]> Geschiedenis IGK | Ministerie van Defensie

Ministerie van Defensie. Ga naar hoofdmenu / submenu / content / zoekveld.

  1. Inspecteur-Generaal der Krijgsmacht

Geschiedenis IGK

De historische wortels van het instituut Inspecteur-Generaal der Krijgsmacht (IGK) gaan terug tot 13 september 1945.

Prins Bernhard met groene baret

Op die dag werd prins Bernhard benoemd tot Inspecteur-Generaal van de Koninklijke Landmacht (IGKL). Het ging hier om een nieuwe functie. Weliswaar kende ook in de negentiende eeuw het Nederlandse leger een inspecteur-generaal, maar de inhoud van die functie vertoonde geen gelijkenis met de rol die de prins kreeg toegewezen. In tegenstelling tot de inspecteur-generaal in de negentiende eeuw kon de prins het beleid niet bepalen, maar moest zich beperken tot het geven van adviezen aan de minister van Oorlog.

Nieuwe functie
De functie van IGKL stelde hem ruimschoots in de gelegenheid zijn militaire kennis en ervaring in praktijk te brengen. Als inspecteur-generaal had hij de taak zich een oordeel te vormen over alle vraagstukken over de opbouw en oefening van de landmacht, en de minister van Oorlog daarover te adviseren.

De prins, die zich met veel elan op zijn nieuwe functie stortte, deed echter meer. Hij maakte zich onder meer ook sterk voor modern leiderschap en bepleitte de mogelijkheid voor onderofficieren om door te stromen naar de officiersrangen.

In april 1945 werd de staf gehuisvest op de huidige locatie ‘De Zwaluwenberg’ bij Hilversum. Onmiddellijk na de installatie op ‘De Zwaluwenberg’ bracht de chef van de Generale Staf, luitenant-generaal mr. H.J. Kruls, alle commandanten van landmachteenheden op de hoogte van de bevoegdheden van de inspecteur-generaal.

In december 1946 werd de prins ook aangesteld als Inspecteur-Generaal van de Koninklijke Marine (IGKM). Toch slokte de landmacht in die tijd de meeste aandacht op, al was het maar vanwege de ontwikkelingen in Nederlands-Indië. Daarbij legde de prins vaak de vinger op de zere plek. Omstreeks 1950 viel het de toenmalige minister van Oorlog en Marine op dat de prins veel belangstelling had voor de arbeidsomstandigheden van het personeel. De bewindsman raadpleegde de inspecteur-generaal dan ook veelvuldig.

Uitbreiding functies

Het aantal functies van prins Bernhard breidde zich in 1953 nog verder uit. Naast IGKL en IGKM mocht hij zich nu ook Inspecteur-Generaal van de Koninklijke Luchtmacht (IGKLu) noemen, een gevolg van het feit dat de luchtmacht in dat jaar een zelfstandig krijgsmachtdeel werd. Hoewel de ministeries van Oorlog en Marine al in 1959 in 1 ministerie van Defensie waren opgegaan, zou het tot 1 januari 1970 duren, voordat de 3 functies van de prins werden samengevoegd tot de functie van Inspecteur-Generaal der Krijgsmacht (IGK). In september 1976 trad de prins, als gevolg van de Lockheed-affaire, af als IGK en werden alle formele banden met de krijgsmacht verbroken.

Het aftreden van prins Bernhard betekende niet het einde van het instituut IGK. De adviesfunctie van de IGK kreeg een meer structureel karakter en werd verder versterkt door   maatregelen zoals het bespreken van de aanbevelingen IGK in het Politiek Beraad, het betrekken van ervaringen en aanbevelingen IGK bij de beleidsontwikkelingen en het vaststellen van bijzondere aandachtspunten door de bewindslieden.

Vanaf het aftreden van prins Bernhard tot heden is de functie van IGK vervuld door opperofficieren in de rang van luitenant-generaal/vice-admiraal, afkomstig van de Koninklijke Landmacht, Koninklijke Marine en Koninklijke Luchtmacht.


Sociale Media