der Genie uit met het Korps Pontonniers en Torpedisten. Deze eenheid was belast met het slaan van bruggen en het aanbrengen van versperringen in grote rivieren.

Geschiedenis bataljons

Het uniform van de Mineurs en Sappeurs anno 1775 (prent NIMH)

De eerste inzet van 11 Pantsergeniebataljon, destijds 101 Legerkorpsgeniebataljon geheten, vond plaats tijdens de watersnood van 1953 in Zeeland en de Zuid-Hollandse Eilanden. Een reorganisatie in 1957 leverde 11 en 41 Geniebataljon op. De bataljons werden begin jaren ’60, tijdens de Koude Oorlog, afwisselend in West Duitsland gelegerd. In 1963 verhuisde 41 Geniebataljon definitief naar Seedorf en werd Wezep de thuisbasis van 11 Geniebataljon. Het bataljon hielp eind jaren ’60 verschillende door natuurgeweld getroffen buitenlandse steden, waaronder Florence en het Indiase Bihar.

Na de Golfoorlog van 1991 verleende 11 Geniehulpbataljon steun aan de Koerden in Noord-Irak. Vanaf 1992 was 11 Geniebataljonbetrokken bij Nederlandse VN-operaties in Bosnië. In 1993 verandert de naam in het huidige 11 Pantsergeniebataljon. Gedurende de jaren ’90 verleent het bataljon in binnen- en buitenland hulp na natuurrampen. In 1995 op het door een orkaan getroffen St. Maarten en in Nederland bij watersnood, onder meer door de bouw van een nooddijk bij Kampen. Het bataljon is ook tweemaal actief in Kosovo.

In 2000 volgde de oprichting van 101 Geniebataljon. Het toenmalige 11 Pantsergeniebataljon leverde 2 constructiecompagnien aan de nieuwe eenheid. In hetzelfde jaar leverde 11 Pantsergeniebataljon ook de geniesteun voor het mariniersbataljon in Eritrea. Sinds begin 2005 maakt het bataljon deel uit van 43 Gemechaniseerde Brigade en heeft ze haar huidige samenstelling. Dit bataljon heeft de operaties in Uruzgan ondersteund tijdens 5 TFU-lichtingen en een PRT.

De historie van 41 Pantsergeniebataljon gaat kort terug; de oprichting vond in 2006 plaats. Het bataljon zet de tradities voort van 41 Geniebataljon/Pantsereniebataljon uit het Duitse Seedorf. Ook dit bataljon heeft de operaties in Uruzgan ondersteund met compagnieën tijdens 5 TFU-lichtingen en een PRT.

Bataljonsemblemen

Embleem 11 Pantsergeniebataljon

Het embleem van 11 Pantsergeniebataljon is een bizon, die met een aantal poten op een brug staat. De bizon staat voor kracht en de brug voor mobiliteit. De 4 compagnieën voeren de kleuren van de Nederlandse vlag en het koningshuis. Rood voor 111, wit voor 112, blauw voor 113 en oranje voor het bataljon en de stafstafcompagnie.

Embleem 41 Pantsergeniebataljon

Het bataljonsembleem van 41 Pantsergeniebataljon is een geniehelm met een rupsband en 2 zwaarden, op een blauw schild. De rupsband verwijst naar manoeuvre en de hiervoor gebruikte voertuigen. Het schild maakt illustreert dat het om gepantserde voertuigen gaat. De helm slaat op het geniedeel. Het schild en het zwaard visualiseren dat iedere genist in de eerste plaats militair is.

Embleem 101 Geniebataljon

Het embleem van 101 Geniebataljon bestaat uit 4 elementen van de genie: een hindernisgordel, een brug, water en een weg. Deze elementen vormen samen een kasteeltoren. Dit is ook de internationale afbeelding van de constructiegenie.

Baretemblemen

De genie kent 4 (baret)emblemen

  • De sappeurshelm voor genie algemeen; 
  • Een gekruiste schop en houweel met op het snijpunt de sappeurshelm voor pioniers, genisten binnen genie-eenheden; 
  • Een anker omgeven door een touw tegen een achtergrond van golven en midden op het anker de sappeurshelm voor pontonniers, genisten binnen brugeenheden of duikers; 
  • Een sappeurshelm omgeven door een vestingwerk met 4 bastions voor genisten bij de Dienst Vastgoed Defensie (DVD).        

Vaandel

Het huidige vaandel van het Regiment Genietroepen is op 15 mei 1973 door prins Bernhard uitgereikt. In het Geniemuseum bevindt zich nog het oude vaandel uit 1948, dat op zijn beurt het eerste genievaandel uit 1927 verving. Dit is op 14 mei 1940 verbrand om te voorkomen dat het in handen van de Duitse bezetter zou vallen.

Vaandel regiment Genietroepen

Het vaandel draagt de opschriften:

  • Veldtocht 1815
  • Krijgsverrichtingen 1830 en 1831 
  • Citadel van Antwerpen 1832 
  • Rotterdam 1940 
  • Java en Sumatra 1946 – 1949 (op een cravatte)        

Tradities

Een marketentster biedt de genisten in de aankomsthal van Eindhoven een glaasje aan.

De 'marketentster', voorzien van haar houten vaatje brandewijn, is binnen het Regiment Genietroepen een fenomeen. Zij is gekleed in een marketentsteruniform naar het voorbeeld van een oud kostuum, dat is ondergebracht in het Geniemuseum in Vught. Tot 1900 was zij veelal de echtgenote van de ‘korporaal-wasbaas’. Tegenwoordig zetten een aantal vrijwilligsters zich bij toerbeurt in als marketentster.

Een andere traditie bij 11 Pantserbataljon is de aanwezigheid bij bataljonsactiviteiten van mascotte Bully, een kunststof bizon op ware grootte,. Verder heeft 11 Pantsergeniebataljon een bataljonsopa, de oudste onderofficier binnen het bataljon en herkenbaar aan een wandelstok en naamlint. Het is zijn taak het personeel met zijn lange ervaring terzijde te staan.

Een traditie bij 41 Pantsergeniebataljon is de uitreiking van de ladius, een in hout uitgevoerd zwaard op een standaard, voorzien van de bataljonsspreuk ‘Facta non Verba’ (‘Doen, niet praten’). De Gladius wordt uitgereikt bij buitengewoon functioneren en alleen aan het einde van iemands functie. Tot nu is de Gladius 2 keer toegekend.

Motto

  • 11 Pantsergeniebataljon: ‘Pertinaciter Eluctandum’ - ‘Volhardend zijn om te kunnen overwinnen’, oftewel: stug doormodderen’. 
  • 41 Pantsergeniebataljon: ‘Facta non verba’ - ‘Doen, niet praten’
  • 101 Geniebataljon: 'Aut bene aut non' - 'Of goed, of niet' 

Lied: Mineurslied

Eerste-luitenant Zwart componeerde tussen 1915 en 1920 de defileermars ‘De Kolonel Heemskerck van Beestmarsch’. Het laatste couplet wordt ook wel het ‘Mineurslied’ genoemd. Genisten zingen dit lied bij speciale gelegenheden.

Wij zijn de mineurs van het Nederlandse leger,
En onze naam is overal bekend…
Sodeju!
Wij dragen ’n jas met goudgehelmde knopen,
De pikhouweel is ons niet onbekend…
Sodeju!
En iedereen die mag het weten,
Wij krijgen vanavond uienrats te eten,
En moeder de wasvrouw staat aan de deur,
Dat is de roem van elk mineur (2x),
Sodeju!

Trio Mineurslied


Sociale Media

Achtergrondinformatie